'We bouwen voor Slowaken, niet voor minderheden'

Kosice in Slowakije is culturele hoofdstad van Europa. De stad schudt haar loodzware Sovjeterfenis van zich af, verleidt IT-bedrijven zich er te vestigen en schermt met haar multiculturele karakter. Maar de Roma doen niet mee.

Het centrale plein is als een oester, die langzaam zijn geheimen ontsluit. Charmant en behoedzaam wijkt de huizenrij uiteen, om pas na enkele honderden meters ruimte te laten voor het stadstheater en de Heilige Elizabeth Kathedraal. Hlavna heet het plein: de hoofdstraat. Het is het zenuwcentrum van de stad, waar de mensen van de stad religie en cultuur het diepst beleven. De mis op zondagochtend is nog steeds in het Latijn.

Tussen de praalgebouwen spelen kinderen in fonteinen. Er hangen speakers aan de bomen, waaruit muziek klinkt uit alle Europese landen. Een mazurka, een Spaanse ballade en ook 'Tulpen uit Amsterdam'. De hele zomer barst de culturele hoofdstad van de evenementen. Muzikale grootheden uit de hele wereld komen naar Kosice om een uitvoering te geven. De stad is versierd met vlaggen en ballonnen.

Een wandeling door het centrum van Kosice (250.000 inwoners) is een onderdompeling in de Midden-Europese cultuur. Er is een orthodoxe, een lutherse en een Grieks-Katholieke Kerk. De gotische Elizabeth Kathedraal is van een adembenemende schoonheid, met zijn ronde klokkentoren en de mozaïeken in het dak. 'Een kathedraal gebouwd met moed en vroomheid. De bouwers wilden niet anderen onderwerpen, maar hun geloof uitdrukken', schreef Sandor Marai over de kerk, die vlak voor de zomer eindelijk bevrijd werd van de restauratiesteigers.

Marai betekent voor Kosice net zoveel als Kafka voor Praag. De twintigste-eeuwse schrijver is veruit de beroemdste inwoner die Kosice ooit kende. In boeken als 'Gloed' en 'Kentering van een huwelijk' schrijft Marai met liefde over de stad waarin hij opgroeide. Vlak bij zijn voormalige woonhuis zit hij op een troon, in brons gegoten. Op de stoel ertegenover gaan zijn lezers met hem op de foto.

De meeste bezoekers van Kosice zijn 'heimweetoeristen' uit Hongarije. In de kathedraal fotograferen zij hun vorsten en prevelen zij schietgebedjes in het Hongaars. Honderd jaar geleden heet Kosice nog Kassa; een multiculturele provinciestad van het Oostenrijks-Hongaarse keizerrijk, bewoond door Hongaren, Joden, Duitsers en Slowaken.

Weggevaagd
De titel culturele hoofdstad is niet vanzelfsprekend in een regio waar complete culturen zijn weggevaagd. Ook Kosice verandert de laatste eeuw drastisch van bevolkingssamenstelling, door verdrijving en massamoord. Dat de gebouwen intact zijn, is een wonder, zegt Milan Kolcun, schrijver en stadsgids. "De afgelopen eeuw wordt Kosice telkens door een andere mogendheid bestuurd. Sommige mensen in Kosice hebben in vijf verschillende landen gewoond zonder ooit verhuisd te zijn."

Kosice is een stad met fantoompijn. Na de Eerste Wereldoorlog moeten eerst de Hongaren de stad verlaten, nadat zij partij voor de Duitsers kiezen en de stad aan Tsjechoslowakije wordt gegeven. Ook Sandor Marai vertrekt in 1918, naar Boedapest. Nog steeds wonen er grote Hongaarse minderheden in Slowakije, wat geregeld tot ruzie leidt. Als de Hongaarse president in 2009 een standbeeld van een Hongaarse koning wil onthullen in een Slowaakse stad, wordt hij tegenhouden op de grens ¿ een ruzie waarbij Brussel moet bemiddelen.

Voor de oorlog telt Kosice twaalfduizend Joden, die de handel doen bloeien. Tijdens de Tweede Wereldoorlog maken de Hongaarse bezetters aanvankelijk geen haast met de vervolging van de Joden. Totdat Hitler in 1944 ingrijpt en de schaduwregering afzet. In drie weken tijd worden alle Joden van Kosice naar Auschwitz vervoerd. Begin deze maand overleed de honderdjarige Lászlo Csatary, die de Joden hoogstpersoonlijk de trein in zou hebben geranseld. Pas een jaar geleden werd deze 'meest gezochte oorlogsmisdadiger ter wereld' opgepakt, na een tip van het Simon Wiesenthalcentrum.

Verjaagd
Aan het eind van de oorlog bezet het Sovjetregime de stad. Ook de eeuwenoude Duitstalige gemeenschap wordt verjaagd. Kosice wordt aangewezen als industriestad en er verrijst een reusachtig staalcomplex. Het historische centrum verdwijnt onder een grauwsluier, omringd door grijze Sovjetflats waar Slowaakse arbeiders intrekken. "De bewoners van Kosice kennen het verschil tussen vrijheid en onvrijheid", zegt Milan Kolcun.

Nog steeds is de staalindustrie essentieel voor de regio. De fabriek is nu in handen van de Amerikaanse staalgigant US Steel en produceert vooral voor de auto-industrie, die groot is in Slowakije. Tram 4 brengt de arbeiders van het centrum naar de fabriek, een eind buiten de stad; een reusachtig ensemble van pijpen, blokkendozen een rookwolken.

In de fabriek werken elfduizend mensen. Van elke familie in Kosice werkt wel iemand in de staalfabriek. Dit voorjaar breekt dan ook grote paniek uit als US Steel erop zinspeelt de fabriek te verkopen. Premier Fico reist hoogstpersoonlijk naar Amerika om de eigenaren over te halen in Slowakije te blijven. Belastingvoordelen overtuigen de Amerikanen om in elk geval vijf jaar verbonden te blijven aan de regio.

"Kosice moet minder afhankelijk zijn van die ene werkgever", zegt Jan Sudzina, de directeur van de organisatie van de culturele hoofdstad. Ook hij is twintig jaar in dienst van US Steel, totdat hij de overstap maakt naar de muziekindustrie. "Wat mij betreft staat het culturele hoofdstad-project in het teken van de transformatie van industriestad naar centrum van informatietechnologie."

Kosice heeft de ambitie om een 'IT-valley' te worden. Vanwege de lage lonen is Kosice aanlokkelijk als centrum van outsourcing. Megabedrijf IBM maakt graag gebruik van de relatief hoogopgeleide, jonge bevolking van de stad. Jonge programmeurs en webdesigners kunnen aan de slag bij internationale firma's als T-Systems (technische helpdesk) en Eset (anti-virus ontwikkelaar).

De komende twee jaar moet het aantal werknemers in de IT-sector groeien van zes- naar tienduizend, zegt Sudzina. Om internationale bedrijven te trekken, moet de cultuursector versterkt worden. "Bedrijven komen niet alleen voor de lage lonen, maar ook voor het intellectuele klimaat en het uitgaansleven. Kosice moet het opnieuw hebben van het open, multiculturele karakter."

Roma
Opvallend is dat de Roma geen enkele rol spelen in het cultuurbeleid van Kosice. Terwijl zij met elfduizend mensen de grootste minderheid vormen en prominent aanwezig zijn in het straatbeeld. Dagelijks strijken zij neer in de parken, waarbij ze de toeristenbankjes mijden en hun kinderen bij de fontein niet met de andere kinderen spelen. Op de terrassen vind je geen Roma, behalve als bedelaars. De serveersters sturen hen vriendelijk doch beslist de straat weer op.

In Kosice bevindt zich een van de grootste Romagetto's van Europa: Lunik 9. Aan de rand van de stad wonen negenduizend mensen, opeengepakt in flats die ogen als opgestapelde krottenwijken. De blokken zijn verwaarloosd en lijken op het eerste gezicht onbewoonbaar. Een van de inwoners is de 43-jarige Petro. Zijn flat lijkt gebouwd op een vuilnisbelt. Een enorme berg afval - plastic, glas, blik - hoopt zich op naast de flat, naar buiten gegooid door de bewoners. Het stinkt verschrikkelijk.

"We hebben geen water. Ik kan me niet douchen. Er is geen elektriciteit", zegt Petro. Zijn woning bestaat uit een kale ruimte, met grote vochtplekken op het plafond. In de hoek liggen vuile matrassen. Een vrouw kookt een potje op een gasfles, Petro's broer zwengelt een radiootje aan op een oude auto-accu. Zijn dochtertjes - kleine meisjes in haveloze jurken - knagen aan een broodkorst. "Wij leven van minder dan niets."

Al jarenlang breekt Kosice het hoofd hoe om te gaan met de Roma in de stad. Voortdurend is er ruzie over vuil, armoede en het gebrek aan voorzieningen. De Roma beschuldigen de gemeente ervan niets voor hen te regelen, de gemeente zegt dat de bewoners de voorzieningen verkeerd gebruiken of weigeren te betalen. De gemeente plant de sloop van een aantal flats omdat ze op instorten staan. Waar de bewoners heen moeten, is onduidelijk.

Toch functioneert op het terrein van Lunik 9 een uitgebreid systeem van goedwillende Slowaakse hulpverleners. Er is een dokterspost, een crèche waar orde en regelmaat heerst; vandaag gaan de lessen over groente en fruit. Ook is er een school waar kinderen tot hun veertiende naar toe kunnen. "Maar na de school wacht werkloosheid. De meesten blijven rondhangen in deze wijk", zegt een lerares.

"Wij zijn Cigani, zigeuners!" Petro gebaart wild met zijn handen. "Werk vinden is onmogelijk. We worden gediscrimineerd. 's Avonds mogen we niet weg. De politie houdt ons tegen."

Racisme
Aan ideeën over de Roma ontbreekt het de stad niet, zegt Jarmila Vanova van het Roma Media Centre - een groep hoogopgeleide Roma die tv-uitzendingen maakt in de Roma-taal. Het probleem is dat Slowaken willen dat Roma worden zoals zij, zegt ze. "Het stadsbestuur vraagt zich af hoe zij de Roma kunnen veranderen. Ze willen nieuwe mensen creëren, die zijn zoals Slowaken, maar dan met een kleurtje. Niemand luistert naar wat de Roma zelf willen."

Landelijke politieke partijen spinnen garen bij de Romahaat. Afgelopen voorjaar haalde de populaire premier Fico voor de zoveelste keer uit naar minderheden. "Slowakije is gebouwd voor Slowaken, niet voor minder- heden", bitste hij in het parlement tijdens een ruzie over rechten voor Hongaarstaligen. Fico doet geregeld badinerende uitspraken over homoseksuelen en Roma.

Volgens Kristina Magdolenova, directeur van het Roma Media Centre, zorgt het beleid van de overheid voor segregatie. "Alles in Lunik 9 is erop gericht om Roma apart te houden", verzucht ze. "De overheid zorgt voor behuizing, voor een school en kinderopvang. Terwijl het moet draaien om werk. Als je werk hebt, kun je integreren. Maar Slowaken nemen Roma niet in dienst. Racisme maakt alles kapot."

Het culturele-hoofdstadjaar zou een ultieme mogelijkheid zijn om een brug te slaan tussen de bewoners van Kosice, zegt Magdolenova. "Maar de organisatie van de culturele hoofdstad is niet geïnteresseerd in de Roma. Onlangs organiseerden we een concert waarbij geen enkele steun kwam van de gemeente. De stad laat die kans liggen."

Organisator Jan Sudzina steunt de aanpak van de stad. "De Roma-kwestie is een diepgaand probleem, dat je stap voor stap moet veranderen. Het geld moet niet naar cultuur en muziek, maar naar onderwijs en naar welzijnswerkers." Sudzina ziet nog een ander obstakel voor een welvarende toekomst van Kosice: de dichte oostgrens. "Kosice heeft altijd gefloreerd vanwege haar centrale positie in Midden-Europa. Het Schengenverdrag maakte daar een eind aan. We zouden die grens in het oosten weer moeten slechten."

Kosice en Marseille
Elk jaar wijst het Europees Parlement twee culturele hoofdsteden van Europa aan. Dit jaar wordt de titel gedeeld door Marseille en Kosice. Volgens de website van de Europese Unie biedt deze titel 'gelegenheid hun Europese identiteit te vieren en hun cultuurscene nog levendiger en aantrekkelijker te maken'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden