Wel de beste, geen legende

Vereerd als Vegard Ulvang en Björn Dühlie zullen ze in Noorwegen nooit worden. Hoeveel medailles Lasse Kjus en Kjetil Andre Aamodt op de steile berghellingen ook bijeen skiën, nimmer bereiken ze de status van de bij leven al legendarische skilopers.

Rob Velthuis

Alpineskiën is in Noorwegen nu eenmaal een wat elitaire bezigheid, een sport voor snobs en stadslui, waar het merendeel van de Noren zich vooral verbonden voelt met de stilte in de natuur. Het feit dat een aantal skimiljonairs is uitgeweken naar belastingparadijs Monaco heeft die situatie er niet beter op gemaakt. Zelfs de revival van het Noorse skiën tijdens de WK in Vail de afgelopen twee weken, kan daar weinig aan veranderen.

Internationaal gezien was daar het presteren van Lasse Kjus een openbaring. Hij won goud op reuzenslalom en super G en zilver op de combinatie, afdaling en slalom. Op dat laatste onderdeel gaf hij gisteren zelfs goud uit handen. Na de snelste eerste manche werd Kjus verslagen door de boven zichzelf uitstijgende Fin Palander.

Ondanks die 'nederlaag' overtrof Kjus het record van twee goud en twee zilver van de Zwitser Pirmin Zurbriggen in 1987 tijdens de WK in Crans Montana. Het was voorts meer dan de helft van de totale Noorse productie die in Amerika op negen medailles uitkwam. Een podiumplaats op alle vijf onderdelen, zo allround had een skier zich voorheen nooit getoond.

Vrijwel altijd stond Kjus in de schaduw van zijn vriend Aamodt met wie hij al sinds zijn zesde strijdt. Samen wonnen zij liefst 26 medailles op WK's en Winterspelen. En domineerden al eens het algemeen klassement van de wereldbeker, waarin ze dit seizoen als eerste en tweede staan geklasseerd. Nog altijd is Kjus hongerig. Tijdens de grote kampioenschappen had hij in dit decennium immers slechts één maal getriomfeerd, op de niet zo hoog aangeschreven combinatie tijdens de Winterspelen van 1994 in eigen land. Met twee keer zilver in Nagano '98 was hij in zijn team eigenlijk een uitzondering, daar de Noren in Japan door een diep dal gingen.

Een uitzondering is Kjus sowieso altijd geweest. Of meer een breekbaar kasplantje binnen een kleine groep hoogbegaafde topskiërs. Door een chronische voorhoofdholte ontsteking liep zijn sportieve loopbaan meermalen averij op. Slechts zijn onverwacht goede presteren in Nagano deed hem besluiten zijn carriere voort te zetten. Waarbij de 28-jarige Noor profiteerde van de nieuwe impulsen die het Noorse alpineskien kreeg met de komst van de Duitse hoofdtrainer Osswald. Hij leidt het team van tien fulltime coaches dat ter beschikking staat van de dertien wereldbekerskiers.

Een belangrijke pion daarin is de vorig seizoen in dienst getreden conditietrainer Kjetil Vigre, een Noorse fitnessgoeroe. Hij werkte voorheen voor speciale opleidingsteams van politie en leger en is niet bekend binnen de prestatiesport. Waardoor Vigre zijn onorthodoxe ideeën onbevangen kan doorvoeren. Zo laat hij de skiers op een dag onaangekondigd in twintig verschillende sporten tegen elkaar strijden. Van boogschieten tot discuswerpen, van judo tot veldlopen. Die methode heeft ze veelzijdig gemaakt en conditioneel en mentaal sterk. ,,De perfecte race kan je in je geest vinden'', stelt Kjus.

Hij moet zich na zijn triomf op de reuzenslalom van vrijdag zelfs op zijn zwakste onderdeel, de slalom, onverslaanbaar hebben gevoeld. Hij sprak toen van zijn grootste triomf ooit. ,,Ik vind de reuzenslalom het mooiste. Daarop is volgens mij de concurrentie het grootst.'' Een skier die niets te verliezen had, bleek gisteren weer eens het gevaar uit onverwachte hoek. Maar ook Palander alleen kon niet verhinderen dat Kjus de grootste WK-skiër aller tijden werd. De Noren zullen ermee moeten leren leven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden