We kunnen zonder, maar willen niet

Er is een indrukwekkende stapel adviezen waarin de provincie wordt afgeschaft. Nimmer zijn ze werkelijkheid geworden. Die onbekende, onbeminde overheid staat nog.

Weg met het provinciebestuur! Het is een overbodige bestuurslaag, een sta-in-de-weg, een ongewenst expandeur van langdradig overleg, van bestuurlijke spaghetti. Vraag het Norbert Klein, voormalig Kamerlid voor 50Plus, thans voorman van de Vrijzinnige Partij Nederland.

Klein heeft een stevige mening over provincies. Kijk, zegt hij, er zijn steeds minder gemeenten. Die worden door herindelingen namelijk steeds groter. En gemeenten zitten in allerlei samenwerkingsverbanden. De G4, de vier grootste gemeenten overleggen samen met het Rijk. De middelgrote gemeenten ook. Ze hebben onderling overleg over zorg, over scholen. Dat maakt het provinciebestuur minder relevant. Afschaffen, vindt Klein. Zijn partij zal ervoor pleiten in de drie provincies waarin die meedoet.

undefined

Het kan

Kan dat, afschaffen? Kan het land zonder provinciebestuur? Op die vraag is het antwoord simpel: ja, dat kan. "Als het nu oorlog zou zijn geweest, en we gingen bedenken hoe we het land opnieuw zouden inrichten, dan zouden we waarschijnlijk niet op het idee komen twaalf provincies te maken", zegt hoogleraar bestuurskunde Arno Korsten uit Maastricht.

Misschien is het wel wenselijk, een land zonder provinciebesturen. "Provincies doen dingen die ook - of beter - door andere instanties kunnen worden gedaan", zei Korstens collega in Nijmegen Michiel de Vries vier jaar geleden al. "Natuurlijk is het onderhoud van provinciale wegen nuttig. Maar dat zou ook net zo goed door het Rijk gedaan kunnen worden."

De provincie, meende De Vries, is een 'overbodige tussenlaag'. "Ze houdt alleen maar toezicht. Het vergroot de bureaucratie." Hij rekende voor; als je de provincies zou opheffen, zou dat op jaarbasis miljarden kunnen schelen. Ze kosten ruim acht miljard, minus de taken die overgeheveld kunnen worden naar het Rijk, en voilà: een reuzenbesparing. De Vries raamde die destijds op 4 miljard, een groep ambtenaren hied het in 2010 op 2 miljard. Maar dat het kán, daar is iedereen het over eens.

undefined

Opgeblazen

Dat men praat over opheffen hebben provincies aan zichzelf te danken, vindt bestuurskundige Klaartje Peters. Zij schreef er in 2007 een boek over: 'Het opgeblazen bestuur'. Bijna hilarisch was haar beschrijving van de provincie die zichzelf tegen de klippen op relevant poogt te houden. Hoe die zich ging bemoeien met, armoede, daklozen. Hoe die daarmee gemeenten voor de voeten liep, en het Rijk irriteerde.

En dan zijn er nog de burgers. Die hebben er niets mee. Opinie-onderzoek zegt het: in stedelijke gebieden vindt twee derde van de mensen precies wat Klein en De Vries vinden: de provincie is een volstrekt overbodige bestuurslaag. Er zijn al gemeenten en er is ook het Rijk, wat moeten die ambtenaren in die tussenlaag dan nog? Ja, óók meebeslissen. Met alle vertraging van dien.

Daarmee zitten ze ook politiek Den Haag dwars. Daar gaan ze weliswaar niet zo ver als Norbert Klein zou willen, maar ze praten er sinds mensenheugenis over provincies. Over minder, minder, minder provincies. Want dat de provinciegrenzen niet meer passen bij de werkelijkheid, was door een onderzoekscommissie in 1947 geconcludeerd.

undefined

Bestuurlijke drukte

Sinds dat moment heeft het, in opdracht van allerlei opeenvolgende kabinetten, almaar adviezen geregend. Steeds stelden die dat er misschien wat aangepast moest worden. Er was sprake van 'bestuurlijke drukte'. Er was een alomtegenwoordige noodzaak tot 'opschaling'. Maar wat de deskundigen ook schreven, nimmer kwam een aanpassing tot stand.

"Het kabinet constateert dat er niet of nauwelijks gevolg is gegeven aan de imposante reeks onderzoeken en adviezen over het middenbestuur", schreef minister Plasterk in 2013, toen hij nog hoopte dat het hem wél zou lukken tot andere provinciegrenzen te komen.

"De huidige schaal van de provincie stamt uit de tijd dat gemeenten veertien keer kleiner waren, de moderne infrastructuur nog in zijn kinderschoenen stond en het dagen kostte om van Groningen naar Vlissingen te reizen. De schaal van provincies paste prima bij het provinciale takenpakket van die dagen. Aanpassing van de provinciale schaal is daarom gewenst", scheef Plasterk in die optimistische tijd.

Maar ook Plasterk lukte het niet. Hij stelde vijf provincies voor, toen zeven. Hij dacht Noord-Holland, Utrecht en Flevoland als eerste te kunnen samenvoegen. Maar net zoals alle voorstellen eerder tot niets leidden, werd ook dit geen succes: geen van zijn plannen vonden instemming.

Sterker nog: zelfs degenen die eerst vóór waren geweest, keerden zich tegen hem. D66, groot voorstander van minder provincies, miste 'visie'. Commissaris van de koning in Noord-Holland Johan Remkes, ooit zelf minister van binnenlandse zaken, zag niet 'voor welk probleem een superprovincie een oplossing zou zijn'. De staten van Utrecht en Flevoland zeiden dat ze het besluit te fuseren in een referendum zouden voorleggen aan de bevolking. En het was duidelijk dat die tegen zou stemmen.

"Burgers hebben weinig te maken met de provincie, want het is een middenbestuur. Maar als er iets is, vinden ze het fijn om te zien dat hun commissaris voor ze opkomt. Iemand die er is als het water buiten zijn oevers treedt, of als gaswinning tot aardbevingen leidt. Dat zijn de enige momenten dat een burger iets met de provincie te maken heeft", verklaart bestuurskundige Arno Korsten.

En als puntje bij paaltje komt, blijken burgers tòch te hechten aan hun provinciale identiteit. Toen de discussie over de Randstadprovincie op zijn hoogtepunt was, hielden regionale media in Flevoland enquètes. Wat bleek? De meeste inwoners wilden er toen opeens niet vanaf. Want als het alternatief is dat je voortaan een commissaris van de Koning moet delen met Utrecht en Noord-Holland, dan ben je als kleinste niet bepaald zeker of die wel jouw belangen verdedigt.

Korsten: "Er zijn verschillende momenten geweest waarop allerlei commissies zeiden: het zouden er eigenlijk minder moeten zijn. Maar het mislukt bij gebrek aan een goed verhaal. Voor welk probleem is het een oplossing? Dat wordt nooit echt duidelijk. Ook bij de laatste voorstellen van Plasterk ontbrak dat.

"Er zijn in het land tegengestelde bewegingen. We gaan naar de menselijke maat bij scholen, bij ziekenhuizen, bij woningcorporaties. Schaalvergroting had daar ongewenste effecten. Je kunt een provincie maken van zuidelijk Nederland, maar dan zou iemand in Limburg moeten beslissen over dingen in Middelburg. Dat is een totaal andere wereld."

undefined

Zelf doen

Bovendien, zegt Korsten, het Rijk gáát er niet over. "Als gemeenten herindelen, dan doen ze dat omdat ze het alleen niet redden. Niet omdat de minister besluit dat ze zus-en-zoveel inwoners moeten hebben. Ze analyseren hun zwaktes en hun kracht en komen tot de conclusie dat ze beter kunnen samenvoegen. Dat is de enige manier."

"Wil je minder provincies, dan zal dat door de provincies zelf gerealiseerd moeten worden. De Europese Commissie zegt ook niet: wat een hoop kleine landjes; laten we Nederland samenvoegen met België en Luxemburg, dat is een stuk efficiënter."

Nee, het gaat niet lukken. Niet van bovenaf in ieder geval. "Als we het land opnieuw zouden inrichten, dan zouden we opnieuw provincies uitvinden", zegt Korsten. "Zoveel doen ze niet verkeerd. Ze doen eigenlijk veel goed. Het zijn er wat veel: we zouden misschien maar vier provincies maken. Maar we kunnen niet overnieuw beginnen."

Daarom gaan we op 18 maart opnieuw stemmen voor het provinciebestuur. De burger heeft er niets mee, maar wil er ook niet vanaf. Voor wie dat wel wil: de Vrijzinnige Partij doet mee in Gelderland, Zuid-Holland en Utrecht.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden