Opinie

We onderwerpen ons niet

Beeld afp

Met dat A4'tje 'Je suis Charlie' win je geen oorlog tegen zware wapens. Verdedig de westerse democratie en bouw aan je verzet. Aanpassen of niet, dat is de kwestie.

Wie zou voor vrijheid van meningsuiting en democratie willen sterven? Niemand. Dit zijn abstracte concepten die tijdens het schrijven van een stuk, een essay of een boek, bij het tekenen van een cartoon als giftige gedachten uit de geest verbannen moeten worden.

Stéphane Charbonnier (Charb), de hoofdredacteur van het Franse weekblad Charlie Hebdo, geloofde dat de kans dat hij een fietsongeluk zou krijgen groter was dan de kans dat hij door een fanatieke moslim uit de weg zou worden geruimd. Hij vergiste zich. En ook zijn illustere kameraden, de tekenaars Wolinski en Cabu hadden na een carrière van meer dan vijftig jaar nooit gedacht dat ze als bejaarden in een anoniem redactielokaal onder een regen van kogels zouden bezwijken.

Doelwit in open veld
In een open samenleving, een rechtsstaat en een democratie kun je hooguit, zoals cartoonist Gregorius Nekschot in Nederland in 2008, door agenten van je bed worden gelicht. Maar met de gewelddadige moord op Theo van Gogh in gedachten besloot Nekschot toch om zijn pen neer te leggen en zijn islamonvriendelijke prenten in een la op te bergen. Ook in een rechtsstaat kun je tot ongemakkelijke beslissingen worden gedwongen.

Wat vroeger door een auteur als een wapenfeit werd beschouwd - voor een paar cartoons in het cachot worden gesmeten - heeft met de komst van de islam in onze samenlevingen een nare klank gekregen. Als machthebbers je wegens vermeende 'islamofobie' in de kraag grijpen, kun je snel een doelwit in open veld worden. Dan is de weg naar heldendom versperd en rest nog alleen het hazenpad.

Maar niet in Frankrijk, bij Charlie Hebdo.

Het linkse satirische weekblad dacht door een aura van onoverwinnelijkheid te zijn omgeven en de Franse status van intouchable, ongenaakbaar, te hebben bereikt. Een status die sinds de jaren zestig in navolging van voorganger Hara-Kiri was opgebouwd. Processen genoeg, dat wel. Wegens grove schendingen van reputaties, het beledigen van vooraanstaande figuren of het krenken van de gevoeligheid van gelovigen. Als je door de modder van Charlie werd besmeurd, kon je een uur en meer in de wind stinken. Maar als lezer mocht je onbeperkt lachen. Het geloof? Gehakt van maken. Maar in die goeie oude tijd ging het nog alleen om pausen, bisschoppen en priesters. Hak er maar in, ze schieten toch niet terug! Charlie-medewerker François Cavanna schreef ooit het boek 'De Schriften, de avonturen van God en kleine Jezus' waarin hij zich afvroeg hoe je een aartsengel van achteren moest nemen.

Grove beledigingen
Maar tijden veranderen en in de ochtend van woensdag 7 januari stierf een versleten illusie in de buurt van Place de la Bastille. Je kunt de randen van de islam niet opzoeken zoals je met die van het christendom deed.

Beeld afp

Twaalf keer Van Gogh, werd hier en daar opgemerkt. Er was wel een verschil, afgezien van het vreselijke aantal slachtoffers dat de twee islamofascisten op de redactie van Charlie maakten. De moord op Theo van Gogh werd toen niet unaniem en onvoorwaardelijk veroordeeld. Dissidente geluiden genoeg. Had de man met zijn grove beledigingen niet het onheil over zichzelf afgeroepen?

Schrijver Remco Campert schreef toen in de Volkskrant, terwijl het lijk van de publicist nog warm was, dat Van Gogh 'niet als een held van de vrije meningsuiting de geschiedenis in moet gaan'. Tien jaar en twaalf lijken later is er niemand die nu zoiets zou durven schrijven. Toch zou Theo net als Nekschot gemakkelijk in de stal van Charlie Hebdo hebben gepast. Grof genoeg.

Wat is er dan veranderd in die tien jaar? Misschien het besef dat een omwenteling in de structuren van de open samenleving heeft plaatsgevonden. Dat het nu vijf voor twaalf is. Dat nieuwe geboden en verboden, van buitenaf gedicteerd, een dodelijke dreiging op democratie en vrijheid van meningsuiting hebben gelegd.

Solidair
Ik heb met een immense verwondering, en ook tranen in de ogen moet ik toegeven, de laatste dagen gezien hoe de uitroeiing van de Charlie-redactie de rest van Europa en zelfs bijna de gehele wereld heeft geraakt.

Vooral uit Nederland waren de reacties opvallend solidair en hartverwarmend. De talrijke demonstraties in meer dan dertig gemeenten en de steunverklaringen van politici en gewone burgers, de toespraken van premier Rutte en burgemeester Aboutaleb, onderstrepen een reële bezorgdheid over een ongewisse toekomst. Maar meer dan dat nog drukken ze uit dat met het gewelddadig zwijgen opleggen aan vrije geesten, universele waarden zijn aangetast. Althans waarden die als universeel in het Westen worden beschouwd.

Of zoals een Amerikaanse demonstrant op Times Square in New York het uitdrukte: "Ze willen je het lezen onmogelijk maken zodat je straks ook het denken onmogelijk wordt gemaakt." In het collectieve sentiment van democraten is nu het besef doorgedrongen dat in hun nabije omgeving een nieuw gevaar is gekropen. Een voor velen ondefinieerbare entiteit en die je alleen maar vaag mag benoemen, die oude richtpunten in de war schopt om een nieuwe krachtige orde in harten en geesten te verankeren.

Door lood geraakt
Wat is er angstaanjagender dan een gedachtenpolitie op elke straathoek en censoren die met hun zwaarden in kopij willen hakken? Persvrijheid is inderdaad een basiselement van de vrijheid om zich onbekommerd te kunnen uiten. Daarom ook hebben de kogels op de redactie van een marginaal blad dat buiten Frankrijk bijna niemand leest, toch een schokgolf veroorzaakt. Alsof iedereen, ongeacht het land waar men zich bevindt, door het lood werd geraakt.

Beeld afp

Maar hoe hartverwarmend ook, hoe opbeurend al die uitingen van solidariteit en betrokkenheid, ze ademen ook een zorgelijk gevoel van onmacht uit. Je kunt wel je A4'tje met erop 'je suis Charlie' in de lucht houden evenals je potlood of pen, maar hiermee win je nog geen oorlog tegen zware wapens. Ook de potten en pannen van de lawaaidemonstratie van november 2004 in Amsterdam hebben het bloedbad van Parijs niet kunnen voorkomen.

Het is misschien lieflijk en het heeft een prettige symbolische waarde om barbarij met beschaving te beantwoorden, maar het zal niet veel helpen. In al die sympathieke massabijeenkomsten lijkt strijdlustigheid de vorm van verslagenheid en ontreddering te hebben aangenomen. De gebalde vuisten zijn er misschien wel, maar dan diep in de jaszakken verscholen, je weet maar nooit.

Beledigen
De wil om de vijand duidelijk te omschrijven ontbreekt, want wie een vijand heeft, zit al half in staat van oorlog. En wat we vooral willen in het Westen is vrede, rust en welzijn. Bovendien is deze vijand moeilijk te ontcijferen. Hoe moet je in de psyche van meedogenloze krijgers kruipen die, omwille van een paar vage prenten over wat voor een profeet moet doorgaan, een hele redactie uitmoorden? En wat is dat eigenlijk, een profeet beledigen? Hoe kun je een figuur die tot de historie behoort en een eeuw of dertien geleden is gestorven, nog beledigen? Kunnen doden beledigd worden, dus ook Napoleon en Willem van Oranje? Kun je vervolgens verwachten dat bonapartisten en orangisten je huis in vuur en vlam zullen zetten?

Je kunt ook wegkijken, want wie zijn hoofd afwendt loopt niet het risico een groep 'die het al zo moeilijk heeft in onze samenleving' te stigmatiseren en op de ziel te trappen. De mogelijkheid bestaat natuurlijk ook om die rare nieuwe codes uit het hoofd te leren, om spoken uit een ver verleden met eerbied en consideratie te benaderen. Maar moet je daarvoor niet je kind, je identiteit, met het badwater weggooien? Er is niets verkeerd aan het rekening houden met de ander. Om zijn gevoeligheid te ontzien als het gaat om onderwerpen - en religie is er een die van fundamentele waarde kan zijn - op een gepaste manier te behandelen.

Maar wanneer begint toegeeflijkheid in onderwerping te muteren en hoffelijkheid in angst? Wanneer wordt vervolgens die angst zo pregnant dat je ervoor kiest om het toneel geruisloos te verlaten? 'Onderwerping' is de titel van het islamkritische boek van schrijver Michel Houellebecq dat woensdag is verschenen. Uitgerekend op de dag dat moslimterroristen de redactie van Charlie Hebdo aanvielen, terwijl het blad juist een niet bepaald vriendelijke cartoon over Houellebecq op zijn cover had gezet.

Donderdag verklaarde zijn uitgever dat de schrijver besloten heeft om de amper ingezette promotie van zijn roman te staken. Michel Houellebecq heeft Parijs op stel en sprong verlaten en dat het hier deels omwille van zijn veiligheid gaat, laat zich raden. Terwijl Houellebecq zijn hielen lichtte, zette dagblad Le Monde op het nippertje een video op zijn site. Hierin vertelt een recensent terwijl hij zijn neus bijna dichtknijpt dat de roman 'Onderwerping' een 'walgelijk' boek is dat, omdat het een aan de islam onderworpen Frankrijk voorstelt, een racistische onderneming is die islamhaat aanwakkert. Nieuwe codes kun je snel leren, om te vermijden dat een jihadist ooit je redactiekamer binnenstormt.

Keuze
We zijn allemaal Charlie, allemaal ontredderd en we weten het niet meer. Maar als je tegen je wil in een oorlog wordt meegezogen moet je eerst helder benoemen en dan stevig bouwen aan je verzet. Niet alleen een potlood en een A4'tje omhooghouden. Zeker, de islam kan best een barmhartige religie zijn. En tegelijk een afschrikwekkend reservoir waaruit hele colonnes bloeddorstige krijgers hun inspiratie putten.

Je hoeft niet bang te zijn om te onderstrepen dat heel wat normen en waarden van dit uitheemse geloof niet verenigbaar zijn met de democratie die we kennen. Dat er een keus bestaat: aanpassing of verwerping. Je hoeft niemand te ontzien. Om te beginnen een profeet die, lang geleden, zijn ideologie op golven van geweld heeft gesticht en niet zoveel verschilt van zijn meest gewelddadige erfgenamen. Dit is niet 'beledigen', maar benoemen en beseffen. En zelfs bespotten is toegestaan. Zo functioneert onze prachtige open samenleving en onze fiere democratie. En zo moeten we het houden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden