Welkom op het Leidseplein. Decor van decadentie

Vrijdagavond Leidseplein. Beeld Jean-Pierre Jans

Trouw bezoekt deze zomer plekken die bezongen, beschreven of geschilderd zijn door kunstenaars. Vandaag aflevering 3: de plek die vroeger opdook in smartlappen, maar nu heel vaak in Nederlandstalige hiphopteksten. Het Leidseplein, metafoor voor het leven.

In lijn 5 schalt die stem, onmiskenbaar herkenbaar voor iedereen die weleens in een Amsterdamse tram heeft meegereden. Na de *ping* hoor je: “Leidseplein - Leidse-square, entertainment area” Het is gebruikt als intro van het nummer ‘Een barkie’ van De Jeugd van Tegenwoordig (2013). Een ‘barkie’ is een Surinaams leenwoordje: het staat voor 100 euro. Die euro’s gaan alle honderd op, met gemak, deze avond rond het Leidseplein, het decor van ‘Een barkie’ en opvallend veel vaker decor in Nederlandse rapnummers.

Nu zijn er gezelliger terrasjes te bedenken dan die toeristententen waar je vijf euro voor een Heineken stukslaat, opgepropt in dat driehoekje tussen het Hirschgebouw, de Stadsschouwburg en de grote glazen pui van coffeeshop The Bulldog.

Er zijn mooiere pleinen om overheen te flaneren in Amsterdam dan die rommelige plek, die bodemloze bouwput waarop trams, taxichauffeurs, voetgangers, fietsers en oprukkende terrasstoelen voortdurend strijd leveren. En er zijn laagdrempeliger, hippere clubs te vinden, aan de rand van de stad, of zelfs op het concurrerende Rembrandtplein, een kilometer verderop.

Gezien worden

Het befaamde Leidseplein: voor veel Amsterdammers ei-gen-lijk een no-go-area. Niet voor hiphoppers uit de hoofdstad. Zij gedijen daar uitstekend, tenminste, als we de teksten van de rappers mogen geloven. Het Leidse is hun natuurlijke habitat. Zelden zul je ze horen over de geneugten van het Rembrandtplein, en al helemaal niet over kroegjes in het Eindhovense Stratumseind, de Groningse Poelestraat of het Rotterdamse Stadhuisplein.

We stappen uit de tram en lopen eerst de hoek om, de drukte van de Lange Leidse Dwarsstraat in. Daar viert Lil avond na avond feest, in het Cooldown Café, ingedrukt tussen de vele goedkope eettentjes. Zou het oorzaak of gevolg van Lil’ Kleine’s spendeerzucht zijn dat het café ‘De Kleine’ als ondertitel heeft? In zijn recente hit ‘Je Gaat Zo Dik’ (2017) roept Kleine zijn fans op al hun studiefinanciering er in één avond doorheen te rammen, om net zo ‘dik’ als hij te kunnen gaan. Dat kan volgens Lil’ Kleine nergens beter dan in de Cooldown, zo’n café waar op de deur op drie manieren staat geschreven hoe mensen er geweigerd kunnen worden.

Het Leidse, in de nacht, is een plek om gezien te worden. Maar ook een plek om te verdwijnen. Na het indrinken in de Cooldown hobbel je door naar de exclusieve Jimmy Woo, waar het alleen al statusverhogend werkt als je die smalle, donkere deur binnenkomt, onder die omineuze Chinese tekens. Dat leerde Willy Wartaal ons al in ‘Shenkie’ van de Jeugd van Tegenwoordig (“ík hop hip als een konijn in de Jimmy Woo”). Daarbinnen wil je, nee, moet je gezien worden als je iets voorstelt in de Nederlandse rapgame. Het is dé plek om je verdiende royalties te verbrassen aan bottleservice Hennesy, net als The Opposites in feestklassieker ‘Dom, Lomp en Famous’ (2007).

Rapformatie Yung Internet eert het plein in hun druggy ‘Prins van het Plein’, Yelli rapt zelfs er begraven te willen worden, daar ‘tussen de Bulldog en de Burgerking’. Hij is niet de enige, ook Donnie ziet daar het liefst zijn laatste rustplaats, mocht uitgaan zijn dood worden, rapt hij in ‘Was mijn handen in Grey Goose’ (2015).

Sisyphus-arbeid

Altijd weer het Leidseplein. Decor van decadentie. Het is een cliché, maar nog altijd waar: platte pronkzucht blijft een voornaam thema in de rapmuziek.

Fresku is wat dat betreft a-typisch. Niet alleen omdat hij níet uit 020 komt. De Eindhovenaar neemt samen met kompaan Teemong de hippe scene rond het Leidse op de hak in zijn ‘Op de hoogte’ (2012): “…waar ik superelitair m’n dingen doe / iedereen is jaloers op m’n hippe crew / lekker rondhuppelen in m’n skinny broek / scheuren in m’n broek met m’n nieuwe vintage look / chillend in de Jimmy Woo”.

Maar daarnaast is het Leidseplein niet alleen een plek om te pronken. Veel rappers zijn zelfbewust genoeg om vraagtekens te zetten bij hun zinloze hedonistische zoektocht. Want altijd volgt de kater in de ochtend (of twee, drie ochtenden later). Dat feesten nu eenmaal is wat ze doen, wil niet zeggen dat het altijd leuk is. In veel nummers met het Leidseplein als decor klinkt iets dubbels door. We horen een zekere vermoeidheid in het telkens weer uitgaan, telkens weer dezelfde avonden, telkens weer dat dronken drama, waarin Vjeze zelfs belandt als hij eigenlijk onderweg is naar huis (‘Er Zijn Weer Dingen’).

Uitgaan als Sisyphus-arbeid. Zeker niet altijd leuk. Zien en gezien worden is ook maar een vorm van escapisme, om maar even niet geconfronteerd te worden met de ellende van alledag, zo stipte De Jeugd van Tegenwoordig aan in hun klassieker ‘Huilend naar de Club’ (2010).

Want: “iedereen weet, als het goed met me gaat zit ik thuis / want thuis heb je geen coke / geen hoeren geen sletten geen ho’s / geen, wodka spa rood / geen, MDMA ook” rapt Willy Wartaal.

Write what you know: het eigen leven is de voornaamste inspiratiebron van veel Nederlandse rappers. Dat is één reden waarom we het Leidseplein zo vaak terugzien in Nederlandse rapteksten. Maar ook omdat dat driehoekje even voorbij Het Singel zoveel meer is dan een uitgaansgebied. Zie het Leidseplein als metafoor voor de levens van veel rappers, metafoor voor een zoektocht naar genot, waarbij iedereen weet dat de club altijd sluit.

Lees ook: De magie van de Wodanseiken
Lees ook: Een groot dichter van het kleine

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden