'Wees niet bang voor al te grote dromen'

Freek de Jonge wordt vandaag 70. "Het leven is niet ongemerkt aan ons voorbij gegaan."

Les 1

Wees trouw

"Mijn vader, een dominee, en mijn grootvader hadden allebei een sterk geloof. Ik heb mij daar nooit zo tegen afgezet. Ik dacht altijd: Wat verlies je als je dat aan de kant zet? En dan kom ik tot de conclusie dat er tot nu toe niets voor in de plaats is gekomen.

Kunnen hoop en liefde zonder geloof? Nee, dat is geen teleurstelling, het is een vaststelling. Ik heb zelf nooit enig geloof gehad, het heeft mij nooit iets gezegd. Mijn thematiek is door de jaren heen steeds meer richting 'de secularisatie' gegaan. Dat betekent niet dat ik de idealen van toen heb losgelaten; ik heb het socialistische ideaal, waarin ik een tijd geloofde, gedeeltelijk laten varen, maar ik ben op sommige vlakken nog altijd een linkse jongen. Over volksverheffing denk ik nog precies hetzelfde. Ik geloof er heilig in om mensen wijzer te maken. Het probleem is alleen: ik heb makkelijk praten. Ik heb geld op de bank, ik woon mooi. Dat mijn thematiek verschoof, is een logisch gevolg van hoe de maatschappij zich heeft ontwikkeld, niet van hoe ik me zelf heb ontwikkeld. Ik ben nooit opgegaan in een bepaalde zuil, ik ben altijd onafhankelijk geweest."

Les 2

Aanvaard het lijden

"Het leven is niet ongemerkt aan ons voorbij gegaan. Drie maanden geleden hebben we onze kleindochter verloren. We zitten midden in de rouw. Natuurlijk roept dat herinneringen op aan het verlies van onze eigen zoon, die overleed toen hij drie maanden was. Hij ligt op Texel begraven. Wij gaan daar nu om de dag naartoe, voor het overlijden van onze kleindochter waren we er één keer geweest. Ik beleef dat nog weer anders dan mijn vrouw. Logisch, zij heeft hem negen maanden gedragen.

Onze kleindochter hebben we hier in Muiderberg begraven. Pas geleden kwamen mensen van de kerk een bloemetje brengen. Ze wilden ons kennelijk een steuntje in de rug geven. Ik weet niet of ze dat moment bewust hebben gekozen. Misschien waren we gewoon aan de beurt, misschien wilden ze ons bij de kerk betrekken. Maar ik kan niet meer treden in de kerk mijns vaders. Ik kan het geloof als instituut niet aanvaarden, omdat het verworden is. Het geloof in hemel en hel - het is voor mij een gepasseerd station.

Dat wil niet zeggen dat ik de enorme behoefte aan religiositeit niet zie. Zoals wij nu die rouw over ons kleinkind beleven, en andere mensen rouwen over de slachtoffers van dat neergehaalde vliegtuig. Religie heeft ook de functie onderbuikgevoelens te sturen. Zo van: niet gelijk erop slaan, eerst even rustig aan. Wat dat betreft schiet het humanisme tekort. Het humanisme is in wezen niet in staat een moraal te definiëren. Ik heb me daar nooit toe bekeerd, ik zie dat niet als plaatsvervangende religie. Het is een manier van leven zonder het hogere, met meer verantwoording aan jezelf. Maar daar is lang niet iedereen toe in staat. We zijn dat ook verleerd: een moraal aan elkaar doorgeven. Mijn vrouw stond vroeger als klein kind te kijken hoe haar moeder kleren in elkaar zette. Mijn dochter niet meer - daar vergelijk ik het vaak mee. De continuïteit is verloren gegaan.

Het is niet voor niks dat de islam fundamentaliseert. Als je niet radicaal vasthoudt aan een hoger doel, dan begeef je je op een hellend vlak en roep je het onheil over jezelf af. Want zodra er een Luther opstaat, is de verlichting nabij. Met andere woorden: het idee van de mens om iets boven ons te stellen, is het beste idee dat we ooit hebben gehad. Geen verantwoording hoeven afleggen leidt tot egoïsme of hedonisme. Ik moet mijn spoor houden. Dan komt het aan op discipline. Tijdens een optreden produceert mijn lichaam hormonen waaraan ik verslaafd ben. Als ik een paar maanden stop, voel ik het tekort. Dat zou me kunnen doen grijpen naar vervangers. Maar dat sta ik mezelf niet toe.

Ik aanvaard het lijden, maar ik mag niet lijdzaam zijn, ik moet leren van wat me is overkomen. Zelfs van wat me kán overkomen. Als ik in de auto rijd en ik zie in het voorbijgaan dat er een ongeluk is gebeurd, dan denk ik: O, ik word gewaarschuwd. Dat klinkt heel calvinistisch, maar zo voel ik het."

Les 3

Houd de geest open

"Mijn vader was orthodox in de leer, maar tamelijk vrijzinnig in zijn idee hoe er geleefd moest worden. Zijn denken was gevormd door professor Gerardus van der Leeuw die Vergelijkende Godsdienstwetenschappen doceerde. Die openheid, begrip opbrengen voor anderen, heb ik meegekregen. Al snap ik de anderen ook niet altijd. Als mensen zich niet laten inenten vanwege iets dat in de bijbel staat, maar het leven wel eindeloos rekken met moderne apparatuur.

Ik denk dat alles doorgaat als ik er niet meer ben. Toen ik jong was had ik nog wel eens finalistische gedachten, het idee dat met mij de wereld zou eindigen. Ik denk nu dat ze na mij nog wel een tijdje doormodderen. Geen idee wanneer het eindigt. Wanneer het is begonnen weet ik ook niet. Hooguit heb ik enig zicht op de periode waarin ik zelf leef. Het besef dat ik geen begin en geen einde kan overzien, houdt de geest open."

Les 4

Omring je met wijsheid

"In de verschillende stadia van het leven moet je worden gevoed door mensen die dat al hebben meegemaakt. Zo is ouderdom iets wat ik heb moeten leren. Ze zeggen: ouderdom gaat vanzelf, maar ouderdom gaat helemaal niet vanzelf. Het gaat van auw! Dat geldt zowel voor het lichaam als voor de geest. Ik heb moeten leren wat geduld is, wat tijd is, rust. Ik voel nu dat er onherroepelijke grenzen zijn. Moet ik mij nog langer vertonen? Is het nog om aan te zien?

Bij roem ligt isolement op de loer. Mensen durven je niet aan te spreken, of ze zijn het altijd met je eens; je krijgt een idee van jezelf dat niet klopt met de werkelijkheid.

En dan is er nog het imago dat je krijgt opgespeld. Als ik daar in zou geloven, dan ben ik nergens meer. Zo zou ik een zeur zijn, arrogant. Dat klopt niet. Ik weet wel dat ik een heel goeie cabaretier ben, maar arrogant ben ik niet. Het is zo'n linkse jongen, wordt me verweten. Dat voel ik niet zo. Ik heb wel linkse sympathieën, maar in de grond ben ik vrij conservatief.

In de kern ben ik hartstikke verlegen. En nog altijd enorm onzeker. Zelfs zo, dat ik soms denk: waarom doe ik dit? Dat ziet het publiek niet omdat ik een vorm heb gevonden om me te presenteren. Vorm is belangrijk. Belangrijker dan inhoud. De inhoud van ons bestaan is eigenlijk: in welke vorm giet ik mijn leven? Welke stijl kies ik? Je kunt niet in vormeloosheid leven. Wel even, maar niet lang.

Je kunt ook niet rechtlijnig leven. Het is altijd compenseren, sjoemelen en marchanderen. In de puberteit ontdekte ik dat voor het eerst, de schijnheiligheid.

Ik kan nog wel even door. Dat merk ik aan mijn publiek. Na de voorstelling zoek ik de mensen die zijn gekomen altijd nog even op in de foyer, en ik vraag ze wat ze er van vonden. Wat me daarbij elke keer weer opvalt, is dat veel van hen mij zien als iemand die op een podium zegt wat zij vinden. En als iemand die ze richting geeft. Zolang de geest vaardig is, kan ik mijn vak blijven uitoefenen."

Les 5

Stel het mysterie boven het probleem

"Levensprofessor Herman de Dijn zei eens dat we van een mysteriesamenleving zijn veranderd in een probleemsamenleving. Dat is de secularisatie in een notendop. Het wegvallen van idealen, religie, mysterie, levert een diffuse samenleving op, vol frustratie. Terwijl het raadsel, het mysterie, dat dien je. Door er een lied over te maken, een roman te schrijven. Je bouwt samen die kathedraal. Waarom? Omdat je erkent dat er geen oplossing is. Al die mensen die staan te klappen voor een stoet lijkwagens, en wij nu, met het verwerken van de dood van onze kleindochter; allemaal zijn we op zoek naar zingeving. Dat begint met de aanvaarding dat de dood een mysterie is en geen probleem."

Les 6

Wees niet bang

wees niet bang je mag opnieuw beginnen

vastberaden doelgericht of aarzelend op de tast

houd je aan regels volg je eigen zinnen

laat die hand maar los of pak er juist een vast

wees niet bang voor al te grote dromen

ga als je het zeker weet en als je aarzelt wacht

hoe ijdel zijn de dingen die je je hebt voorgenomen

het mooiste overkomt je het minste is bedacht

wees niet bang voor wat ze van je vinden

wat weet je van een ander als je jezelf niet kent

verlies je oorsprong niet door je te snel te binden

het leven lijkt afwisselend maar zelfs de liefde went

wees niet bang je bent een van de velen

tegelijk is er maar een als jij

dat betekent dat je vaak zult moeten delen

en soms zal moeten zeggen laat me vrij

(Uit een column van Freek de Jonge, gepubliceerd op 2 januari 2000 in Het Parool)

undefined

Freek de Jonge

Freek de Jonge (Eenrum, 30 augustus 1944) vormt in het begin van zijn carrière samen met Bram Vermeulen het invloedrijke duo Neerlands Hoop in Bange Dagen. Eind 1979 breekt De Jonge met Vermeulen, een besluit dat altijd gevoelig bleef liggen, voor beide heren. De Jonge bouwde, nu dus als solo-artiest, een indrukwekkend oeuvre op met (onder veel meer) legendarische voorstellingen als 'De Komiek', 'De Mars', 'De Mythe' en 'Stroman en Trawanten' en, meer recent, 'De Limiet' (2008) en het ouderwets lovend ontvangen 'Zondermeer' (2013). Voor televisie maakte hij de serieconferences 'De Grens' en 'De Vergrijzing'. Rond de verkiezingen van 2003, 2006, 2010 en 2012 bracht Freek voorstelling 'De Stemming'. Naast theater en cabaret, speelde Freek ook muziekvoorstellingen en schreef hij romans en gedichten. De Jonge maakte twee films: 'De Illusionist' (1983) en 'De Komediant' (1986). Op het moment toert Freek door het land met zijn voorstelling 'Als Je Me Nu Nog Niet Kent'.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden