'We waren allemaal zombies'

Debuut | interview | De liefdesfilm die regisseur Mohamed Ben Attia maakte, vertelt ook het verhaal van de Tunesische revolutie.

Als je verliefd bent, voel je je heerlijk", vertelt de Tunesische regisseur Mohamed Ben Attia tijdens een bezoek aan Amsterdam. "Je bent in een roes, je hebt het gevoel te zweven. En dat is exact wat we in de eerste dagen van de revolutie voelden."

Met een prijs voor het beste debuut en de beste hoofdrolspeler was 'Hedi' een van de ontdekkingen van het afgelopen filmfestival van Berlijn. Scenarist en regisseur Ben Attia (40) die voor zijn eersteling steun kreeg van de Belgische broers Dardenne, maakte niet zomaar een liefdesfilm.

Hedi is het intieme portret van een jongeman die de liefde ontdekt en langzaam ontwaakt uit zijn verdoofde bestaan. De film kan als klein minnespel worden begrepen, maar ook als het verhaal van de Tunesische revolutie.

Nadat dictator Ben Ali in januari 2011 het land was ontvlucht, na decennia van onderdrukking, hadden de Tunesiërs het gevoel alles aan te kunnen. Alles zou goed komen. "Maar", zegt de regisseur, "zoals Hedi begrijpt dat de liefde niet alles kan oplossen, zo is de revolutie vooral een uitdaging gebleken."

Hedi is het verhaal van een jongeman die tot de ontdekking komt dat hij zijn eigen keuzes kan maken. Dat is flink wennen, beaamt Ben Attia. "Het overgrote deel van de Tunesische jeugd wil vijf jaar na de revolutie nog steeds weg. Ze dromen van Europa, zonder precies te weten wat ze kunnen verwachten. Heel verdrietig, omdat de toekomst van het land afhangt van de jeugd. Daarom laat ik Hedi - wanneer hij zijn geliefde achterna wil naar het buitenland - een pas op de plaats maken."

Ben Attia studeerde economie en werkte daarna twaalf jaar als autoverkoper voor Renault, precies zoals zijn hoofdpersoon. "Met dat baantje kon ik in mijn levensonderhoud voorzien. In mijn vrije tijd schreef ik verhalen. Vakantiedagen spaarde ik op, zodat ik om de twee jaar een flinke periode vrij kon nemen en een korte film kon maken."

Ben Attia maakte zo op eigen houtje vijf korte films, die op internationale filmfestivals werden vertoond en opvielen. Uiteindelijk besloot hij een scenario voor speelfilm te schrijven. Zijn producente was voortvarend, legde contact met de Belgische gebroeders Dardenne, die enthousiast waren over zijn laatste korte film. Ze wilden zich graag als co-producenten aan de film verbinden. "Wat me opviel was dat ze zo zachtaardig waren, ze drongen hun mening nooit op. Tijdens Skype-sessies stelden ze wel altijd vragen, het waren levendige discussies."

Die discussies heeft Ben Attia nu ook met het publiek. "Soms ben ik na een filmvertoning wel twee, drie uur in gesprek. Meestal met vrouwen. We praten over Hedi's lethargie, waar die vandaan komt. Het zit hem natuurlijk in zijn relatief comfortabele bestaan. In Tunesië is het heel normaal dat een jongeman het huis van zijn moeder verruilt voor het huis van zijn vrouw. Mannen hebben nauwelijks ambities. Als ze geluk hebben vinden ze een baantje. Daarna is het wachten op het pensioen.

"Meisjes zijn veel meer gewend te vechten", vervolgt de regisseur. "Ze halen betere cijfers, ze zijn ambitieuzer. Je zag het ook toen de revolutie uitbrak: vrouwen stonden vooraan. De ondergeschikte rol heeft ze sterker gemaakt. En dat zie je terug aan de vrouwen in mijn film. Het is nu aan mannen om ook die kracht in zichzelf te ontdekken. Dat valt niet mee, onder de dicatuur waren we allemaal zombies."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden