'We moeten geen cijferfetisjisten zijn' Lidstaten in de fout bij besteding EU-miljarden

INTERVIEW Alex Brenninkmeijer van de Europese Rekenkamer wil meer oog voor resultaten

Oud-ombudsman Alex Brenninkmeijer (63) is sinds 1 januari het Nederlandse lid van de Europese Rekenkamer, die de financiële huishouding van de EU controleert. Het instituut in Luxemburg heeft de reputatie van een blaffende, niet-bijtende hond. Hoewel Brenninkmeijer maar één van de 28 leden is, hoopt hij de organisatie intern wakker te schudden.

Uw rekenkamer heeft zojuist het jaarverslag over de EU-financiën gepresenteerd. Wat gaat er vooral mis?

"Alle lidstaten zijn gericht op het binnenhalen en uitgeven van zo veel mogelijk Europees geld. In de tweede plaats kijken ze of het wel volgens de regels gebeurt. Pas in de derde plaats komt de vraag: waar leidt dit project toe? Die volgorde deugt niet. Het gaat er niet om dat geld projecten zoekt, maar dat goede projecten gefinancierd worden.

"80 procent van het Europese geld wordt uitgegeven door de lidstaten zelf. Daar is het foutenpercentage ook veel groter. We zien dat de lidstaten genoeg informatie hebben om fouten te corrigeren. Maar dat doen ze niet, omdat ze er geen belang bij hebben. Dan krijgen ze immers minder geld. Dat gaat op voor alle landen, ook Nederland. We kunnen niet zeggen dat de problemen zich vooral in Bulgarije of Griekenland voordoen."

Er is veel te doen over de EU-naheffing, vooral in Nederland en Engeland. De tendens is: ons geld wordt in Brussel weggegooid. Hoe staat u in die discussie?

"Europees geld is voor een belangrijk deel geen weggegooid geld. Ik durf met de hand op m'n hart te zeggen dat minstens 80 procent echt de goede dingen in beweging zet. Met die overige 20 procent lukt het wat minder. Met acht jaar ervaring als ombudsman is mijn overtuiging dat het in Europa niet vaker misgaat dan in Nederland."

Waar heeft u zich het eerste jaar het meest aan geërgerd?

"De ingewikkelde taal van onze accountants. Ik heb binnen de rekenkamer een congres georganiseerd over helder taalgebruik. Als ombudsman heb ik gemerkt hoe essentieel dat is. Alleen dan kun je begrijpen wat een overheid doet.

"Wat mij ook verontrust zijn de bureaucratische lasten. Vanuit de media en de politiek klinkt de roep dat iedere Europese cent gecontroleerd moet worden. Maar uit het veld klinkt de klacht dat ze daar helemaal gek van worden. De controle op de landbouwuitgaven kost 400 miljoen euro per jaar. 400 miljoen!"

Van de jaarverslagen van de Europese Rekenkamer wordt gezegd dat ze onderin de bureaula verdwijnen. Herkent u dat beeld?

"Als je twintig jaar achter elkaar een negatieve verklaring afgeeft over de EU-uitgaven, dan moet je zeggen: dat instrument is kennelijk bot. De nadruk op het netjes volgen van de regels belemmert het zicht op de resultaten voor Europese burgers. De nieuwe Eurocommissaris voor begrotingszaken Georgieva heeft ons net gezegd dat dat ook voor haar bovenaan staat. Dat is een positief signaal. Wij moeten zelf als rekenkamer ook meer letten op effectiviteit van de bestedingen, geen cijferfetisjisten zijn."

Als ombudman heeft u een stevige vuist kunnen maken en soms ook rake klappen uitgedeeld. Mist u dat niet?

"Ik ben nu lid van een internationaal instituut. Dat betekent dat mijn individuele invloed natuurlijk beperkter is. Tegelijk heb ik er vertrouwen in dat ik de goede onderwerpen aan de orde kan stellen en daardoor ook invloed heb, al is dat meer een zaak van lange adem."

Brussel

Lidstaten van de Europese Unie maken veel fouten en leggen de verkeerde prioriteiten bij het uitgeven van EU-gelden. Dat concludeert de Europese Rekenkamer in haar jaarverslag over 2013. Bij 4,7 procent van de totale uitgaven van bijna 150 miljard euro zijn vorig jaar fouten gemaakt. Dat is iets minder dan de 4,8 procent van 2012, maar het percentage blijft ruim boven het maximum van 2 procent dat als aanvaardbaar wordt gezien.

Het is het twintigste jaar op rij dat de Europese Rekenkamer een negatief oordeel velt over de EU-uitgaven. De lidstaten, die (mede)verantwoordelijk zijn voor 80 procent van de bestedingen, hebben als doel om zo veel mogelijk fondsen uit Brussel binnen te slepen. Voor de concrete resultaten van projecten hebben ze amper oog, constateert de financiële EU-waakhond.

Voorbeelden van fouten zijn mkb-gelden die terecht komen bij bedrijven die onder een multinational vallen, of overheidsopdrachten waarbij de aanbestedingsregels niet zijn nageleefd.

Veelzeggend is het geval van de artisjokkenteler op Sardinië die schadelijke pesticiden gebruikt, terwijl hij juist een EU-subsidie heeft gekregen om dat te laten.

De rekenkamer heeft steekproefsgewijs de meeste fouten gezien bij uitgaven voor regionaal beleid, energie en vervoer (6,9 procent), gevolgd door plattelandsontwikkeling, milieu, visserij en gezondheid (6,7 procent). Het instituut prijst de pogingen van de Europese Commissie om onvolkomenheden te ontdekken en eventueel geld terug te eisen. Zonder die inspanningen zou het foutenpercentage 6,3 zijn geweest.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden