'We gaan terug naar Utoya - als we het niet doen, wint hij'

Utoya, het vakantie-eiland voor de jeugd van de Noorse Arbeiderspartij. Tot vorige week vrijdag was het de hemel op aarde. Helene Kaltenborn (20) overleefde de slachtpartij. "Noorwegen zal veranderen, maar herkenbaar blijven."

'Ik was zeventien toen ik hier voor het eerst kwam. Prachtig eiland, met veel bos en een paar huisjes. Tijdens de zomerkampen komen jongeren praten over politiek. Er zijn concerten, stand-up, dating. De ontmoetingen, het sociale, dat is het belangrijkste. De huizen zijn te klein voor alle mensen die komen - dit jaar zeshonderd - dus slapen we in tenten, dicht bij de natuur. Dat is onderdeel van het avontuur. Je leeft dicht op elkaar, je moet dus wel vrienden maken, dat gaat vanzelf. Het zijn mensen die dezelfde waarden met je delen, mensen die geloven in een betere wereld. Ik heb er mijn beste vrienden gemaakt.

"Noorwegen is een veilig land, nog steeds, en de sociaal-democratie is een goed systeem. Voor iedereen is er een vangnet. Niet alleen de mensen met geld hebben het goed, iedereen. Noorwegen wordt niet voor niets ieder jaar verkozen tot beste land om te wonen. Ik zou willen dat de hele wereld het heeft zoals wij het hebben. Wij hebben het in Noorwegen zó goed, dat we mensen in andere landen die het minder hebben, kunnen helpen en steunen. Internationale solidariteit, het verhaal doorvertellen, dat is belangrijk.

"Politiek is leuk, héél erg leuk! Zeker als je voelt dat het zinnig is, als je succes hebt. We hebben dit jaar een congres gehad met de jongerenafdeling waar voorstellen uit kwamen die uiteindelijk door onze regeringspartij, de Arbeiderspartij, zijn overgenomen. Geen lidmaatschap van de Europese Unie bijvoorbeeld - wat niet wil zeggen dat ik daar niet anders tegenaan kan kijken. Maar ook een minder harde politiek op het gebied van immigranten. Wij geloven in een multiculturele samenleving."

Helene heeft een landgenoot die níet gelooft in een multiculturele samenleving. Een man die denkt in zwart en wit en daar schrikdraad tussen spant. Verkleed als politieagent pakt hij 22 juli de boot naar het eiland, waar Helene zich zo veilig, zo geborgen voelt. Hij is zwaar bewapend.

"Ik sliep die middag in de tent. Ik had een lange nacht gehad, 's ochtends voetbal- en volleybalwedstrijden gespeeld. Ik was even gaan liggen. Mijn vriend was net van het eiland af, hij moest naar een begrafenis. Hij belde dat er wat mis was in Oslo. Ik zat net op mijn telefoon de krant te lezen, toen we via de speakers opgeroepen werden naar het hoofdgebouw te komen.

"Ik zat in de grote hal toen we knallen hoorden. Een slechte grap dacht ik, maar mijn vriendin begon te huilen. Ik sloeg mijn arm om haar heen, stelde haar gerust en probeerde door het raam naar buiten te kijken. Tot iemand riep dat we weg moesten bij de ramen.

"Wij renden naar de kamer ernaast. In de kamer daarnaast hoorden we schoten. Omdat ik mijn schoenen niet kon vinden en geen vuile sokken wilde, ben ik op blote voeten het gravelpad opgelopen, mijn vriendin aan mijn arm. Links zag ik een meisje, bloederig en bang. Ik kon nog steeds niet geloven wat er gebeurde en dacht dat ze zich misschien gesneden had - ze werkt in de keuken. Maar de volgende die we tegenkwamen had ook een shirt dat doorweekt was met bloed. Het is geen grap, riep hij nog. We zijn het bos in gerend, over het gras, over omgevallen bomen en kwamen een jongen tegen die in beide knieën was geschoten. We hebben zijn wonden met onze kleren verbonden. Anderen namen hem mee, wij renden de andere kant op.

"We hebben ons tussen de rotsen onder het pad verstopt. Boven ons verscheen iemand in een donker uniform die heel kalm liep. Terwijl iedereen juist rende, liep hij alsof hij alle tijd van de wereld had. Dat moet hem zijn geweest. Verder heb ik hem niet gezien.

"We waren met z'n vieren en overwogen naar de vaste wal te zwemmen. Ik stuurde mijn ouders een sms, vertelde dat ik van ze hou, wat hier gebeurde en dat we zouden gaan zwemmen. Daar zagen we toch maar vanaf. We wisten niet of hij alleen was of dat er nog mannen bij hoorden die misschien in een boot zaten. In het water ben je kwetsbaar. We hebben weer een stuk over het pad gerend, toen weer het bos in. We hoorden mensen die in paniek waren.

"Onderaan een klif lag een dode jongen in het water die we de kant optrokken. Ik vond het verschrikkelijk voor zijn ouders. Er was ook een kloof in de klif, maar daar waren al zoveel mensen dat wij er niet bij konden. Iets verderop vonden wij een holte waar wij zijn gaan staan."

Ruim een uur jaagt de nep-agent op alles wat beweegt en schiet 68 mensen dood. Helene en haar lotgenoten verplaatsen zich nog diverse keren, tot boten het eiland benaderen die mensen uit het water vissen en melden dat het afgelopen is.

"We werden naar het dorp Sundvollen gebracht. Onder meer door vakantiegasten die wel knallen hadden gehoord, maar dachten dat we een feestje vierden. Ik heb gelukkig niemand doodgeschoten zien worden. Ik heb die man zelf ook niet gezien, alleen zijn gestalte.

"Achteraf gezien, op de luchtfoto's en in de reconstructie, waren wij steeds toevallig op de juiste tijd op de juiste plek. Ik check iedere dag de nieuwe lijst met slachtoffers die geïdentificeerd zijn. De eerste dag vier namen, toen dertien, vandaag (donderdag, red.) 24. Het is iedere keer weer een schok om bevestigd te zien dat iemand dood is die je kent. Er is een lijst met vermisten, maar ze hebben bij een hoop lichamen nog geen namen.

"Ik kan nog niet geloven dat het gebeurd is. Het is alsof ik nog steeds in een droomwereld zit. Alle goede dingen van Utoya lijken van gisteren, vrijdag 22 juli lijkt weken geleden. We hebben hulp. Mensen met wie we kunnen praten. Dat doe ik de laatste drie dagen. Heel veel praten met iemand die alleen maar luistert. Het helpt. Denk ik. Nu niet, maar voor de lange termijn. Anders bouw je het op. De leden onderling bellen veel, we doen veel via Facebook.

"We gaan terug naar Utoya. Als we het niet doen, wint hij. Het zal zwaar zijn die eerste keer, maar we gaan. We zijn gemotiveerder dan ooit. Er stromen nu heel veel nieuwe leden in, mensen die nu ook zien hoe belangrijk politiek is. Je krijgt er de mensen die je verloren hebt niet mee terug, maar er komen nieuwe bij die het verschil willen maken.

"Onze premier Stoltenberg reageerde direct met te zeggen dat we méér democratie, méér openheid zullen krijgen, dat we ons niet het zwijgen laten opleggen. Ik ben er trots op in Noorwegen te wonen. De Verenigde Staten reageerden na de aanslagen van 11 september direct met uitroken en opjagen. Fox News vergelijkt ons nu met de Hitlerjugend. Wat een klap in ons gezicht.

"Niets kan ongedaan maken wat er is gebeurd. Een ijskoude man, die op onbeschermde kinderen op een eiland schoot omdat ze ergens in geloofden. Noorwegen zal veranderen, maar herkenbaar blijven. We blijven staan voor waar we voor stonden. De saamhorigheid is alleen maar gegroeid. Tijdens al die herdenkingen, zoveel mensen, zo dicht bij elkaar. In september zijn de gemeenteraadsverkiezingen en er wordt een enorme opkomst verwacht als reactie op deze aanslag. Ik geloof nog steeds in de multiculturele samenleving, ik heb nog steeds geloof in het goede van de mens. Hij heeft mijn vrienden afgepakt, maar niet hoe ik over de dingen denk.

"Ja, ik ben bang, ik heb angst. We zijn het nog steeds aan het verwerken, zijn nog steeds in een shock. Ik heb een goede vriendin in het ziekenhuis die door vijf kogels is geraakt, maar ze gaat het overleven. Toen een politieman haar ondervroeg, wilde ze dat hij al zijn zakken leegde en zich legitimeerde. Er zijn er veel die bang worden van een politie-uniform. Ik ben ook bang, ik vertrouw mensen niet meer. Ik hoop dat het slijt."

Het Noorse antwoord op terreur is bloemen en liefde
Guri Ingebrigtsen is de moeder van Helene. Van 1996 tot en met 1997 en van 2000 tot en met 2001 was ze minister van sociale zaken en volksgezondheid namens de Arbeiderspartij. Ze is als een van de weinigen van die partij nooit op Utoya geweest. "Ik was daarvoor communist, dus kwam je daar niet."

De dag voor de aanslag lag ze in het ziekenhuis, ze werd geopereerd. "De volgende dag was ik niet veel soeps. Ik lag op bed en luisterde naar de radio. Ik hoorde over een bom en over de regeringsgebouwen, die ik zo goed ken, en dacht: interessant programma. Ik zat nog zo dik onder de narcose dat de realiteit mij ontging.

"Toen het over Utoya ging, kreeg ik grip op mezelf. Plots realiseerde ik mij dat het niet meer interessant was, maar realiteit. Daar zit mijn dochter! Nee, ik had haar sms nog niet gelezen. Mijn man Nils kwam direct naar het ziekenhuis. Ik kon alleen nog maar huilen, vreselijk huilen - mijn dochter was daar. Het zijn de langste uren in mijn leven geweest, het leken weken. Ik kon nog geen arm optillen, maar zat van spanning recht overeind. Ik ben een doener, maar kon niets."

De bevrijding was groot toen Helene belde. "Ik weet niet of ik huilde of lachte.

"Voordat ik politica werd, werkte ik in de psychologie, vooral in de verwerking van rampen. Dit is zo'n vreselijke ervaring geweest, dat ik niet weet of Helene hier later toch last van krijgt. Dat ze jou dit verhaal met droge ogen kan vertellen, is omdat ze nog in een shock is. Het is een manier om om te gaan met een wanhopig verhaal. Maar ze huilt ook wel eens en er zullen elke dag, voor een lange tijd, tranen vloeien."

Noorwegen heeft de wereld versteld doen staan met de wijze waarop het met de aanslagen omgaat. Het mantra is 'meer democratie, meer openheid'. Het antwoord op terreur is bloemen en liefde. Wie heeft de Noren geprogrammeerd?

De man zonder naam
"Tja, de Vikingen stonden niet bepaald bekend om hun vredig leiderschap. Maar we hebben nu een heel sterke leider, Stoltenberg, die in het zachte van het leven geloofd. Hij komt niet met oorlogsverklaringen, maar zet volledig in op openheid, vrijheid en gelijkwaardigheid. We zijn een kleine samenleving en hebben het goed. Politiek zijn er kleine discussiepunten, maar geen grote meningsverschillen. We zijn nu van binnenuit aangevallen, onze jeugd is doodgeschoten, regeringsgebouwen opgeblazen. Dat gaat tegen het gevoel van ons állemaal in. Nog nooit in de geschiedenis is gelijktijdig én de regering én de jeugd van een land aangevallen. We hebben er in dit land voor gekozen dat we het belangrijk vinden dat de jeugd belangstelling heeft voor politiek. In het onderwijs is aandacht voor het omgaan met elkaar, worden onze normen en waarden overgebracht. We zijn goed opgeleid, maar dát zijn zaken die nog belangrijker zijn dan goed sommetjes maken. Dit was een aanslag op díe waarden en alle Noren sluiten nu de rijen. We laten niet kapotmaken wat voor ons belangrijk is."

Natuurlijk, ook in de Noorse media knalt de naam van de rechts-extremist die aanslagen pleegde op de Noorse jeugd en regeringsgebouwen in Oslo van het papier en klinkt hij uit radio en tv in alle huiskamers. Maar premier Jens Stoltenberg, andere politici en vertegenwoordigers van het koningshuis spreken zijn naam niet uit. Ook Helene Kaltenborn noemt tijdens het bijna twee uur durende interview de man die haar vrienden liquideerde niet één keer bij naam. Het kost haar geen moeite. Het verzwijgen van de naam lijkt al een gewoonte, als een stilzwijgende afspraak die zich over het hele land uitrolt. 'Deze man', wordt er gezegd. Stoltenberg zei daarover eerder tegen het persbureau NTB: "Het is voor mij vanzelfsprekend hem niet bij naam te noemen. Ik denk niet aan hem en wil hem geen aandacht geven. Wat mij bezighoudt is het helpen van de slachtoffers van zijn gruwelijke daden. Mijn grootste opgave de komende tijd is om steun en hulp te bieden aan de overlevenden."

Elke dag komen er namen bij van de dodelijke slachtoffers van de man zonder naam.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden