Water

In de serie De groentetuin volgen we de tegenslagen en bescheiden succesjes van moestuinbeginneling Alma Huisken.

Vroeger, als kinderen, speelden we in niemandsland: op braakliggende gronden en hobbelige bouwterreinen. We vingen er kikkers en zakten door het kroos. Dan 'haalde je een zeikie' en zompte drabbig water uit sliknatte schoenen en kousen. Hoewel ik plassen ook nu nog onweerstaanbaar vind, zijn zeikies verleden tijd. Sinds de aanschaf van groene tuinderslaarzen pareer ik water droog geschoeid. Alsmede de modderpoel waarin mijn landje de laatste tijd veranderde.

Een tuin bestaat uit vele elementen. De aarde is de basis, die moet je leren kennen. Stop je handen er maar in en voel: is het schraal zand of vettig veen? Zavel, humus, oude zeeklei? Op het complex liggen tuinen als een hol glooiend bekken, verzakt tot ze opgehoogd worden, naast bedden met een bolle welving, netjes ingestopt door regelrechte paden. Ook zijn er percelen bespikkeld met schelpen: hier poogde een mens de klei te verkalken. Klei die water vasthoudt, wat 'szomers een zegen is. Maar nu even niet.

Kan het nog natter? Belaarsd stap ik in de drek en spied om me heen: het hele complex lijkt te drijven. Volgeregende kruiwagens lopen over, savooienkool staat tot de kruin in de golven en de generale indruk is er eentje van de Zweedse scherenkust. Een voorheen stevig tegelpad danst als een Iers trilveen en zwarte drek welt omhoog tussen de naden. Nee, dan mei vorig jaar. Toen hadden voorjaarswind en zon vrij spel en verdroogden ze de aarde sneller dan je kon bijhouden. Bijhouden met water, allicht. Maar waar moest ik dat vandaan halen, op een waterleidingvrij complex? Weliswaar werd mijn tuin begrensd door een sloot, maar kon iemand mij vertellen of het water wel in orde was?

Wekenlang kwam er geen waterdeskundige op mijn pad. Thuis vulde ik bijna dagelijks acht anderhalve-literflessen met koel, helder water, fietste ze naar de tuin en druppelde de inhoud als bruidstranen over mijn jong gewas. Nauwelijks voldoende, maar ik nam geen risico's! Toen een éminence grise iets verderop gieter na gieter liet ruisen op zijn kolen en bloemen, wierp ik mijn schoffel neer. Waar stond die watertank waaruit de wijze grijze zijn kostbaar vocht betrok? Had ik tien regentonnen over het hoofd gezien? Onpeilbare hemelwaterreservoirs? Welnee: de sloot was het antwoord. Het water bleek zuiver want getest, voor zover slootwater zuiver kan zijn. Bij gebrek aan een doorgang naar mijn slootkant (wegens een woeste begrenzing van elzen en brandnetels) verwees hij me naar de toegankelijker, aanpalende tuin van de aardige buurvrouw. Daar mocht ik vast wat water halen. Ruim twintig keer dompelde ik mijn decoratieve zinken gietertje in de sloot en genoot van het bad dat ik mijn groente gaf.

'sAvonds thuis rinkelde de telefoon. De éminence grise. ,,Nadat je wegging, heb ik een geïmproviseerde waterplaats voor je gemaakt. Kijk maar eens of je ermee vooruit kunt.'' Mijn geestdriftige dank wuifde hij telefonisch weg. Direct ijlde ik terug naar mijn tuin: een mansbreed paadje voerde door elzen en netels naar rietkraag en sloot. In de oever waren twee treden gehouwen, met stoeptegels bekleed. Ik kocht een grote, lichtgewicht gieter en zette die ernaast. Soms zit ik daar, bij mijn geschonken waterplaats, met laarzen aan te spetten in de sloot.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden