'We hebben de tabaksbladeren neergelegd en de auto gepakt'

BEIROET - Voor het hek van een school in West-Beiroet hangen mannen rond. Ze roken. Aan hun kleding te zien komen ze niet uit Beiroet. Ook de vrouwen op het schoolplein, allen met hoofddoek en gekleed in lange, kleurige ochtendjurken, doen landelijk aan.

Hun verhalen zijn eender. Ghada (29): “Ik kom uit Zjmaim, 3 kilometer van de veiligheidszone. Donderdagavond hoorden we dat we moesten vertrekken. Ik ben gekomen met wat ik aanhad.” Djamil (35): “Ik kom uit Majdal Silm, waar we tabak verbouwen. We hebben de tabaksbladeren neergelegd, en de auto gepakt. Alles hebben we achtergelaten, de koeien, de geiten, alles.” Khadisja (35): “Ik zit hier al vijf dagen, de meesten vier. Bij ons in het dorp zitten Fiji soldaten van de VN. Die zeiden woensdag al dat er iets aan de hand was. Ze hebben altijd gelijk.”

Samen met nog 84 andere families, 380 personen wachten ze hier al vier dagen. “Er is tekort aan alles. We krijgen wel matrassen, en kleding en brood, maar ik heb een baby van drie maanden, en die eet geen droog brood,” vertelt Djamil. “Velen zijn zonder geld gekomen, dus zelf kopen zit er ook niet in.” De concierge van een flatgebouw naast de school kan het beamen: “Er kwamen vandaag drie meiden geld bedelen. Ik heb ze weggestuurd want dat kunnen we niet hebben.”

Intussen klinkt voortdurend luchtafweergeschut van het Libanese leger. Twee Israëlische straaljagers draaien al sinds half twee over de stad. Ze zijn te hoog voor het afweergeschut, maar “ik heb orders op alles te schieten wat Israëlisch is,” aldus de soldaat. Nu en dan komt er nog een lijnvliegtuig over. “Ik zie het verschil wel”. Op de strandboulevard, doorgaans zwart van de mensen, zeker op een zonnige vrije dag als vandaag, lopen slechts tientallen wandelaars. Ze turen voortdurend omhoog. “Daar, daar zijn er weer twee, zie je ze”, zeggen ze terwijl ze omhoog wijzen. De machinegeweren breken weer los. Een Israëlisch fregat voor de kust zorgt er voor dat de boten in de haven blijven. Een enkele wordt, na zorgvuldige controle, doorgelaten. Een Canadese toerist vertelt: “Ik ben al zes maanden op reis, ook al in Kashmir in India geweest. Maar Libanon is het ergst.

Op het schoolplein staat Aboe Ali (38), hij regelt de vluchtelingenopvang in 27 scholen in de wijk Hamra, in het centrum van Beiroet. “Er komt nu weinig meer binnendruppelen, de grote stroom kwam vrijdag en zondag. Maar vandaag is Tyre zo zwaar gebombardeerd dat ik weer een nieuwe groep verwacht.” Hij weet niet hoeveel mensen hij onder zijn hoede heeft. “Nog niet aan tellen toegekomen. Ik probeer van alles bij elkaar te scharrelen, matrassen, dekens, eten, maar ik weet niet waar ik het moet halen. Ik heb nu wel net een dokter gekregen, maar geen medicijnen.”

Vertegenwoordigers van hulporganisaties komen binnen wandelen. Charitas, het Libanese Rampenfonds, Terre des Hommes, allemaal willen ze weten waar er gebrek aan is. “Matrassen”, zucht Ali, net belaagd door vijf boze omaatjes die op de tegelvloer in de gang hebben moeten slapen. De hulpverleners stappen op. “Nu krijg ik teveel matrassen, terwijl ik ook melk nodig heb. We hebben coördinatie nodig, dit gaat zo niet.”

Onderwijl komt er een dame in mantelpak binnen terwijl haar chauffeur koffers en tassen achter haar aan sleept. “Kinderkleding, mijn kinderen zijn zo groot, ik heb het niet meer nodig. Kunt u mij helpen, er ligt nog meer in de auto.” De vrouw doet dit voor het eerst. “Ik voelde mij nooit bijzonder aangesproken, al die gevechten in het zuiden. Maar nu wordt de electriciteitscentrale in Beiroet aangevallen! Ik ben absoluut niet radicaal en ik kan best het standpunt van Israël inzien, maar een keer gaat het te ver. Vandaar”.

De straaljagers blijven overvliegen. Te hoog om te raken, laag genoeg om de vleugels te onderscheiden. Om vijf uur 's middags komen er twee Cobra-helikopters bij. Ter hoogte van de zuidelijke buitenwijken blijven ze boven zee hangen. Ze hangen zeker tien minuten roerloos in de lucht als plotseling een raket omhoog suist, met een grote boog langs ze heen. De helikopters gooien lichtkogels uit, om warmtezoekende raketten af te leiden. Een automobilist ziet, door getuur in de lucht, de geparkeerde ambulance niet. Beng! Glas rinkelt.

- Vervolg op pagina 5

Hezbollah: Ze zijn zelf begonnen 'Toen Israël die bouwvakkers in Jatar doodschoot heette dat een ongelukje' VERVOLG VAN PAGINA 1

Een andere bezoeker, Mohammed Kabbani, parlementslid, neemt poolshoogte. “Dit doe ik op eigen initiatief, morele steun, kijken waar men tekort aan heeft en zien of ik er iets aan kan doen. Iedereen leeft mee, het is niet meer als vroeger,” vertelt hij. “Nog maar een paar jaar geleden kreeg je bij elk probleem twee publieke opinies, één voor en één tegen. West- en Oost-Beiroet waren het nooit eens. Ik geef toe dat men in Oost-Beiroet deze ontwikkelingen niet zo ernstig voelt als wij, want eerst worden de scholen in West-Beiroet gevuld, dan pas worden ze naar Oost-Beiroet gestuurd. Maar iedereen maakt zich zorgen en dat is voor het eerst. Het is niet meer alleen een probleem voor Zuid-Libanon en West-Beiroet, het gaat nu iedereen aan.”

In de zuidelijke buitenwijken sluiten steeds meer winkeliers hun deuren. “Het heeft geen zin” zegt een kapper. “Dit is een invasie zonder dat we binnen worden gevallen. Er komen geen klanten meer vandaag.” De Hezbollahstrijders op staat zijn achterdochtig. “Wie moet je hebben, waar kom je vandaan, wie ben je, wat wil je, voor wie werk je, wat doe je hier,” vragen ze voor ik het autoportier half open heb. Het voorlichtingsbureau. Met kogelvrije vesten en M-16's wordt ik begeleid. Najif Krajim, hoofd voorlichting, heeft het druk. Zijn drie telefoons rinkelen en de deur van zijn kantoor blijft opengaan. “Het is wat hectisch deze dagen.” In zijn wachtkamer zitten nog vijf buitenlandse journalisten. “Hezbollah's standpunt? Wij houden ons aan het akkoord van 4 juli 1993. Daarin is afgesproken dat Israël geen Libanese burgers beschiet, en wij niet op Noord-Israel richten. Israel heeft dat akkoord vele malen geschonden, zeer onlangs nog door twee bouwvakkers in Jatar dood te schieten, onder de ogen van VN-soldaten. “Een ongelukje” werd dat genoemd. Israël is begonnen. Als zij schieten op onze bevolking mogen wij op het noorden schieten, volgens het akkoord. En dat doen we. Vandaag hebben we al 10 Katsjoesja's afgeschoten, en de dag is nog niet voorbij.” Onderwijl pakt hij de ene hoorn na de andere op. “U moet dit niet persoonlijk nemen,” zegt hij. “Maar over het algemeen wij als de bad guys afgeschilderd in de westerse pers. Ik zou elke Nederlander willen vragen hier eens een tijdje te komen. Hezbollah is pas ontstaan na de Israëlische invasie in 1982. Wij zijn het resultaat van Israëls agressie. Wij zijn niet met geweld uit te roeien. Onze minister-president Rafik Harriri heeft het duidelijk gezegd: dit is een vicieuze cirkel van geweld. Hoe wij wel weg te krijgen zijn? Hij draait zijn beide handpalmen naar boven in een gebaar alsof een kind de was kan doen. “Geef Zuid-Libanon terug aan de Libanezen en het verzet heeft geen reden meer zich te verzetten”. Volgens Krajim wil Israël het akkoord van 4 juli aanpassen. “De Libanese regering heeft een juist standpunt ingenomen, dat Israël is begonnen met schieten.” De 80 zelfmoordcommando's - “martelaren” - zijn volgens hem geen propaganda. “U zult weldra van ze horen.”

Maar ik hoor iets anders. Om half zes klinken er doffe dreunen door de stad. Beiroet-zuid wordt beschoten. Het huis van sjeik Hoessein Fadlallah, Hezbollahs geestelijke leider, en het hoofdkwartier van Hezbollah, de Madjlis Al-Sjoera, worden geraakt. Vijf minuten later moet een electriciteitscentrale bij Oost-Beiroet het ontgelden. Pas sinds vier maanden kan de Libanese regering weer 24 uur stroom per dag garanderen, na 16 jaar burgeroorlog. Een zwarte wolk stijgt boven Beiroet uit. Het radioprogramma wordt voor de honderdste keer onderbroken. Half Beiroet zit zonder stroom.

Het begint de Libanezen te dagen dat dit serieus is. De man in Oost-Beiroet die mij gisteren vertelde dat hij zijn schuilkelders waarschijnlijk niet nodig zou hebben, zal nu wel anders denken. Israëls jacht op Hezbollah is veelomvattend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden