Weg met dat geheim, eindelijk

Psychische aandoening? Veel mensen zwijgen erover op hun werk. Ambtenaar Marieke Sweens vertelde wel over haar borderlinestoornis: 'Er was een steen van mijn maag.'

IRIS PRONK

Kijk eens naar uw collega's. Van hun fysieke gezondheid heeft u waarschijnlijk wel een beeld: de een heeft suikerziekte, de ander een zwakke rug. Een fitte sporter brak zijn voet na een smak met de racefiets.

Maar weet u ook of ze lijden aan een depressie of dwangstoornis? Vertellen ze weleens over de psychotherapie die ze volgen op hun vaste vrije dag of over de medicatie die ze gebruiken omdat ze manisch-depressief zijn?

De kans is best groot dat u op die laatste vragen 'nee' moet zeggen. Psychische aandoeningen zijn doorgaans niet zichtbaar en nog altijd taboe. Meer dan de helft van alle werknemers met een geestesziekte of psychische kwetsbaarheid verzwijgt die voor zijn baas en collega's. Misschien doet u dat zelf ook. Misschien neemt u vakantiedagen op of fingeert u griep op donkere dagen.

Marieke Sweens (48), momenteel intern trainer bij een gemeente, verhulde ook jarenlang dat ze een borderline-persoonlijkheidsstoornis heeft. Terwijl de ziekte haar flink kan dwarsbomen: soms voelt ze hevige stress en paniek, als alles tegelijk moet en er van alle kanten informatie, e-mails en vragen op haar worden afgevuurd. Dan spoken er "drie miljoen gedachten" door haar hoofd en kan haar stemming wisselen van heel vrolijk tot diep dal. In die toestand valt het haar zwaar om te doen wat haar leidinggevende en collega's van haar verwachten.

Lange tijd worstelde ze in stilte, ook op advies van een therapeut die zei: 'Je moet het maar niet zeggen, dan gooi je je eigen glazen in.' Maar op zekere dag besloot Sweens niet langer met een geheim rond te willen lopen. Ze had net gehoord dat ze borderline had - voordien luidde haar diagnose 'depressie' - en was daar zelf erg van ondersteboven. "We hadden een afspraak 's ochtends vroeg. Mijn manager had nauwelijks haar jas uit, toen ik er al uit flapte: 'Ik heb borderline'. Het enige wat zij toen zei, was: 'Oh. Had je verder nog iets?'"

Na deze onderkoelde reactie droop Sweens af, onzeker. "Ik dacht: Nou heb ik het gezegd, maar hoe gaat ze me nu zien? Denkt ze dat ik een idioot ben, dat ik niks meer kan? Allerlei angstige gedachten vlogen door mijn hoofd. Maar ik voelde ook: het is prettig om het wél te vertellen. Er is een steen van mijn maag."

Met haar manager kwam ze er niet meer op terug, met andere collega's werd haar ziekte wel bespreekbaar. Vanaf dat moment kon ze makkelijker aangeven wat zij nodig had om haar werk goed te doen: een koptelefoon om zich te concentreren. Af en toe een thuiswerkdag. Af en toe tegen haar collega's kunnen zeggen: "Ik ben vandaag met stress van huis vertrokken en nu raak ik over de rooie van dit nare e-mailtje."

Haar coming-out had een positief effect op haar gezondheid, zegt Sweens, die naast haar 24-urige baan als ambtenaar inmiddels ook een eigen coachingsbedrijfje heeft, Poco Loco, een tikkeltje gek. "Ik ontdekte dat andere mensen ook stress krijgen van nare e-mailtjes. Ik begon me minder ziek te voelen. Ik kreeg zelfvertrouwen: mijn reacties zijn misschien extreem, maar ik ben oké." Ze kon haar werk ook beter doen nu ze niet meer zo krampachtig bezig was met het verstoppen van haar 'geheime ik'. "Het geheim gaf extra druk en extra last. Na mijn bekentenis was ik meer ontspannen en flexibel."

undefined

Geen promotie

Deze ervaringen motiveerden haar tot het schrijven van 'Werken als een gek. Dé handleiding voor werken met een psychische aandoening'. Het boek voor werknemers en werkgevers, met voorwoord van minister van volksgezondheid Edith Schippers, wordt maandag gepresenteerd op het Depressiegala in Amsterdam. Het laat zich lezen als een pleidooi voor meer openheid over psychische aandoeningen, en bevat tips om een coming-out beter voor te bereiden dan Sweens zelf deed.

Maar lopen mensen die haar voorbeeld volgen geen grote risico's? Op ontslag, degradatie, stigma's? Dat valt helaas niet uit te sluiten, zegt Jaap van Weeghel, wetenschappelijk directeur van kenniscentrum Phrenos en hoogleraar 'rehabilitatie van psychiatrische patiënten' aan de universiteit van Tilburg. "Mensen verzwijgen hun aandoening op goede gronden. Een bekentenis kan nare reacties oproepen. Bijvoorbeeld: Als ik dat geweten had, had ik je nooit aangenomen." Uit Brits onderzoek blijkt ook dat mensen met een psychische stoornis vaker worden gepasseerd voor promotie of een baan, al gaat dat heel subtiel: voor de afwijzing is zogenaamd een andere reden.

Vanwege de wijdverbreide vooroordelen zou Van Weeghel lang niet iedereen adviseren om op zijn werk open te zijn over zijn psychische aandoening. "Als je redelijk goed kunt verbergen dat je depressief bent of psychotische beelden ziet, dan hoef je het misschien niet te doen."

undefined

Sociaal hart

Het is een persoonlijke afweging: een geheime aandoening kan veel spanning, vakantiedagen en smoesjes kosten. Wie niet vertelt dat hij ziek is, kan ook niet vragen om maatregelen die het werk vergemakkelijken. Wie het wel vertelt, moet dealen met stigma en onbegrip, misschien met een werkgever die uitstraalt: 'Met jou kocht ik een kat in de zak'. Al zijn er, zegt Van Weeghel, "ook veel werkgevers en collega's met een sociaal hart. Die hebben bijvoorbeeld een familielid met een depressie."

Hij pleit vooral voor een bewuste keuze, reden waarom zijn kenniscentrum 'Verzwijgen of vertellen' uitbracht, een brochure naar Engels voorbeeld voor werknemers met een psychische stoornis. Die helpt mensen om hun beslissing te nemen en vermindert stress daarover. Van Weeghel plaatst een kanttekening: "Uit Engels onderzoek bleek dat mensen hierdoor inderdaad een bewust besluit namen dat goed bij hen paste. Bijvoorbeeld om het aan die ene collega wel te vertellen en aan de rest niet. Maar vervolgens durfden ze het toch niet."

Pionier Sweens durfde het wel, ze staat maandag met haar borderline op het podium en vandaag in de krant. Al vindt ze die openheid, zegt ze, "nog steeds doodeng".

undefined

Hoe vertel je het?

Veel mensen vertellen niemand op hun werk dat ze een psychische aandoening hebben. Anderen vertellen het wel aan iedereen. Tussen deze twee uitersten zitten allerlei schakeringen, zegt Jaap van Weeghel van kenniscentrum Phrenos. Timing is belangrijk: het sollicitatiegesprek is géén goed moment. Bedenk ook wát je vertelt, zegt Marieke Sweens, auteur van 'Werken als een gek'. "Vertel wat de invloed is van je stoornis op je werk. Hou het zakelijk, treed niet in details. Zeg bijvoorbeeld: 'Ik ben soms labiel, heb slechte dagen, maar dan kan ik dit en dit wél'."

undefined

68 procent werkt

Van alle Nederlanders tussen de 16 en 64 jaar heeft 43,5 procent ooit in zijn leven last van een psychische aandoening. Jaarlijks ontwikkelen 190.000 volwassenen een nieuwe stoornis in de geest. Daarbij gaat het vooral om een angststoornis (143.800), depressie (135.600) en verslaving (83.000, vooral aan alcohol). Vaak krijgen mensen meerdere aandoeningen tegelijkertijd. Een groot deel van deze mensen blijft wel werken. Volgens een Oeso-rapport uit 2014 heeft 68 procent van de Nederlanders met een gemiddelde tot zware pyschische stoornis een betaalde (deeltijd)baan.

Marieke Sweens heeft een borderline-persoonlijkheidsstoornis. Haar coming-out had een positief effect op haar gezondheid.

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden