economie

Wel een vaste baan, maar niet uit de bijstand. Hoe kan dat?

Bertina Bonder (links) samen met een collega aan het werk op de Universiteit Twente.Beeld Koen Verheijden

Een baan vinden was voor mensen met een arbeidsbeperking altijd al moeilijk. Maar sinds de Participatiewet is het nog ingewikkelder geworden. Wie een vaste baan vindt, komt vaak niet uit de bijstand. En wie een lichte beperking heeft, verliest vaak na twee jaar zijn baan. Hoe komt dat?

"Ik mag het hartstikke graag", klinkt het om de vijf minuten tijdens het boenen. De in Enschede geboren Bertina Bonder (48) is dolblij met haar functie als schoonmaker met een arbeidsbeperking.

Sinds anderhalf jaar werkt ze, na jaren in de bijstand te hebben gezeten, bij schoonmaakbedrijf Asito. Vijftien uur in de week maakt Bonder kantoren schoon op Universiteit Twente, waar ze een uurtje langer over haar werkzaamheden mag doen dan haar collega's.

Maar met die vijftien uur raakt ze niet uit de bijstand. "Sommige maanden kan ik wat uren extra werken. Als dat niet het geval is, verdien ik zo'n 600 euro en moet de gemeente de rest van mijn inkomen aanvullen.

Het is de realiteit voor veel mensen die jarenlang in de bijstand zaten: in de vacaturelijst voor hen staan voornamelijk baantjes voor een paar uur in de week, om ritme op te bouwen. Om uit de bijstand te komen is een tweede baan nodig.

Arbeidersbeperking
Voor Bonder speelt nog mee dat ze bij de gemeente Enschede geregistreerd staat als iemand met een arbeidsbeperking. Onzin, zegt ze zelf. "Ik werk harder dan de meesten hier. Het enige wat ik lastig vind, is omgaan met computers. Dat maakt het solliciteren op een tweede baan moeilijk."

Maar wie geregistreerd staat als iemand met een arbeidsbeperking vindt sinds het ingaan van de Participatiewet in januari vorig jaar nog moeilijker dan voorheen een baan, ziet Divosa, vereniging van leidinggevenden van sociale diensten. Het kabinet en sociale partners spraken af voor 2026 125.000 banen te creëren voor mensen met een ziekte of handicap. Halen ze deze 'banenafspraak' niet, dan hangt werkgevers een boete boven het hoofd.

"Er ontstaat een tweedeling", zegt Divosa-voorzitter René Paas. "Werkgevers durven het vaak niet aan met mensen die in aanmerking komen voor een participatiebaan, vanwege hun enorme beperkingen en de begeleiding die ze nodig hebben. En mensen met een lichte arbeidsbeperking nemen ze liever niet in dienst, omdat die niet meetellen voor de banenafspraak. Dan steek ik er zoveel moeite in en krijg ik misschien alsnog een boete, denken ze dan. Ik hoorde laatst al dat een gemeente aan werkgevers die dreigen af te haken aanbiedt de boete te betalen."

Durven werkgevers het wel aan met iemand die een beperking heeft, maar niet onder de banenafspraak valt, dan doen ze dat vaak voor maximaal twee jaar. Daarna zijn zij wettelijk verplicht de werknemer een vast contract aan te bieden, wat werkgevers liever uit de weg gaan.

Nieuwe bedrijfscultuur
Bij schoonmaakbedrijf Asito is het afscheid al na anderhalf jaar, om anderen in de doelgroep een kans te geven. "Dat vinden we soms lastig uit te leggen aan onze medewerkers. Die zeggen dan: 'Jij neemt weer iemand aan die uit de bijstand komt, maar daardoor beland ik er weer in'." Zo pakken meer bedrijven het aan, waardoor een kwetsbare groep om de anderhalf of twee jaar op zoek moet naar werk, of bij gebrek aan vacatures weer in de bijstand belandt.

Niet ideaal, weet de gemeente Enschede. Want mensen met een beperking wennen moeilijk aan een nieuwe bedrijfscultuur, is de ervaring. Daarbij, zegt voorzitter Paas van Divosa, drijven mensen die weer werkloos thuiszitten de kosten van gemeentes op omdat ze vaker beroep doen op gemeentelijke voorzieningen.

Asito voelt zich verantwoordelijk voor deze doelgroep en kijkt met andere grote schoonmaakbedrijven naar de mogelijkheid om personeel uit te wisselen. Om er een tweede baan uit te slepen vanwege de kleine contracten in de schoonmaak, of om complete terugval in de bijstand te voorkomen.

Banen stapelen zit er voor schoonmaakster Bertina Bonder niet in, verwacht de gemeente Enschede. Bonder is dus aangewezen op haar schoonmaakbaantje bij Asito. Maar haar derde tijdelijke contract loopt volgende maand af. Staat ze dan ook op straat?

Beeld Koen Verheijden

Op het eerste gezicht wel. "Je moet wel echt een pareltje zijn, willen we je houden", zegt HR-directeur Van Leeuwen. Maar na wat gebel, gesprekken met de gemeente en nog meer gebel blijkt de situatie anders te liggen. Bonder kan op eigen houtje het minimumloon niet verdienen en valt onder de banenafspraak. Ze krijgt een vast contract van vijftien uur.

Blij zal ze niet zijn. "Ik wil van die uitkering af", zegt ze een paar keer tijdens het leeghalen van de prullenbakken in een docentenkantoor. Zijn het de regeltjes waar ze aan moet voldoen? "Nee, ik wil er gewoon uit!" Waarom precies dan? "Omdat ik eruit wil. Ik wil werken!" Die voor haar lastig uit te drukken wens om uit de bijstand te komen en volwaardig op de arbeidsmarkt mee te draaien, zal met die vijftien uur in de week helaas nooit uitkomen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden