Wat overweldigt het mezelf

Innemende poëzie van verstandelijk beperkten

Helpt het maken van kunst tegen gekte, vroegen twee wetenschappers zich enkele maanden geleden af in een essay over outsider art, dat te lezen was in Letter&Geest. De mannen waren sceptisch.

Ook gedichten van verstandelijk gehandicapten zou je outsider art kunnen noemen, maar voor deze groep werkt dat schrijven wel degelijk. Dat schrijft Cees van der Pluijm in zijn inleiding bij de bundel 'Dag taart op de tafel'.

De bundel is een uitgave van de stichting Special Arts. Die organiseert jaarlijks een dichtwedstrijd voor mensen met een verstandelijke handicap. Die wedstrijd is een uitvloeisel van een methode om taalontwikkeling te bevorderen. "Gedichten schrijven," stelt Van der Pluijm, "is geen doel, het is een middel, maar wel een middel dat niet zelden tot verrassende resultaten leidt." En dat klopt.

Thema van de wedstrijd van afgelopen jaar was 'plezier'. En dat leverde 156 veelal korte, vaak opgeruimde gedichten op, die soms een nét even andere blik op alledaagse dingen bieden. Want wie denkt er nou aan z'n gebit, voor-ie op reis gaat? Fatika Driouiche wel, die schrijft: "ik ga van de zomer echt niet / met vuile tanden/ op vakantie". Dezelfde dichteres wist overigens ook een vrolijk synoniem voor het chagrijnige 'ongesteldheid' te verzinnen: 'tralala'.

Veel gedichten spelen zich dichtbij huis af of verhalen van kleine, persoonlijke gebeurtenissen: een verjaardag, een huwelijk, verkering, een uitstapje. Naar de Keukenhof bijvoorbeeld, waar Alfredo Haighton getroffen werd door 'gefranjeerde tulpen'. Zijn hiernaast afgedrukte gedicht klinkt een beetje plechtstatig, ook door dat zelf bedachte 'gefranjeerd', een beetje onhandig, maar juist dat maakt deze regels zo innemend.

Natuurlijk is het ene gedicht geslaagder dan het andere. Soms schemert duidelijk een schrijfopdracht door de regels heen, wat die teksten een pretentie geeft die in de betere ontbreekt. Daartoe hoort bijvoorbeeld 'Legnestje of batterij', dat prettig ongecompliceerd het verschil tussen scharrel- en legbatterijkip uit de doeken doet. Scharrelkippen moeten, meent de schrijver, hard werken om een ei te produceren. Batterijkippen hebben het een stuk makkelijker: die "hoeven maar met de snavel / op een knopje te drukken // en dan floeps... / valt een ei / uit de batterij".

Literaire vorming en het schrijven van gedichten hebben deze verstandelijk beperkten volgens Van der Pluijm mondiger gemaakt. En hoewel mondigheid misschien niet aan een gedicht is af te lezen, is taalgevoel dat wel. Die uit zich in woordspelletjes of taalgrapjes - van Albert en z'n 'stukkie appelgebakkie', krijg je spontaan zin in appeltaart. Stijn Frantzen kreeg een prijs voor dit gedicht: "stijn frantzen / is met zijn pen aan het dansen / op het papier".

Daar valt geen speld tussen te krijgen.

Dag taart op de tafel. 156 gedichten van mensen met een verstandelijke handicap. De Stiel/Special Arts, 160 blz. euro 14,95

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden