Wat kan de Britse liberalen nog redden?

Nick Clegg, de leider van de Liberal Democrats, stapte op na de verkiezingsnederlaag.Beeld epa

Het herstel van de Britse liberalen zal niet komen uit een ruk naar links, voorspelt Patrick van Schie. Ze kunnen zichzelf voor wegkwijnen behoeden door een centrumkoers te blijven varen, denkt hij.

Cameron heeft in de Britse verkiezingen zijn tegenstanders overtuigend verslagen. Net als alle opiniepeilers, waarschijnlijk tot zijn eigen verrassing. De conservatieven hebben nu een absolute meerderheid in het Lagerhuis.

Het is na 7 mei gevaarlijk nieuwe voorspellingen te doen. Dat neemt niet weg dat de toekomst zal moeten uitwijzen of een coalitiekabinet zoals Groot-Brittannië de afgelopen vijf jaar kende een uitzondering was, of dat de meerderheidsregering uit één partij die het land nu weer krijgt (een van) de laatste van haar soort zal zijn.

Net als elders in Europa slinkt het aandeel dat de traditioneel grote partijen onder de kiezers hebben. Op hun hoogtepunt in 1951 behaalden de conservatieven en Labour samen meer dan 97,5%. Donderdag was hun gezamenlijk aandeel nog geen 67,5%.

Slechts een voor kleine partijen (die evenwichtig over het land verspreid zijn) hoogst onrechtvaardig kiesstelsel, tempert in Groot-Brittannië de teloorgang van de grote twee.

Verliezers
De Liberal Democrats (LibDems) waren op 7 mei zonder meer de grootste verliezers. In zetels én in procenten moet je tot 1970 terug gaan om een voor de liberalen slechtere uitslag aan te treffen. Maar dat Labour met niet eens vier keer zoveel stemmen 29 keer zoveel zetels bemachtigde, tekent toch de scheve parlementaire representatie van de partijen.

Nog krasser is het dat UKIP nationaal 2,7 keer zoveel stemmen kreeg als de Schotse nationalisten, terwijl de Scottish National Party (SNP) nu 56 keer zoveel zetels in Westminster heeft gewonnen. Of de aan menig oog onttrokken winnaars: de Greens, die 2,8 procentpunt stegen. De conservatieven verwierven ruim zeven keer zoveel stemmen maar krijgen daarmee 331 keer zoveel zetels.

Zolang de conservatieven en Labour een meerderheid in het Lagerhuis hebben zullen zij het kiesstelsel dat hen dusdanig bevoordeelt niet wijzigen. De LibDems mogen dus voor hun herstel niet op een ander kiesstelsel hopen. Nick Clegg aanvaardde zijn verantwoordelijkheid voor hun nederlaag volledig, mede door als hun leider af te treden. Maar hij merkte ook op dat de liberalen overal in het electorale verdomhoekje zitten.

Rechtse liberalen
Overal? Misschien dacht hij aan Duitsland, waar de liberale FDP de laatste keer de kiesdrempel niet haalde en nog altijd geen tekenen van herstel vertoont. Of aan Zuid-Europa, inclusief Frankrijk, waar een georganiseerd politiek liberalisme van enige betekenis al decennialang verdwenen is.

In landen als Nederland, Denemarken en Estland zijn liberale partijen echter krachtig. Wat de drie succesvolle liberale partijen in deze landen verbindt, is dat zij aan de rechterkant van het politieke spectrum zijn te vinden.

De Britse liberalen hebben in de jaren twintig van de vorige eeuw een groot deel van hun klassiek-liberale achterban van zich vervreemd. Die heeft zijn heil gezocht bij de Britse conservatieve partij. De liberalen dreven daardoor steeds meer naar links. Het is de verdienste van Clegg dat hij de LibDems naar het politieke midden wist te voeren.

Naar links dan maar?

David Steel, die vanaf 1976 een tijdlang leider van de Britse liberalen was, werpt dit Clegg nu als verwijt voor de voeten. Hij beveelt een koerswending naar links aan. Daar is het echter al druk, met Labour en de nationalisten uit Schotland en Wales. Positionering links van Labour strijdt niet alleen met de liberale waarden waarvoor de LibDems zeggen te staan, maar zal de partij ook definitief in de politieke marge gedrukt houden.

Een positie op rechts is evenzeer uitgesloten, gelet op de achterban van de LibDems. Bovendien biedt een aanzienlijke liberale vleugel in de Tory-partij reeds onderdak aan meer klassiek-liberaal gezinde kiezers. Om van de weeromstuit dan aan de linkerkant het heil te zoeken, zal de LibDems echter geen goed doen.

Veelzeggend is de slachting onder liberale parlementariërs, die in het zuidwesten heeft plaatsgevonden. Vanouds, vanaf ver terug in de negentiende eeuw, is dit deel van Engeland een bastion van politiek liberalisme. Veertien zetels haalden de LibDems er in 2010, een kwart van het toenmalige totaal.

Centrumkoers
Al die zetels gingen dit keer verloren, niet aan Labour maar aan de conservatieven. Die kiezers zijn heus niet naar de Tories vertrokken omdat zij de LibDems te rechts vonden. Met hun overstap naar de conservatieven wilden deze kiezers een 'progressief' kabinet van Labour steunend op de linkse Schotse nationalisten voorkomen.

Willen de LibDems deze kiezers tot een terugkeer bewegen, dan zullen zij zich niet van hen moeten verwijderen. Clegg mag dan nu als leider verdwenen zijn; behoud van zijn centrumkoers is de enige manier waarop de Britse liberalen hun eigen verdwijning van het politieke toneel zullen kunnen voorkomen.

Patrick van Schie is historicus en directeur van de TeldersStichting, de liberale denktank van Nederland, gelieerd aan de VVD. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden