We kunnen gerust uit de euro stappen

Het opbreken van de euro zou Europa in 'de moeder van alle crises' storten, betogen economen. Maar is er werkelijk geen weg terug? 'Er is even grote rotzooi. Maar Europa kan er zelfs voordeel bij hebben.'

Het is 1 januari 2012. Vlak na middernacht staat minister Jan Kees de Jager van financiën bij een geldautomaat in Den Haag. In zijn kielzog een handvol cameraploegen. Pasje in de sleuf, pincode intypen en waarachtig: een handvol guldenbiljetten schuift naar buiten. Of neurobriefjes. Of Noord-Europese marken. In ieder geval geen euro's. Triomfantelijk lachend zwaait De Jager met het geld. Gelukkig weer een betrouwbare munt, verlost van spilzieke, onverantwoordelijke Zuid-Europese invloeden.

Tot voor kort was dit een vrij bizar scenario. Maar door het aanhoudende onvermogen de financiële crisis in Europa effectief te lijf te gaan, is een breuk in de eurozone niet langer slechts een onzinnige doemfantasie. Het hoofd van de onderzoekspoot van het gezaghebbende blad The Economist schat de kans dat de euro over een paar jaar niet meer bestaat op 40 procent. In Duitsland gaan stemmen op samen met de sterkste landen uit de euro te stappen. Economen durven te hinten naar het uiteenvallen van de Europese muntunie.

Minister Zalm van financiën had destijds al een voorgevoel. Griekenland moeten we er niet bij hebben, bleef hij als enige schatkistbewaarder beweren. Het mocht niet zo zijn. Toen hij op 1 januari 2002 temidden van een dansende menigte de eerste eurobiljetten uit een geldautomaat op de Markt in Maastricht mocht halen, wist hij een goed doel voor dat geld: verlaging van de staatsschuld. Zalm had een juist voorgevoel, zou je kunnen zeggen. Hoewel hij waarschijnlijk niet kon bevroeden dat uitgerekend Duitsland en Frankrijk als eerste het in 1992 gesloten verdrag van Maastricht aan hun laars lapten door hun begrotingstekorten te laten oplopen. Om een openbare schrobbering te voorkomen stelden ze snel voor het verdrag aan te passen.

Daarmee legden de grootste landen een landmijn onder de muntunie die nu door gebrek aan hervormingen in met name Zuid-Europa, tot ontploffing dreigt te komen. De financiële markten waren de afgelopen twee weken relatief rustig. Dat is eerder in bange afwachting dan in het vertrouwen dat het nu eindelijk goed komt. Achter de schermen wordt de Griekse deal momenteel koortsachtig in details uitgewerkt voordat het Europese vergadercircus in september weer op gang komt. Dan moet ook duidelijk worden welke stappen de regeringsleiders verder kunnen zetten om de euro te redden. Daar liggen zulke grote hindernissen - het opgeven van soevereiniteit, de wil eigen banken te sparen, wel of geen euro-obligaties - dat de vraag steeds prangender wordt of de Europese politiek wel in staat is de euro voor lange termijn veilig te stellen.

En dus nemen de speculaties over de voorheen ondenkbare oplossing toe: het uiteenvallen van de muntunie. Over die optie doen de meest dramatische voorspellingen de ronde. Het opbreken van de euro zou Europa in 'de moeder van alle crises' storten, zo denkt de Amerikaanse econoom Barry Eichengreen. Een financiële crisis, nog veel erger dan na het omvallen van het Amerikaanse Lehman, zal uitbreken. Een traumatische gebeurtenis, verwacht Eichengreen. Het nationaal inkomen zal met wel 10 procent krimpen, verwachten andere economen. Chaos op de markten, sterk oplopende werkloosheid, armoede: de Europese muntunie is zo'n groot project, is de redenering, dat een weg terug bijna apocalyptische visioenen oproept.

Hoogleraar monetaire economie Casper de Vries haalt zijn schouders op bij al deze dramatiek. "Het zijn angstverhalen. Maar ik snap het wel. Veel mensen hebben hun leven verkocht aan de euro. En opeens gaat het feestje niet door." De Vries, verbonden aan de Erasmus Universiteit en het Tinbergen Instituut, volgt met een groep wetenschappers in de EMU Monitor Group de munt op de voet zolang die bestaat. Als hij het voor het zeggen zou hebben in Europa, geven landen een deel van hun soevereiniteit op, komt er meer Europese integratie en Europees toezicht op de banken. Maar zo makkelijk komen de zestien landen van de muntunie er niet uit, en dus komt het moment dichterbij dat doormodderen meer gaat kosten dan het opbreken van de muntunie. Aangezien een land niet uit de muntunie gezet kan worden en Griekenland niet vrijwillig de euro zal opgeven, zouden juist de sterke landen kunnen besluiten eruit te stappen. Duitsland en Nederland, bij voorbeeld. Finland, Oostenrijk, Luxemburg en misschien Frankrijk. Die landen kunnen dan een eigen munt beginnen, of hun valuta aan elkaar koppelen zoals Duitsland en Nederland lang deden. Zo'n scenario met vier uitstappers is afgelopen week op de opiniepagina van de Financial Times serieus opgeworpen door een Duitse oud-werkgevers-topman.

Over de gevolgen van zo'n drastische stap is de Rotterdamse hoogleraar De Vries tamelijk nuchter. "Er is even grote rotzooi. Maar daarna komt het weer goed en kan Europa er zelfs voordeel bij hebben." Uniek is het opbreken van de muntunie ook niet: "Dit soort situaties heeft zich in de geschiedenis vele malen voorgedaan." De Vries schetst wat er dan in grote lijnen gebeurt. De export uit de noordelijke landen zal een knauw krijgen omdat die munt sterker zal worden dan de zuidelijke. De banken die veel staatsobligaties van zuidelijke landen hebben, zullen gesteund moeten worden. Centrale banken hebben kapitaalinjecties nodig. Er zal een korte krach zijn. Pensioenfondsen en verzekeraars verliezen geld. De staatsschuld zal eerst weer oplopen. Maar de zuidelijke landen worden juist concurrerender omdat de koers van hun munt relatief zakt. Daardoor kunnen ze makkelijker uit de recessie groeien en de schuldenberg verkleinen. "Als het Zuiden weer groeit, heeft het Noorden daar uiteindelijk ook meer aan", zegt De Vries. "En in de nieuwe munt zal heel snel meer vertrouwen zijn dan in de oude euro."

Zelfs in praktische zin is het mogelijk. "Je moet twee weken de banken sluiten om een vlucht van kapitaal te voorkomen en nieuw geld uit te geven. Daarna kun je de tegoeden weer langzaam ontdooien. Dat is wel eerder vertoond. Kapitaalverkeer tussen het Noorden en het Zuiden zul je langer moeten blokkeren."

Terwijl de invoering van de euro jarenlang tot in detail is voorbereid - zelfs aan het falen van de betaalautomaat van Zalm op 1 januari was een scenario gewijd - zal het uitstappen wel in een flits moeten gebeuren.

"Het moet snel. Alles in één keer omzetten, dat is essentieel. De staat moet meteen duidelijkheid geven in welke munt contracten en tegoeden worden omgezet. Heel veel betalingen gebeuren tegenwoordig elektronisch. Dat maakt het makkelijker. De drukpersen van Johan Enschedé zullen even rood moeten staan. Maar zoveel biljetten gebruiken we niet meer. Ja, in de tweedehands autohandel en op de koeienmarkt." Kortom, zegt De Vries, het kan: de euro opbreken. "Er zijn wel veel hobbels. Maar daar kun je gewoon overheen walsen."

De Vries meent dat het wel belangrijk is dat Europese regeringsleiders en centrale banken op dit moment in stilte zo'n scenario bespreken. "De moeilijkheid is alleen dat ze dat nu niet kunnen zeggen. Want dan is er helemaal geen vertrouwen meer. Maar ik mag hopen dat ze er wel over nadenken."

Een ander optie is nog, wel openlijk, dreigen met een andere munt. "België en Luxemburg vormden lang voor de euro bestond samen een monetaire unie. De Belgen hadden de Luxemburgers beloofd ze altijd te informeren over hun monetair beleid. Dat heeft België twee keer niet gedaan. De laatste keer in 1982 toen ze hun munt 20 procent devalueerden. In 1983 heeft Luxemburg toen een eigen centrale bank in de mottenballen opgericht, zodanig dat ze binnen 24 uur op een eigen munt konden overstappen. Dat dreigmiddel heeft gewerkt. Daarna hebben de Belgen zich netjes aan de verdragen gehouden. Dat zou nu ook kunnen. De sterke landen kunnen ook zo'n centrale bank in de mottenballen achter de hand houden zodat ze hun eigen weg kunnen gaan. Ze hoeven dat dan niet te doen, als iedereen zich netjes aan de verdragen houdt."

Het systeem van de 'gouden standaard' zou ook nooit kunnen verdwijnen
Onomkeerbaar zou het zijn, de vorming van de Europese Monetaire Unie. Als de euro eenmaal in de kassa's ligt, kom je er nooit meer vanaf. De geschiedenis weerspreekt deze stelligheid, constateert hoogleraar monetaire economie Casper de Vries. Vele muntunies en systemen van vaste wisselkoersen kwamen en gingen. Het systeem van de 'gouden standaard', bijvoorbeeld, zou ook nooit kunnen verdwijnen, werd gedacht, en dat is toch gebeurd. Bij een gouden standaard worden de valuta van verschillende landen aan de goudprijs vastgeklonken. Zo ontstaat een systeem van vaste wisselkoersen.

Tot begin jaren dertig heeft een standaard bestaan die op goud rustte. Ook Nederland maakte daar deel van uit. "De grootste fout die De Nederlandsche Bank ooit gemaakt heeft, was dat ze in de jaren dertig te lang vasthield aan de gouden standaard", zegt De Vries. "Daardoor hadden we veel te lang een te dure munt. Dat heeft ons veel export gekost. De Nederlandse depressie is pas na 1931 goed begonnen. Toen devalueerde Engeland en wij niet, waardoor wij uit de internationale markten werden geprijsd." De Vries wil maar zeggen: een land kan ook te lang in een muntunie of wisselkoerssysteem blijven hangen. "Op een bepaald moment moet je bereid zijn je geloofwaardigheid even op te geven. Maar De Nederlandsche Bank was toen erg conservatief."

Ook het systeem van Bretton-Woods, dat na de Tweede Wereldoorlog de koersverhoudingen regelde, heeft het niet gered en had eind jaren zestig zijn beste tijd gehad. De 44 landen die hun munt aan de dollar, en indirect aan de goudprijs, hadden gekoppeld, gingen één voor één toch hun eigen weg. Kiem voor het uiteenvallen was de Vietnam-oorlog. Die kostte zoveel geld dat de Verenigde Staten de verleiding niet konden weerstaan de dollarpersen stukken harder te laten draaien. Het vertrouwen in de stabiliteit van de dollar als standaard ebde door die toevloed van dollars weg en het systeem viel uiteen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden