’We eten weer vis uit de Aralzee’

De Aralzee stond lange tijd symbool voor de milieuvernietiging in de voormalige Sovjet-Unie. Nu gloort er dankzij een dam weer hoop voor de vissers.

Vol trots laat Zjamboel Karajev (37) zien wat er allemaal wordt uitgeladen uit een kleine vrachtauto. Medewerkers dragen witte bakken vol glimmende vissen van bijna een halve meter de ‘Kambala Balyk’ visverwerkingsfabriek binnen.

„Hier wordt de vangst schoongemaakt en ingevroren”, vertelt Karajev, die manager is van de twee jaar geleden opgezette fabriek in Aralsk. „Er worden nu verschillende soorten vis, waaronder karper en snoek, gevangen in de Aral Zee. We draaien zelfs dag- en nachtdiensten!”

Behalve naar de Kazachse markt, wordt de vis ook geëxporteerd naar onder andere Rusland en Oekraïne. „We hebben weer een toekomst, dankzij de nieuwe dam!” Zijn volgende stap wordt een fileer-afdeling in de fabriek die nu zo’n veertig werknemers telt.

De Aral Zee was ooit berucht omdat de mens er een ecologische ramp van ongekende omvang aanrichtte. Begin jaren zeventig legden de Sovjets de Syr Darya en Amoe Darya rivieren om ter irrigatie van de katoenvelden in het huidige Oezbekistan. Doordat er geen water de Aral Zee meer instroomde, kromp die tot een kwart van haar oorspronkelijke omvang. Het water zakte gemiddeld wel een halve meter per jaar. De zee splitste zich in een noordelijk- en een zuidelijk gedeelte, eilanden werden schiereilanden. (De noordelijke zee ligt in het huidige Kazachstan, de zuidelijke in Oezbekistan.) Roestende vaten lagen in de dorre woestijn die overbleef.

De kwaliteit van het terugtrekkende water verslechterde dramatisch door vervuiling en verzilting. Het zoutgehalte liep op van 10 gram per liter tot 26. Met 35 gram per liter zou het even zout zijn geweest als de oceaan. De enige vis die overleefde was bot. Totdat de 13,5 kilometer lange Kok-Aral Dam met steun van de Wereldbank werd neergezet. De dam, die 85 miljoen dollar had gekost, werd in 2005 afgerond en staat tussen de noordelijke en de zuidelijke zee.

En sneller dan verwacht begon het water in de noordelijke zee weer te stijgen. De waterkwaliteit verbeterde en het zoutgehalte zakte. Inmiddels zwemmen er meer dan veertien eetbare vissoorten in de noordelijke Aral Zee.

De Wereldbank gaat nu een volgende dam neerzetten. Het project kost 126 miljoen dollar, volgens plannen die nog formeel goedgekeurd moeten worden. In de noordelijke zee willen de ingenieurs nog meer water en vissen terugbrengen. Voor de inwoners van het afgelegen vissersdorpje Zjamboel is dat reden voor nog meer optimisme.

„Sinds er weer vis wordt gevangen, is de sfeer in het dorp beter. Er is weer werk!”, vertelt visser Zjalgasbaj Izbasarov (51). Samen met de andere vissers is hij vaak dagen op pad om achter de scholen vissen aan te jagen. Naast het 130 huizen tellende dorpje begon ooit de zee. Nu zie je er het zogenaamde ‘scheepskerkhof’, waar schepen roestend op hun zij liggen naast magere kamelen in de verdroogde vlakte. De zee begint nu zo’n twintig kilometer verder. „Als het water nog dichterbij komt, wordt het leven hier nog beter”, zegt Izbasarov.

Ook Marina Abdoelanai (44), lerares scheikunde in Aralsk, is positief. „Het leven is verbeterd. Mensen zijn gezonder, we eten weer verse vis. Maar het is nog steeds zwaar.” Haar kinderen kennen de zee alleen uit verhalen en van de roestende hijskranen in de verlaten haven. ‘Ze hebben ons beloofd dat de zee over twee jaar terug is!’ zegt ze. Voor het eerst sinds decennia hebben Marina en de andere inwoners van Aralsk weer hoop voor de toekomst.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden