Interview

‘We laten de mensen in de ggz behoorlijk in de steek’

Het interieur van een tbs-kliniek. Beeld Hollandse Hoogte / Flip Franssen

Het boek ‘’t Is hier een gekkenhuis’ biedt een kijkje in een bijzonder dorp: dat van een ggz-kliniek waar personeel en bewoners proberen om te gaan met verandering.

“Heb je het al gehoord?”, fluistert bewoonster Margriet (77). “Het terrein wordt verkocht en alles gaat tegen de vlakte.” Met haar lange zilvergrijze haren en zwierige kleding beweegt ze zich over de afdeling. Ze voelt zich er thuis. “Ik heb een slangennest in mijn hoofd”, zegt ze. 

De schrijvers Koos Neuvel en Caroline de Pater vertellen over Margriet in hun boek ‘ ’t Is hier een gekkenhuis’. Twee jaar lang bezochten ze verschillende afdelingen van een psychiatrische kliniek, waarvan ze vanwege de privacy de naam niet noemen.  

In die periode verandert er veel: door bezuinigingen en leegstand worden verblijfsplaatsen geschrapt. Daarachter schuilt een nieuwe visie vanuit de regering op de ggz: patiënten moet je niet meer wegstoppen maar terugbrengen de maatschappij in.

Een ingewikkelde ommezwaai, zo blijkt uit het boek dat ze tijdens de Week van de Psychiatrie presenteren.

“Mensen als Margriet willen en kunnen helemaal niet weg, daar moeten we rekening mee houden.” 

Hoe is het jullie gelukt zo lang in een kliniek te mogen rond lopen?

Caroline de Pater: “De ggz staat niet bekend als een open sector. In 2011 zochten we contact met de instelling en in de jaren daarna hebben we vertrouwen gewonnen. We mochten voor het boek vrij rondlopen en iedereen aanspreken. Toch: toen we de eerste concepten naar de kliniek opstuurden bleek dat ze de teksten wilden veranderen of zelfs weglaten. Dat was voor ons geen optie, een compromis zit in het feit dat alle namen fictief zijn.”

Jullie laten ook zien waar het misgaat: ruzies op afdelingen,  geweldsincidenten en verslaafden die voor een grimmige sfeer zorgen. Was het eng om die misstanden aan te kaarten?

“Het is juist goed om een beeld te schetsen van hoe het is of soms kan zijn. En ja, het is niet altijd pais en vree. Persoonlijk kon ik er wel van schrikken als we op de gesloten afdeling terugkwamen en zagen dat er weer een ruit was ingeslagen.”

Wat is het meest opmerkelijke dat jullie hebben ontdekt?

“Dat wij als samenleving mensen in de ggz behoorlijk in de steek laten. Daarnaast is niet iedereen zelfredzaam. De maatschappij en ggz sturen daar enorm op maar er zijn mensen die simpelweg niet voor zichzelf kunnen zorgen. Mensen als Margriet. Voor hen moeten we de verblijfspsychiatrie behouden en verbeteren.”

Beeld -

In het boek wordt gekeken naar verschillende visies op goede psychiatrische zorg. Welke zouden jullie aanbevelen?

“Herstelgerichte zorg is in principe prachtig. Die doelt op de zelfstandigheid van mensen. Maar in de praktijk is er maar weinig tijd en mankracht voor. Patiënten staan er daardoor te vaak alleen voor bij het aanvragen van een uitkering, het zoeken naar een woning of het maken van een tandartsafspraak. Daarnaast moeten gemeenten beter samenwerken met de ggz.”

Een belangrijk keerpunt in het boek is het moment dat bekend wordt dat een deel van de kliniek tegen de vlakte gaat, waardoor minder bedden overblijven. Hoe was dat?

“Ik wist dat beddenreductie een landelijk trend was. Toen we hoorden dat het ook in de kliniek stond te gebeuren werd dat de rode draad in ons verhaal. Het is alsof je hoort dat je hele straat over vijf jaar gesloopt wordt. Bewoners waren in rep en roer. Ik denk dat wat wij hebben gezien, je overal treft. De verhalen van bewoners en werknemers zouden ergens anders ook opgetekend kunnen worden. Het is niet bijzonder of uniek, maar wel belangrijk.”

Het hele boek voelt als vallen en opstaan. Er is namelijk nooit écht een oplossing voor de problematiek binnen de ggz. Was dat niet frustrerend?

“Ja, mensen lijken een beetje beter te worden, dan gaat het ineens weer heel erg slecht. Echt genezen bij ernstige psychische aandoeningen is vaak ook niet realistisch. Wat ik zelf écht frustrerend vond: als mensen foto’s van zichzelf lieten zien van vroeger. Dan zag je prachtige jonge mensen, zo anders dan hoe wij ze aantroffen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden