Interview

Wat wil de burger? Meer zekerheid graag

Beeld Censuur

Nieuwe thema's schreeuwen deze Prinsjesdag om aandacht. Weg met de focus op kredietcrisis en begrotingstekort. Centraal staan: radicalisering, aanpak van de werkloosheid en de omgang met de rest van de wereld.

Ruud Vreeman woont aan de Grote Markt in Groningen. Elke dag vroeg in de ochtend ziet hij schoonmakers de straat poetsen. "Ik ging onlangs naar hen toe, want ik wilde mijn waardering uitspreken. Ik vroeg naar hun motief om dit werk te doen. Ze hadden allemaal een ander beroep gehad: automonteur, stukadoor en chauffeur. Hun antwoord: zekerheid. Ze willen een vaste baan en de markt, de huiskamer van de stad, moet schoon zijn."

Vreeman, waarnemend burgemeester van Groningen, vindt het verhaal van deze mannen op de markt typerend voor het economisch gesternte. Er is dreiging in de economie geslopen. Zijn advies aan het kabinet: creëer meer zekerheid.

Zelf heeft de 66-jarige Vreeman overigens nooit veel behoefte gehad aan die vastigheid. "Ik heb elf banen gehad." De PvdA'er was ook burgemeester in Tilburg en Zaanstad. Eerder zat hij in de Tweede Kamer en was hij partijvoorzitter, als duo met Felix Rottenberg. Verder werkte hij bij de FNV onder meer als voorzitter van de Vervoersbond na een promotieonderzoek naar de kwaliteit van arbeid.

De roep die Vreeman vaak hoort om flexibilisering van de arbeidsmarkt is geen bijdrage aan die zekerheid, zegt hij op zijn kamer in het Groningse stadhuis. "Het zicht op een vast arbeidscontract is al moeilijk geworden. Er is minder loyaliteit tussen werkgever en werknemer. In bijvoorbeeld Duitsland is veel meer de neiging samen te bouwen aan het bedrijf. Het zou goed zijn om iets meer in zekerheid en vertrouwen te investeren en de werknemer wat minder te zien als kostenpost en voorbijganger."

Vooruitlopend op Prinsjesdag formuleerde premier Rutte dat het kabinet komend jaar wil werken aan 'meer banen en groei'. Wat moet het kabinet doen?
"Dat de economie weer een beetje groeit helpt, maar de werkloosheid is nog hoog en dus is het belangrijk onzekerheid te reduceren: meer vaste banen in plaats van tijdelijke contracten. Lodewijk Asscher doet dat met de Wet werk en zekerheid. Ik hoor in de uitzendmarkt dat mensen zeggen: we worden een beetje ingedamd. We moeten geen arbeidsmarkt willen met alleen maar losse contracten. Het wordt wel eens gezien als een ambtelijke houding, een vaste baan willen, maar ik denk dat een zekere mate van voorspelbaarheid ook in relatie tot loyaliteit heel belangrijk is."

Dat doet het kabinet dus al. Is er iets extra's nodig?
"Een generatie met een diploma in het middelbaar beroepsonderwijs dreigt verloren te gaan door werkloosheid. Ik vind het geen rare gedachte dat werknemers boven de 60 er vrijwillig eerder uit gaan. Je kunt een voorziening maken om hun plek te laten overnemen door jonge mensen; er gaat geen generatie verloren en de mensen die menen dat zij enigszins zijn opgebrand kunnen een stapje terug doen. Eventueel parttime."

Herverdeling van arbeid via vervroegde uittreding. Dat is een politiek taboe.
"We moeten groei stimuleren en dat heeft te maken met internationale concurrentiekracht en sterke sectoren. Maar je moet ook durven zeggen dat het tijdelijk nodig is om arbeid te herverdelen. Het is niet goed dat mbo'ers twee jaar thuis zitten, want je weet dat je ze over drie jaar weer nodig hebt. We moeten die fase overbruggen. Er rust inderdaad een taboe op de vut, vervroegde uittreding. Die is, net als de WAO, in de jaren tachtig en negentig bij veel bedrijven gebruikt om mensen te laten afvloeien. Het begrip is besmet, maar het idee is bruikbaar. Doe het nu voor drie jaar."

Het kabinet wil niet alleen de werkloosheid terugdringen, maar de komende jaren ook banen vinden voor 100.000 arbeidsgehandicapten bij reguliere bedrijven en 25.000 bij de overheid. Wie bij een sociale werkplaats aan de slag is kan daar blijven, maar er wordt niemand meer aangenomen; de sociale werkplaatsen gaan langzaam maar zeker dicht. Dat legt extra druk op de arbeidsmarkt, denkt Vreeman.

"Ik zou nooit de sociale werkvoorziening hebben opgeheven. De normale arbeidsmarkt kan dat nooit verwerken. De opdracht voor het bedrijfsleven om 100.000 banen voor arbeidsgehandicapten te creëren gaat absoluut niet lukken. Ik ben heel veel in sociale werkplaatsen geweest en ik vond dat fantastisch om te zien. Geestelijk en lichamelijk gehandicapten die met zoveel vreugde hun werk deden met een redelijk inkomen. Nu moet de markt dat absorberen.

"We dreigen werkgevers al dertig jaar dat 5 procent van hun personeelsbestand uit arbeidsgehandicapten moet bestaan. Maar die quotering gaat nooit door. Arbeidsgehandicapten vinden steeds moeilijker een plek in gewone bedrijven: alles moet efficiënt zijn. Met de sociale werkplaats wordt een prachtige voorziening afgebroken. Echt een foute keuze."

"Slechts een deel van de arbeidsgehandicapten kan bij reguliere werkgevers terecht. Heel vaak worden zij nu al gedetacheerd bij bedrijven, meestal in sectoren waar de tucht van de markt minder leeft. Door toename van de loonkosten in Azië kunnen we laaggeschoold werk voor een deel terughalen. Of dat genoeg werk oplevert, is maar zeer de vraag. Taken opsplitsen in moeilijke en eenvoudige zaken, is een andere trend. Je kunt dan het eenvoudige werk laten doen door een arbeidsgehandicapte. Dan maakt een ambtenaar niet zelf meer een kopietje, maar laat dat doen. Het is niet verkeerd, maar het is een arbeidsorganisatorische kwestie waarvan bedrijven zelf moeten bekijken of dat nuttig is. Dat gaat in elk geval niet voor duizenden mensen werk opleveren."

Is het niet vreemd dat het kabinet nu pas van 'werk' een prioriteit maakt nu de werkloosheid op haar hoogtepunt is? Is er te veel bezuinigd?
"Dan kom je in een macro-economisch debat terecht met altijd twee posities: bezuinigen versus stimuleren. Het gaat altijd over maatvoering. Ik heb daar geen bijzondere opvatting over: je kunt niet de last van een grote overheidsschuld op je nek hebben maar je moet ook niet je economie kapot bezuinigen. Ik ben geen macro-econoom, ik ben psycholoog. Ik denk wel dat we het nog even pittig hebben, maar er moet wel zicht zijn op iets beters. Je moet voorkomen dat Nederland een somber en zuur land wordt. Economische dynamiek heeft ook te maken met optimisme. Een ondernemer kan niet zonder. Het is de kern van zijn houding. Daarom zeg ik: creëer meer zekerheid. Onzekerheid maakt pessimistisch. Daarom moet je nu investeren. Het is tragisch, maar begrijpelijk dat er extra geld naar het leger gaat, want we moeten onze waarden verdedigen. Maar er is ook geld nodig voor bedrijven."

Hoe kan het kabinet de economie stimuleren?
"Het Nederlandse industriebeleid is wankelmoedig. Eerst werd gekozen voor steun aan sterke regio's met Pieken in de Delta. Het is een van de meest ambivalente terreinen in de Nederlandse politiek. Nu wordt er gekozen voor sterke sectoren. Het is telkens wat anders.

"Wat er is gebeurd met Aldel is toch raar: de Duitse industrie had goedkopere stroom en daarom ging de aluminiumfabriek in Delfzijl ten onder. Het kabinet moet kansrijke sectoren beter ondersteunen. Dan krijg je wel gedoe met Brussel, maar dat moet dan maar. Duitsland heeft een consistent energieprogramma met zonne- en windenergie en dat levert daar duizenden arbeidsplaatsen op. Dat is totaal anders dan het gefröbel dat we in Nederland zien. Het heeft te maken met industriële traditie maar ook met consequent volhouden om een doel te bereiken: het sluiten van de kerncentrale en je richten op andere energiebronnen."

PvdA-leider Diederik Samsom predikt ook dat hij wil investeren.
"Het Nederlandse economisch beleid is mager. Dat wat de banken laten liggen moet de overheid doen: kansrijke initiatieven van het midden- en kleinbedrijf ondersteunen. Een groot nationaal project om huizen te isoleren zou enorm veel werk opleveren. In het energieakkoord zit het wel een beetje. Daar zijn wij ook een beetje aan het klungelen. Hetzelfde geldt voor zonnepanelen. Het is technologisch mogelijk om onafhankelijker te worden van fossiele brandstof. Nederland is krampachtig."

Abonnee's lezen vandaag in Trouw interviews met Peter Knoope en Steven Blockmans met meer adviezen voor het kabinet.

Ruud Vreeman

Ruud Vreeman (1947) studeerde arbeids- en organisatiepsychologie in Groningen. Hij promoveerde op de vakbeweging en de kwaliteit van arbeid. Hij werkte op verschillende plekken bij de FNV tot hij samen met Felix Rottenberg PvdA-voorzitter werd. In 1994 werd hij Kamerlid. Drie jaar later burgemeester van Zaanstad, vervolgens van Tilburg en sinds vorig jaar is hij waarnemend burgemeester van Groningen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden