'We ondersteunden de hulpverleners'

Een psycholoog en een psychotherapeute uit Amsterdam, gespecialiseerd in massatrauma. Kaz de Jong en Marleen Diekman-Schoenmaker van Artsen zonder Grenzen hadden nooit gedacht dat ze iets zouden kunnen betekenen in New York. In de Verenigde Staten hebben ze immers alles. Deskundigheid en materiaal. Maar ze aarzelden niet toen hun kantoor in Manhattan hun hulp inriep.

Het kantoor van Artsen zonder Grenzen in New York zit in Manhattan. De medewerkers daar doen vooral het administratieve werk: fondsen werven en vrijwilligers recruteren. Natuurlijk heeft Kaz de Jong (40) -klinisch psycholoog en coördinator van de psycho-sociale projecten van AzG in noodgebieden- op dinsdag 11 september meteen aan zijn collega's in Manhattan gedacht. Hoe zou het ze vergaan, zo dicht bij de plek des onheils. Maar geen moment heeft de Amsterdammer gedacht dat ze zijn hulp als traumadeskundige zouden inroepen. ,,We zijn gewend snel te vertrekken naar rampgebieden in Afrika, op de Balkan. We bieden noodhulp aan mensen die verstoken zijn van medische zorg. De Verenigde Staten, New York, daar hebben ze alles al, heb ik gedacht.''

Toch heeft hij geen moment geaarzeld, toen twee dagen later de hulpvraag uit New York kwam. En vrijdagnacht zat hij met collega Marleen Diekman-Schoemaker (52) -psychotherapeute en AzG-vrijwilliger- in het vliegtuig naar Glasgow, om vandaaruit naar het Canadese Toronto te vliegen en vervolgens tien uur in de greyhound te zitten op weg naar New York. ,,Ontdaan van zakmessen, kurketrekker en nagelschaartje.''

Diekman heeft in Amsterdam een praktijk voor relatie- en gezinstherapie. ,,Maar ik hoop altijd dat ik word opgeroepen om mee te gaan met een noodproject. Nooit aan New York gedacht. Nee, ook niet toen het doordrong hoe enorm het aantal slachtoffers zou zijn. De hele ontwikkeling over therapie, traumaverwerking en psychologie hebben we immers grotendeels van Amerikanen. Ze hebben daar mensen genoeg, dacht ik.'' Maar ook zij twijfelde niet toen De Jong haar meevroeg en vertrok.

De twee, net terug uit de VS, hebben in New York vooral hun Amerikaanse collega-hulpverleners ondersteund. Diekman: ,,In een organisatie bijvoorbeeld waar wel 800 hulpverleners werken: psychologen, psychotherapeuten. Mensen die hulp moeten verlenen, maar zelf ook zo geschokt zijn dat hun professionaliteit even geblokkeerd is. Wij probeerden die mensen weer terug te leiden naar hun eigen potenties. En dat ging soms door simpelweg te zeggen dat men hen in andere landen al was voorgegaan. In landen bijvoorbeeld waar mensen dagelijks in angst leven voor geweld, gaan ze ook door, hebben ze iedere dag hun bezigheden en krijgen ze gewoon kinderen.''

Kaz de Jong: ,,We hebben ook artsen en verplegers van de emergency rooms, de Eerste Hulpdiensten, ondersteund. Men vraagt zich af waarom er die eerste dagen geen beelden waren vanuit ziekenhuizen. Er waren geen zwaargewonden, er waren geen doden. De ER's stonden klaar, iedereen was opgetrommeld, er was bloed, er waren bedden, maar er kwamen geen patiënten. Daarom waren de camera's daar ook niet. Dat er niemand kwam was onwezenlijk. Dat was een grote frustratie voor de medewerkers. Tegelijkertijd werden de ziekenhuizen wel belaagd door mensen die vermisten kwamen zoeken.''

Het is voor hulpverleners belangrijk hun eigen verhaal kwijt te kunnen, hun eigen emoties te verwerken, zodat ze de kracht en moed weer hebben hun werk te doen. De Jong en Diekman hebben vooral veel managers van hulporganisaties bijgestaan met de debriefing van hun medewerkers. De Jong: ,,Door die gesprekken waarin mensen hún verhaal kwijt kunnen, maak je het voor hen weer mogelijk de draad op te pakken''.

Diekman herinnert zich de overbezorgde directeur van een koeriersbedrijf vlak bij de Twin Towers. Toen Kaz de Jong en zij daar aankwamen om het personeel te debriefen -daar had de baas immers om gevraagd- troffen ze boze werknemers aan, die zeiden: 'Alweer!' Bleek dat het personeel een dag eerder al zo'n sessie had gehad en juist de moed had opgevat om weer over te gaan tot de orde van de dag, business as usual, waartoe president Bush had opgeroepen. Hier was het de directeur zelf die middels een gesprek moest worden gerustgesteld: 'Je hebt goed voor je personeel gezorgd. Ze kunnen het nu zelf.'

De Jong: ,,AzG is gewend te werken voor die groepen die verstoten zijn van hulp. Omdat er geen reguliere zorg is, of omdat die door oorlogen of natuurrampen niet functioneert. Bij aankomst op ons kantoor in New York hebben we direct bekeken welke groepen wellicht buiten de boot vallen. We hebben vrijwel meteen contact gezocht met het Arabic-American Family Center, want je hoeft geen Einstein te heten om te vermoeden dat alles wat maar een beetje op Bin Laden lijkt, een bedreigde groep zal zijn. Die groep valt dan niet meer terug op het reguliere hulpverleningssysteem, weten we uit ervaring. Daar was inderdaad weinig vertrouwen in, men was zeker in het begin bang opgepakt te worden door de CIA of zo.''

In dat centrum, vertelt De Jong, was er gauw een tweespalt tussen medewerkers over het al dan niet actievoeren en publiciteit zoeken om het lot van de Arabische Amerikanen onder de aandacht te brengen.

,,Daartussen zat een therapeute die opeens uitriep: 'Door al dat geschreeuw van jullie kan ik niet werken. Ik krijg hier kinderen die bang zijn, kinderen die gepest worden op school, vrouwen die geen boodschappen meer durven doen.'

Het was ontroerend te zien, hoe zo'n vrouw, die zelf helemaal ondersteboven was, toch vasthield aan haar werk. Het was goed dat ze op die manier haar collega's wees op hun eigenlijke taken. En voor ons was het bijzonder aardig om te zien hoe wij na een paar uur praten met die vrouw, konden zien dat ons eigen werk effect had. Wij behandelden als het ware haar hoofd (door haar organisatie-adviezen te geven) en haar hart (door haar te vragen naar haar eigen emoties). Snelle hulp, met eenvoudige middelen.''

De ondersteuning die De Jong en Diekman gaven is nu overgenomen door twee Amerikaanse AzG-medewerkers. De Jong: ,,Dit is geen AzG-programma. Het is spontaan op gang gekomen hulp. Als je kennis bezit -in ons geval massatrauma- dan moet je er niet op blijven zitten, toch?''

Bij Diekman zitten de cliënten die ze af heeft moeten bellen weer in de wachtkamer: ,,Gewoon een Hollands echtpaar met een relatieprobleem.'' Er is wel eens een cliënt geweest die tegen Diekman, net terug van een AzG-project in Bosnië, zei: 'Je zult mijn problemen nu wel niets vinden, nu je daar zoveel leed hebt gezien'. Diekman: ,,Ik kan van ganser harte zeggen dat relatietherapie mijn beroep is. Ik heb geen hiërarchie van leed in mijn hoofd.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden