Wat in verpleeghuis De Leeuwenhoek is gebeurd, moet niet worden onderschat

Een medewerker van een verpleeghuis helpt een bewoner met eten.  Beeld ANP XTRA
Een medewerker van een verpleeghuis helpt een bewoner met eten.Beeld ANP XTRA

Klappen, zoals in het Rotterdamse verpleeghuis De Leeuwenhoek, behoeven een juiste context, betoogt Marinus van den Berg.

Wat gebeurt er als iemand die jij wilt helpen, iemand in een verpleeghuis of elders, jou onverwacht slaat of schopt? Je schrikt en het overvalt je. Je zegt misschien: "Wat doet u nu?" Zo'n schrik doet iets met je fysieke kracht en met je stemkracht. Je verheft je stem of je bent even verslagen en zegt niets. Het kan zijn dat je niet terugslaat, maar misschien doe je dat wel. Die klap kan even hard zijn, nog harder of juist minder hard.

Soms lijkt een klap uit het niets te komen, maar meestal is er een en ander aan voorafgegaan. Het kan als onverwacht voelen, maar het is nooit zomaar.

Een zorgverlener moet niet slaan. Dat is een goede norm, maar de praktijk is weerbarstig.

Als je wordt geslagen, kun je van schrik verlammen, maar ook in een reflex terugslaan of 'stop' roepen. Als je zelf slaat kun je daar ook van schrikken. Altijd vraagt een klap om aandacht. Het is een signaal. Er is een evenwicht verstoord en een omgangscode geschonden. Ook de relatie tussen een hulpvrager en hulpverlener kent een evenwicht en omgangscodes, meestal niet bewust afgesproken. De machtsverhouding is niet altijd even duidelijk.

Als zoiets gebeurt wanneer je moe bent en er veel stress is, dan is dat anders dan wanneer je uitgerust en relaxed bent. Het heeft de voorkeur om niet terug te slaan en te zeggen: "Ik laat u nu alleen, ik accepteer dit niet, ik ga even weg". Dit kan echter ook klinken als mooie theorie. Misschien is 'stop' zeggen en een zachte klap teruggeven een beter advies. Je geeft dan je grens aan. Het kan ook goed zijn om naar je eigen gedrag te kijken en je af te vragen of je misschien agressie hebt opgeroepen. De vraag waarom iemand juist nu jou sloeg vraagt aandacht maar kent geen simpel antwoord.

Nu wordt er in media geschreven over mishandeling, in dit geval in verpleeghuis De Leeuwenhoek in Rotterdam. Op de voorpagina van 18 april meldt Trouw dat bewoners van dit huis soms klappen krijgen. Is elke klap een mishandeling? Niet alle vormen van mishandeling zijn fysiek van aard. Aandacht geven aan elke klap - van wie dan ook - kan wijs zijn om meer klappen te voorkomen. Verwaarlozing van het relationele tussengebied waar spanning, irritaties, pijn, angst, kwetsbaarheid, controleverlies en vreemdheid een rol spelen, kan mede leiden tot mishandeling. Er is dus meer nodig dan alleen functioneel denken en kijken.

Radeloosheid

Er heerst een eenzijdige opvatting over professionaliteit. Ik heb het niet over bewuste mishandeling, maar over mishandeling die gezien en benoemd wordt als noodweer, als zelfbescherming. Het gaat om het moeilijke gebied van omgaan met onmacht, zowel bij de zorgverlener als bij de zorgvrager en hun naasten. Ik denk ook aan familieleden en teams. Ook zij kunnen zich onmachtig en kwetsbaar voelen. Mishandeling gebeurt dan niet met opzet, maar uit radeloosheid. Dit keurt niets goed, maar er is wel een meervoudig kijken nodig.

Als verzorgenden zich de benen uit het lijf lopen en verwaarloosd worden als het gaat om de aandacht voor hún werkelijkheid, moeten we niet alleen over mishandeling praten, maar zeker ook over de cultuur van een organisatie of afdeling. Dan moeten we nadenken over de stijl van leiderschap die nodig is bij stressvol werk.

Dat verzorgenden en verplegenden ook nog eens veel privéproblemen kunnen hebben en dat de omgangsvormen in Rotterdam wat anders zijn dan in Maastricht, zoals Humanitas-voorzitter Van Herk stelt (Trouw, 18 april), doet hierbij niet echt ter zake.

Verliessituatie

Het is de kunst om niet te zwartepieten, om de pijn en onmacht helder te zien. Voor iedereen is dit een verliessituatie. Samen staan we voor de vraag hoe we het tij keren zodat elke patiënt, bewoner of client, elk familielid en elke werknemer en werkgever in een zorgorganisatie zich emotioneel veilig voelt. Zodat er geen klokkenluiders nodig zijn.

Onmacht vraagt om gedeeld te worden. Wat in dat Rotterdamse verpleeghuis is gebeurd, komt ook elders voor. Het moet aangekeken worden, niet worden weggekeken of onderschat.

Lees ook:

Commentaar: Verpleeghuis De Leeuwenhoek is niet per se representatief

Verpleeghuis De Leeuwenhoek in Rotterdam ligt deze dagen onder het vergrootglas. Maar, schrijft Trouw vandaag in zijn commentaar, wanneer alle ruis wordt weggeblazen, blijkt dat er is ingezoomd op een situatie die niet per se representatief is voor de ouderenzorg in heel Nederland, maar die wel zeer ernstig is.

Geweld in verpleeghuizen: wanneer is het bewust en wanneer niet?

Volgens Tom van der Hout van meldpunt Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond, zijn bepaalde vormen van geweld of mishandeling, soms onbedoeld, onvermijdelijk in een verpleeghuis. “Als een verpleeghuis zegt: bij ons gebeuren dat soort dingen niet, dan geloof ik daar niks van.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden