Wat te doen met van oorlogsmisdaden verdachte Afghaanse vluchtelingen?

Mohsen Akbari moet met zijn gezin terug naar Afghanistan. Mohsen wordt verdacht van oorlogsmisdaden. Beeld anp

Nederland worstelt al vijftien jaar met enkele honderden zogenoemde 1F'ers, Afghaanse vluchtelingen die tijdens het communistische regime (1978-1992) mogelijk vuile handen hebben gemaakt. Die 1F'ers kregen geen asiel, wonen hier soms meer dan tien jaar in de illegaliteit, uitzetting blijkt lastig en botst op zeer veel weerstand.

Trouw meldde gisteren dat veertig burgemeesters actie gaan voeren om ervoor te zorgen dat een nieuw kabinet eindelijk met een goede oplossing komt voor dit voortslepende probleem. Wat zijn de mogelijkheden?

Strafrechtelijk vervolgen.1F'ers wordt de toegang tot de asielprocedure ontzegd op basis van artikel 1F uit het VN-vluchtelingenverdrag. Daarin staat dat een land geen asiel hoeft te verlenen als er 'ernstige vermoedens' zijn van 'gepleegde oorlogsmisdaden of een misdrijf tegen de menselijkheid', of als bekend is dat die plaatsvonden. In een ambtsbericht van 2000 wordt gesteld dat alle (onder)officieren van de veiligheidsdienst KhAD/WAD verantwoordelijk gehouden kunnen worden voor de mensenrechtenschendingen van toen.

De Immigratie- en Naturalisatiedienst IND hoeft de exacte rol van een individuele 1F'er niet te onderzoeken, het gaat om 'vermeende oorlogsmisdadigers'. Een ernstig vermoeden van schuld is genoeg om iemand de deur te wijzen. Op deze praktijk is veel kritiek. Echte daders ontlopen hun (cel)straf, maar onschuldigen krijgen geen kans op asiel. Leers verdedigt dat door erop te wijzen dat het leidende ambtsbericht steeds wordt bevestigd door zowel de minister van buitenlandse zaken als de hoogste nationale rechter in vreemdelingenzaken, de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

In 2008 beloofde het kabinet meer werk te maken van het berechten van verdachten, maar daar kwam nog niks van terecht. Vervolging is kostbaar, doordat speurwerk in het buitenland nodig is. Getuigen zijn onvindbaar of overleden. Aan hard bewijs is twintig jaar later moeilijk te komen.

Standaard is, zo laat het ministerie weten, dat alle dossiers aan het Openbaar Ministerie worden overgedragen. Voor zover bekend zijn er de afgelopen jaren echter slechts vier Afghaanse vluchtelingen (van de oorspronkelijke groep van zevenhonderd) strafrechtelijk vervolgd voor oorlogsmisdaden. In 2005 werden er twee veroordeeld.

Hoe moeilijk het is, bleek toen in in 2007 Abdullah F. werd vrijgesproken bij gebrek aan bewijs. Hoewel hij jarenlang generaal bij de beruchte veiligheidsdienst was geweest.

Allemaal uitzetten. Dat is het het streven van Leers. Uitzetten lukte de afgelopen jaren slechts in een handvol gevallen. In de weg zit dan het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Advocaten beriepen zich op artikel 3 als hun cliënt bij terugkeer in Afghanistan gevaar loopt op foltering of 'onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen'. Ook wordt een beroep gedaan op artikel 8 van het EVRM: het recht op respect voor privé-, familie- en gezinsleven. Veel echtgenotes en kinderen van 1F'ers hebben inmiddels wel een verblijfsvergunning.

Moet Nederland de gezinnen uit elkaar rukken? De minister kan dan opvoeren dat het recht op gezinsleven ook terug in Afghanistan gestalte kan krijgen. Maar kunnen hier geboren of opgegroeide kinderen daar nog aarden?

Gedogen. Dat is de afgelopen jaren eigenlijk gebeurd. Er is geen werk gemaakt van vervolging, weinig van uitzetting. Kinderen groeiden hier op, gezinnen integreerden. Dorpen, steden, voetbalclubs en burgemeesters komen in opstand bij nu dreigende uitzettingen.

Nog enkele jaren gedogen en het probleem sterft letterlijk vanzelf uit. Veel van de 1F'ers zijn nu rond de zestig jaar, vaak zijn ze getraumatiseerd door gebeurtenissen in Afghanistan of gesloopt door jarenlange onzekerheid en leven in de illegaliteit hier. Ze verkeren in slechte gezondheid. Maar zo leven deze mannen en hun gezinnen verder in een ongewenst schemergebied, het juridisch luchtledige, de illegaliteit. En blijven gedogen betekent ook dat misdaad onbestraft blijft.

Wat dan? Allemaal een verblijfsvergunning geven, een nieuw generaal pardon? Dat is een besmette term. En het druist ook in tegen het rechtvaardigheidsgevoel. De kans bestaat dat er bij die 1F-groep (van nu 150 Afghanen) een handvol echte 'schurken' zit.

Niet iedereen was administrateur of had een kantoorbaantje. De KhAD/WAD hanteerde gruwelijke verhoormethoden om slachtoffers tot bekentenissen gedwongen. Wie daarvan wist, wie daarbij betrokken was, dient te worden gestraft, zeggen ook de burgemeesters en andere critici op het huidige beleid.

Daarnaast maakt Leers zich grote zorgen over de uitstraling van Nederland als 'asielland'. Nederland wil geen 'vluchthaven voor oorlogsmisdadigers' zijn, niet uit Afghanistan, maar straks ook niet uit Syrië.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden