Weinig animo voor regionale cao

Een regionale toeslag zou een tekort op de arbeidsmarkt kunnen oplossen. Maar het blijft symptoombestrijding, vindt hoogleraar Van Dijk.

Laura van Baars

Moet een politieagent in ’t Gooi of aan de Vecht meer verdienen dan een agent in Groningen? Die vraag lag gisteren op tafel bij de Nederlandse Politie Bond. Want agenten in ’t Gooi betalen maandelijks wel honderd euro meer voor een woning dan in Groningen. En dat verschil zou gecompenseerd moeten worden om de agenten in de dure Gooi- en Vechtstreek te behouden.

De politiebond besloot dat op dit moment andere cao-voorwaarden prioriteit hebben. De loonstijging van 3,5 procent bijvoorbeeld, of een compensatie voor avonddiensten. Het voorstel voor een regionale cao is dus voorlopig van tafel. Voorzitter Hans van Duijn: „Maar als de onderhandelingen met minister Ter Horst van binnenlandse zaken en de politie niet goed verlopen, komt het wellicht toch weer ter tafel.”

Behalve in de politiebond, is het onderwerp van de regionale cao ook weer terug in het onderwijs. Om het lerarentekort op vmbo en beroepsopleiding in de grote steden aan te pakken, wil minister Plasterk leraren in de vier grote steden en Almere een loontoeslag aanbieden tussen de 6,5 en 10 procent. De regionale concurrentiepositie op de arbeidsmarkt moet zo versterkt worden.

„Symptoombestrijding”, noemt hoogleraar regionale arbeidsmarktanalyse Jouke van Dijk de regionale toeslagen. Als werkomstandigheden zo zwaar worden dat leraren die niet meer aankunnen, moet het arbeidsklimaat worden aangepakt. En als het voor een agent te duur wordt om in de Gooi- en Vechtstreek te wonen en te werken, dan moet die huizenmarkt veranderen. Niet het salaris.”

Regionale cao’s leiden volgens Van Dijk tot ongewenste concurrentievervalsing. „Iedere regio heeft zijn eigen voordelen en nadelen. Die moet je niet via looncompensatie proberen op te heffen. Je moet die verschillen juist laten voortbestaan om arbeidspotentieel over Nederland te spreiden. Mooier en goedkoper wonen in Groningen, maar meer economische activiteit in de Randstad.”

De lerarenvakbond AOb deelt de kritiek van Van Dijk. De AOb vreest dat geld dat bedoeld is voor het onderwijs, gebruikt wordt om een arbeidsmarktprobleem op te lossen. De bond is het dan ook niet eens met het plan om een regionale cao voor leraren af te sluiten. „De door Plasterk voorgestelde salarisstijgingen moeten voor een deel door de onderwijssector zelf worden opgebracht”, zegt woordvoerder Robert Sikkes. „Wij hadden juist op extra geld gehoopt.” De AOb ziet daarom liever dat de bestaande regelingen om leraren een toeslag te geven beter worden benut. „Het basisonderwijs krijgt bijvoorbeeld budget om 10 procent van het personeel in een hogere schaal te belonen, maar dat gebeurt maar bij 1 procent.”

Regionale cao’s leiden volgens de AOb bovendien tot onwenselijke situaties. Sikkes: „Zo krijgen leraren op een vmbo in de Haagse Schilderswijk ineens meer betaald dan op een school in Dordrecht, terwijl op beide scholen dezelfde problemen spelen.”

Regionale compensatie komt in Nederland tot nu toe nog niet voor. In het buitenland zijn regionale extraatjes wel gebruikelijk. In de VS bevatten arbeidscontracten cost of living adjustments, ofwel aanpassingen van het loon als de werknemer naar andere delen van het land verhuist. Ook in steden als Londen of Dubai is het gebruikelijk om de werknemers vanwege de hoge woonkosten housing allowance te geven. „Begrijpelijk, want het leven is daar ook aanmerkelijk duurder dan in de rest van het land”, zegt Sikkes. „Maar dat is in Nederland niet het geval. Nederland is te klein en te mobiel voor regionale cao’s.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden