Review

Water, goud en veren

'Het zwijgen van Mario Salviati' van de Zuid-Afrikaanse schrijver Etienne van Heerden, dat in zijn eigen land al met twee belangrijke literaire prijzen werd bekroond, is een wonderlijk boek. Het heeft namelijk alles weg van een avonturenroman, met schatkaarten en al, een genre dat men allicht niet zou verwachten van een nette literatuurprofessor uit Kaapstad. Het lijkt daarnaast ook een wat vreemde eend in de bijt van recente Zuid-Afrikaanse literatuur, waarvan het aanzien vooral wordt bepaald door de kritische boeken van André Brink en de sombere existentiële romans van J.M.Coetzee, werken met een onmiskenbare maatschappijvisie.

Van Heerden daarentegen heeft zo te zien veeleer een meeslepend epos willen scheppen in de trant van Gabriel Garcia Marquez' 'Honderd jaar eenzaamheid'. Ook hij verweeft verschillende geschiedenissen van de afgelopen honderd jaar uit het denkbeeldige plaatsje Jaarendag, dat gesitueerd is in de Karoo, een woestijnachtige streek in Zuid-Afrika. Wie er geweest is proeft precies wat voor dorpje bedoeld is. De Karoo was in de belle époque het wereldcentrum van de struisveren-productie, het is ook een streek waar, zoals in heel Afrika, goud een rol speelt en de droogte van het landschap genereert tevens een zucht naar water.

,,Water, goud en veren'', vat Ingi Friedlünder dus samen. Ingi bezoekt vanuit Kaapstad Jaarendag om daar van de befaamde maar als een kluizenaar levende beeldhouwer Jonty Jack zijn beeld Visman Steigert los te weken voor de collectie van het museum in Kaapstad. Allengs raakt ze verwikkeld in de geschiedenis van het plaatsje en zijn families, die gedurende het boek een almaar ingewikkelder kluwen wordt. Blank, kleurling, zwart, vreemdeling, autochtoon, iedereen heeft hier wel wat met elkaar te maken. Het politieke systeem van de 'Grote Apartheid' heeft daar nauwelijks verandering in kunnen brengen.

Het zwijgen van Mario Salviati is zo'n boek dat begint met een bepaald niet overbodige stamboom. Het incestueuze karakter van deze gemeenschap van blanken, halfbloeden, gedeporteerde Italianen en gevluchte boeren uit de Vrijstaat levert een waaier aan verzwegen geschiedenissen, mythen en magie op. Daar is de doofstomme en blinde Italiaan Mario Salviati, StomTaljaander genaamd, die veel moet weten maar niets kan vertellen. Daar zijn de twee grote families Bergh en Pistorius, voortgesproten uit twee boeren die zijn gearriveerd met een ossenwagen vol goud die ze op duistere wijze hebben verborgen. Daar is 'de vrouw zonder gezicht', een geheimzinnige verschijning die je het hele boek niet te zien krijgt. En dan is er ook nog de onaardse kracht van een engel die het geheel lijkt gade te slaan. De lezer ziet via de ogen van Ingi Friedlünder hoe allengs tipjes van sluiers worden opgelicht, wie allemaal wat met elkaar gehad heeft, wat de stille vetes en allianties zijn, waar het goud gebleven is.

Tot zover is het in de eerste plaats een avonturengeschiedenis, en ik moet zeggen dat Van Heerden op dat niveau de aandacht van de lezer knap gevangen weet te onthouden; het is een boek om ondanks de omvang in één ruk uit te lezen. Steeds slaat hij onverwachte hoeken in en ontvouwt de perplexe lezer een nieuw verhaal. Soms is het me ook wat al te onwaarschijnlijk en lijkt de schrijver meegesleept te worden door zijn verlangen mysteries uit te zetten en ook weer te op te lossen, maar dat is bijna inherent aan dit type vertelkunst. Overigens is het door dit alles een ouderwets leesboek geworden, vol wellustig vertellersplezier in een tijdloze omgeving. De doodenkele keer dat Ingi haar mobieltje pakt of een walkman opzet, voelt daardoor vanzelf aan als een anachronisme.

De vraag die je na afloop onherroepelijk bevangt is: waarom zo'n boek? Me dunkt dat Van Heerden in het soms ietwat sombere en door naweeën van de Apartheid bevangen Zuid-Afrikaanse literatuurlandschap een ander beeld heeft willen geven: dat van de creatieve smeltkroes die het land en de geschiedenis bepaald heeft. De grote vraag in Zuid-Afrika van dit moment is, moeten we ons eurocentrisch of afrocentrisch inrichten, kijken we naar het Westen of naar de zwarte culturen om ons heen? Ingi Friedlünder, de stadse juffrouw die het platteland leert kennen, formuleert het op een gegeven moment als volgt: ,,'In Jaarendag krijg ik tenminste de tijd over heel wat dingen na te denken. In de stad doen we net alsof daar geen tijd voor is. We bakkeleien over afrocentrisme en eurocentrisme en raken verstrikt in gebaren en symbolen die op den duur naar niets...' Ze zoekt naar woorden en maakt wilde gebaren. '...die geen hóut snijden. We moeten opnieuw...' en ze wijst op StomTaljaner alsof ze kwaad op hem is, 'we moeten weer worden zoals hij; met maar één zintuig, met één instrument om te voelen, proeven, ruiken'.''

Dat is het zwijgen van Mario Salviati, de opdracht om dwars tegen allerlei rationele, culturele en economische belangen in de instinctieve, zintuigelijke kern van het bestaan weer te herontdekken. Verpakt in een kleurige, multiraciale dorpsgeschiedenis.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden