We leven in een tijd van liefde

Het begon ermee dat we het verstandshuwelijk inruilden voor een huwelijk uit liefde. Dat had grote gevolgen

Een opbeurend en inspirerend betoog, al blijft Ferry soms vaag en is de opbouw wat onevenwichtig

Alweer bijna een halve eeuw geleden werd een nieuw tijdperk in de geschiedenis van de mensheid aangekondigd, The Age of Aquarius, het tijdperk van de liefde. Het was de tijd van de hippies, de communes, de flower power, van de alom nagezongen boodschappen van de popmuziek: 'All you need is love' en 'Sympathy is all we need, my friend'. Een paar decennia later vernamen we van sociologen en maatschappijcritici dat het ik-tijdperk was aangebroken, de tijd van individualisme, egoïsme en hebzucht.

En nu vertelt iemand ons opnieuw dat de liefde 'een nieuw tijdperk in de geschiedenis van het denken en het leven' heeft ingeluid. Het is de Franse filosoof Luc Ferry, die in zijn boek 'Over de liefde' een synthese van zijn eerdere werken tot stand heeft gebracht. Over de liefdesbeweging van de jaren zestig en zeventig rept hij niet. Volgens hem is de revolutie van de liefde al een paar eeuwen geleden begonnen, toen in de westerse beschaving het verstandshuwelijk plaats ging maken voor het huwelijk uit liefde - het omslagpunt legt Ferry ongeveer bij de Industriële Revolutie.

Die revolutie van de liefde ontstond niet als alternatieve beweging in de marge van de burgerlijke samenleving, maar juist in haar hoeksteen, het huisgezin. In het gearrangeerde huwelijk was liefde een uitzonderlijk verschijnsel; die werd buiten het gezin gezocht, bij de minnares of minnaar. Het huwelijk was er voor de voortplanting. Daarom beschouwt Ferry het homohuwelijk als het hoogtepunt van de ontwikkeling van het liefdeshuwelijk - daar zijn huwelijk en voortplanting helemaal losgekoppeld. De schaduwzijde van de ontwikkeling is dat het aantal echtscheidingen nu hoger is dan ooit tevoren. Want liefde kan ook weer verdwijnen.

Volgens Ferry heeft de metamorfose van het huwelijk zulke verstrekkende gevolgen gehad dat je kunt spreken van een 'revolutie van de liefde' (de titel van een van zijn eerdere boeken). De zin van het leven, zo constateert hij, wordt tegenwoordig in de liefde gezocht. Daarmee heeft ook het 'sacrale' een nieuwe invulling gekregen; het sacrale is datgene wat zo belangrijk wordt geacht dat je er offers voor wilt brengen, zelfs bereid bent je leven ervoor op te geven. Vroeger betrof de offervaardigheid God, het vaderland of de revolutie, nu alleen nog andere mensen, onze 'geliefden'. Dat zijn allereerst onze partner, kinderen en vrienden, maar bij uitbreiding ook onze medeburgers, en zelfs onze medeaardbewoners - tegenwoordig geven we gul bij humanitaire acties voor mensen die in nood verkeren, waar ook ter wereld.

Ferry duidt het nieuwe tijdperk waarin we volgens hem zijn beland ook aan als het 'tweede humanisme'. Het eerste humanisme ontstond in de Renaissance en beleefde zijn hoogtepunt in de Verlichting. Het was het humanisme van rede en vooruitgang, menselijke waardigheid en mensenrechten, maar kon ook ontaarden in gewelddadige revoluties, fervent nationalisme en meedogenloos kolonialisme. Om werkelijk humaan te worden moest het humanisme een nieuwe basis krijgen in de liefde. Het tweede humanisme is geen weerlegging van het eerste, maar een noodzakelijke aanvulling daarop.

Voor Ferry is het van wezenlijk belang dat de revolutie van de liefde niet beperkt blijft tot de privésfeer, de intieme relaties en het gezin, maar zich ook heeft uitgebreid tot het domein van de landelijke politiek (waar zij heeft geleid tot ontwikkeling van de verzorgingsstaat) en zelfs tot de rest van de wereld.

Jammer genoeg maakt hij niet echt duidelijk hoe deze uitbreiding tot stand komt; het door hem gebruikte woord 'refractie' - de natuurkundige term voor de breking van het licht - is weinig verhelderend. Het tweede humanisme is een 'humanisme van broederschap en sympathie'.

Meermalen verweert hij zich tegen het verwijt dat hij naïef is: leven we nu niet veeleer in een tijdperk van individualisme, egoïsme en ongebreidelde hebzucht? Ferry is de eerste om toe te geven dat de huidige westerse samenleving verre van volmaakt is. Maar hij heeft zeker gelijk als hij betoogt dat zij altijd nog veel humaner is dan vroegere samenlevingen, waarin slavernij, vrouwenonderdrukking, kinderarbeid, koloniale uitbuiting en zelfs genocide aanvaardbaar werden geacht. "Ondanks alle onvolkomenheden die je in onze huidige verzorgingsstaat kunt aanwijzen, is zij in werkelijkheid de zachtaardigste, de menslievendste en zorgzaamste van alle staten die we in de geschiedenis van de mensheid gekend hebben."

Tevreden is Ferry nog lang niet. Het tijdperk van de liefde staat nog in de kinderschoenen. Zijn eigen regels en geboden worden nog lang niet algemeen nageleefd. Eén daarvan luidt: "Wat u niet wilt dat u geschiedt, laat dat ook een ander niet geschieden." Als variant op de aloude gulden regel 'Wat u niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet' ligt hij ten grondslag aan de liefdadigheidsacties die bij grote rampen op touw worden gezet.

Daarnaast is er het gebod dat terug lijkt te gaan op de liefde van ouders voor hun kinderen, die, zoals Ferry beklemtoont, geen natuurlijk maar een historisch verschijnsel is, van tamelijk recente datum. Twee eeuwen geleden werd in Frankrijk nog één op de drie kinderen aan zijn lot overgelaten, te vondeling gelegd, of de straat op gestuurd.

Nu vragen we ons af welke wereld we zullen nalaten aan onze kinderen, en degenen die weer na hen zullen komen. De zorg voor toekomstige generaties is een gebod dat vooral de milieubeweging (volgens Ferry de enige echt nieuwe politieke beweging sinds de Franse Revolutie) ons heeft voorgehouden. In de hedendaagse politiek wordt het nog veel te weinig in acht genomen, zeker in de huidige crisistijd, waar paniekerige kortetermijnbeslissingen troef zijn.

Ferry noemt nog een ander gebod dat als kompas zou moeten dienen : "Handel zo dat je kunt wensen dat de beslissingen die je neemt ook worden toegepast op degenen van wie je het meeste houdt."

Dit is (met een verwijzing naar de ethiek van Immanuel Kant) de 'categorische imperatief' van het tweede humanisme. Ferry, zelf geen christen, vergelijkt die met wat Jezus zegt in de Bergrede, namelijk dat hij niet is gekomen om de wet te ontbinden maar om hem te 'vervullen' - door liefde wel te verstaan.

Op dit punt kan de twijfel bij de lezer toeslaan. Zal de politiek, die in onze samenleving alleen kan handelen door compromissen te sluiten en het zelden iedereen gelijkelijk naar de zin kan maken, ooit aan dit gebod kunnen voldoen?

Toch erkent ook Ferry dat zijn 'politiek van de liefde' een utopie is, al gaat die 'wellicht voor het eerst niet zwanger van nieuwe rampspoed'. Zijn eerste zorg is dat Europa, bakermat van de revolutie van de liefde, de huidige crisis overleeft en zijn cultuur van persoonlijke autonomie weet te behouden, zonder welke de revolutie van de liefde onmogelijk was geweest.

'Over de liefde' is een opbeurend en inspirerend boek voor deze sombere tijden, beurtelings realistisch en idealistisch, met soms een vaag vergezicht op het Aquarius-tijdperk. Het boek leest vlot, bezit een grote rijkdom aan gedachten maar is wat onevenwichtig van opbouw. Dat komt mede door de merkwaardige dialoogvorm: een vriend van de auteur zorgt af en toe voor commentaar en kritiek, meestal opbouwend, want hij lijkt een adept te zijn. Het hoofdstuk over de kunst in het tijdperk van de liefde voegt wat mij betreft weinig toe; er vallen veel namen maar het blijft vaag hoe de kunst volgens Ferry inhoudelijk zal veranderen. Hopelijk neemt Ferry nog eens de tijd om het 'waarlijk nieuw filosofisch denken' - want dat is wat het tijdperk van de liefde volgens hem nodig heeft - van een systematischer grondslag te voorzien.

Luc Ferry: Over de liefde. Een filosofie voor de XXIste eeuw. (De l'Amour, une philosophie pour le XXIe siècle) Vert. Peter Klinkenberg. De Arbeiderspers, Utrecht; 245 blz. euro 19,95

Filosoof Luc Ferry was minister van onderwijs (2002-2004). Hij put uit zijn ervaringen in het hoofdstuk dat is gewijd aan opvoeding en onderwijs. Ferry wijst hier op een schaduwzijde van de revolutie van de liefde: veel ouders houden zoveel van hun kinderen dat ze niet meer de strengheid kunnen opbrengen om hun wellevendheid bij te brengen en hun te leren dat inspanning en werklust belangrijk zijn. Dit is volgens hem een hoofdoorzaak van veel problemen in het huidige onderwijs, zoals de schooluitval en het toenemende geweld. Toch betoont Ferry zich ook hier een optimist: "Ouders beginnen nu te begrijpen dat het ook liefdevol is gezag en kennis over te dragen. Dat wekt enige hoop."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden