We houden moed. Tegen beter weten in?

Blijf optimistisch. De wetenschapsfilosoof Karl Popper vond dat een morele plicht. Je moet erop vertrouwen wanneer je het goede doet, dat het ook goed komt. Maar wie geldt die plicht? Geldt het de moeder van het meisje dat werd doodgeschoten op een Parijs terras? Geldt het de jihadist-in-opleiding? De burgemeester van een grote stad? De werkloze vader in een banlieue? Mag ook de haatimam van een obscure moskee optimistisch zijn? Optimisme heeft een richting. Optimisme betreft de verwerkelijking van je doelen. Wanneer de doelstellingen van mensen en groepen elkaar uitsluiten en bedreigen, dan is de opdracht tot optimisme moreel problematisch.

In het licht van de permanente expansie van geweld, aanslagen en oorlogshandelingen uit naam van een godsdienst is het niet zo makkelijk vol vertrouwen de blik op de toekomst gericht te houden. Terrorisme is een gegeven. Soms kan een aanslag worden voorkomen of verijdeld, soms niet. Uitroeien van terrorisme als principe is onmogelijk.

In de landen in het Midden-Oosten waar de strijd het hevigst woedt, zijn aanslagen aan de orde van de dag. We horen van een autobom in het centrum van Bagdad en we denken, ach ja Bagdad. Beiroet is al dichterbij maar nog steeds ver weg. Pas als de terreur op onze stoep staat (en met 'onze' bedoel ik ook de stoep van Israël, omdat Israël deel uitmaakt van het 'Westen') slaat de schrik ons klam om het hart en voelen we ons bedreigd in onze diepste kern. 'Onze beschaving', 'onze manier van leven' staan op het spel. Rechtsstaat, vrijheden en mensenrechten maken ons kwetsbaar en weerloos.

En daar doemt de figuur van Oswald Spengler op die zei dat optimisme laf was.

Spengler heeft naam gemaakt met Der Untergang des Abendlandes, verschenen net na de Eerste Wereldoorlog. Zijn theorie over de onvermijdelijke opkomst en ondergang van beschavingen en de fasen die daarin te onderscheiden zijn, vond veel bijval en veel terechte kritiek. Op zichzelf is het geen wereldschokkende observatie dat een beschaving een bepaalde tijdsduur heeft, opkomt, bloeit en dan weer neergaat, maar om daaruit een wet te destilleren waaraan elke beschaving onderworpen is, gaat wat ver. In diepste wezen is zijn pessimisme romantisch en fatalistisch. Aantrekkelijk wanneer het slecht gaat in de wereld en een beetje belachelijk wanneer we er goed voorstaan. De jaren negentig van de vorige eeuw waren niet erg Spengleriaans, maar vanaf 11 september 2001 werd dat anders.

We zagen de tekenen des tijds. We werden aangevallen. De aanvallers betitelen onze beschaving als pervers en decadent, precies wat van de Romeinse beschaving in haar nadagen werd gezegd. Zij beschouwen zichzelf als de herauten van een nieuwe tijd en de helden en grondleggers van een nieuwe beschaving. En wij zitten met ons allen als gebiologeerde konijnen in de monden van de kalasjnikovs te kijken.

Had Spengler gelijk en heeft onze westerse beschaving geen veerkracht meer? Hij beweerde dat het eind van een beschaving wordt gekenmerkt door de overheersing van de pure macht van het geld als doel, door de verbrokkeling en uitholling van instituties, door de terugkeer van religiositeit, door een hang naar dictatuur en leiderschap. Dat lijkt aardig op de situatie waarin onze democratieën zich bevinden.

De Franse auteur Houellebecq beschreef in zijn laatste roman (verschenen op de dag dat de redactie van het satirische tijdschrift Charlie Hebdo werd weggevaagd) hoe Frankrijk in 2022 wordt geregeerd door een verlicht despoot van islamitische signatuur, geholpen door Franse collaborateurs, en hoe Frankrijk zich zoetjes en cynisch heeft geschikt naar de nieuwe regels.

Houellebecq heeft een pessimistische visie op onze cultuur. Met zijn toekomstbeeld zou Spengler kunnen instemmen. Misschien niet zoals Houellebecq het voorstelt maar wel vergelijkbaar zou onze beschaving zich kunnen richten naar de militante dwang van een geperverteerde godsdienst.

De weerloosheid en hulpeloosheid straalt af van de dappere spandoeken die zeggen dat we moed moeten houden, dat we ons er niet onder laten krijgen, dat 'we met meer zijn'. Het klinkt schril en niet erg overtuigd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden