Wat maakt billen zo weerloos?

De baldadige weemoed van Piet Gerbrandy

Nog even en de Poëzieweek barst los. Een week lang is het niets dan poëzie wat de klok slaat. Het festijn opent met de uitreiking van de VSB Poëzieprijs, een van de meest prestigieuze prijzen voor Nederlandstalige poëzie. Tot de genomineerden horen Alfred Schaffers 'Mens Dier Ding', Hester Knibbe met 'Archaïsch de dieren', 'Wij totale vlam' van Peter Verhelst, Sacha Jansen met 'Ik trek mijn species aan' en Piet Gerbrandy met 'Vlinderslag'. Die laatste kreeg vorige week zondag ook al de Jan Campertprijs uitgereikt. En dan verscheen vorige week nog een verzamelbundel van Gerbrandy's poëzie onder de titel 'Voegwoorden'.

De genomineerde bundel 'Vlinderslag' is 'een beurtzang', een meerstemmige, heldere en strak opgebouwde bundel. Op iedere linker pagina klinkt een verhalende, beschouwende stem in proza, op de rechterpagina wordt lyrisch en vrij gezongen, terwijl onder vrijwel ieder gedicht een zakelijke stem commentaar levert. Dit in zinnen die zo uit handboeken voor management, kranten of informatiefolders geplukt zouden kunnen zijn: "Elke onderneming staat of valt met transparante voorlichting." In de beschouwende teksten is zoiets als een verhaallijn te ontdekken, met een man, een vrouw, een trein, een landschap, en (zwem)water als terugkerende elementen. Dat verhaal van verlangen en liefde vat Gerbrandy in dwingende, onontkoombare en vooral zinnelijke regels, met tedere observaties: "Wat maakt billen zo weerloos. Dat zij ze zelf niet ziet. Dat zij geen invloed heeft op de wijze waarop zij bewegen. De onbeholpenheid ervan." Hij geeft vorm aan aan- en afwezigheid, aan nabijheid en afstand; aan wat nauwelijks vatbaar is, maar wat een mens niettemin vormt. En dat doet hij verrassend concreet, baldadig, met humor en iets van weemoed: "Kruiden waarvan de smaak na het stoven niet meer herkenbaar / zijn bepalen toch het karakter van het uiteindelijke gerecht. Het / roept herinneringen op maar je weet niet aan wat. Lege herin- / neringen maken het gelukkigst. En het verdrietigst. Je proeft een essence."

Maar 'Vlinderslag' gaat ook over poëzie en over haar positie in deze verwarrende tijd. Niet alleen zijn slotregels een stellig commentaar op de wereld anno nu, classicus die Gerbrandy is, laat hij ook de klassieken spreken. In een door hem vertaalde, fictieve tekst uit de vijfde eeuw na Christus, spreekt de dichter Claudianus: "Het is de taak van de dichter die duisternis aan het licht te brengen, maar dan zo dat ze hanteerbaar blijft. Zonder koele vorm werkt het vuur uit de afgrond verlammend."

De strijd om de VSB Poëzieprijs 2015 zal hevig zijn. Het aangrijpende 'Mens Dier Ding' van Alfred Schaffer gooit misschien de hoogste ogen, bovendien is Schaffer al voor de vierde keer genomineerd. Dat Gerbrandy sinds vorige week 25.000 euro rijker is, verkleint zijn kansen vast ook.

Vlinderslag, het is een licht, dartel woord voor een zwemslag die veel techniek vereist, die sierlijk en krachtig tegelijk is. Het geldt ook voor deze poëzie. Ze speekt via het hoofd tot het hart.

Piet Gerbrandy: Vlinderslag. Een beurtzang.

AtlasContact; 96 blz. euro22,95

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden