Review

Wat had de drieentwintigjarige Spinoza misdaan

Op 27 juli 1656 werd Baruch de Spinoza verbannen uit de Portugees-Joodse gemeenschap van Amsterdam. ,,Vervloekt zij hij bij dag en vervloekt zij hij bij nacht; vervloekt zij hij als hij zich neerlegt en vervloekt zij hij als hij opstaat. Vervloekt zij hij als hij weg gaat en vervloekt zij hij als hij terugkeert (...) De Heer zal zijn naam uitwissen.''

Excommunicatie hield in dat dat niemand Spinoza mocht spreken of schrijven; men mocht niet met hem onder een dak verblijven of zelfs maar bij hem in de buurt komen. Excommunicaties bestonden in graden van strengheid, maar zelden werden ze volledig toegepast als die van Spinoza. Voorafgaand aan Spinoza's verbanning hadden de leiders van de Portugees-Joodse gemeenschap met Spinoza gepraat, maar dat had niet geholpen. In de banvloek werd anders dam gebruikelijk, niet eens de mogelijkheid van Spinoza's eventuele terugkeer in de gemeenschap opengehouden. Wat had deze drieentwintigjarige jongeman gedaan om dit lot beschoren te zijn.

Volgens Steven Nadler, Amerikaans hoogleraar in de wijsbegeerte, ligt het antwoord op die vraag gelegen in de ketterse opvattingen van Spinoza. Kennelijk waren belangrijke kernen van Spinoza's filosofie, die later tot rijpheid zou komen, al op jonge leeftijd in zijn denken aanwezig, en blijkbaar heeft Spinoza daarover niet gezwegen. Tot die latere kernen behoren de opvattingen dat het Joodse volk niet is uitverkoren in de zin waarin dit gewoonlijk wordt begrepen; dat Mozes de eerste vijf bijbelboeken niet heeft geschreven; dat de mens geen onsterfelijke ziel heeft; dat God niet boven de natuur is verheven, maar in zekere zin met de natuur samenvalt. Spinoza's breuk met wat in de synagoge als heilig te boek stond, kon nauwelijks radicaler zijn: er zijn mensen voor minder verbrand of verbannen.

Als Steven Nadler bij deze gebeurtenis in Spinoza's nog jonge leven is aangekomen, zitten we al op eenderde van zijn biografie. Wat er feitelijk over Spinoza's vroege leven bekend is, kan in een paar bladzijden of zelfs minder opgesomd worden. Nadler beschrijft echter uitvoerig alle historische omstandigheden en personen rondom Spinoza. Zo worden we uitgebreid ingelicht over het ontstaan en de groei van de Joodse gemeenschap in Amsterdam, over de rabbijnen die Spinoza onderwezen, over de economische bedrijvigheid van de Joden. Het is alsof je met de jonge Spinoza over de Houtgracht loopt, hem de Talmud Torah (zijn school) ziet binnengaan, en hem in de synagoge ziet zitten. Steven Nadler bewijst dat het mogelijk is om op indirecte wijze een biografie te schrijven, zonder dat er veel feitenmateriaal voorhanden is. Dat levert vele boeiende bladzijden op.

Spinoza bewoog zich niet in de Joodse wijk alleen. Gaandeweg vergrootte hij zijn ruimtelijke en intellectuele actieradius. Hij ging Latijnse lessen volgen op het Singel, bij Franciscus van den Enden. Deze bracht Spinoza niet alleen in contact met de klassieken, maar ook met auteurs als Machiavelli, Hobbes, Grotius en Calvijn. De rabbijnen zullen het met zorg hebben gadegeslagen. Onder Spinoza's vrienden bevonden zich in die tijd ook nogal wat collegianten. Dat waren kerkelijke dissidenten die op zoek waren naar een minder dogmatische en georganiseerde vorm van geloofsbeleving. Hun bijnaam ontleenden zij aan hun bijeenkomsten: colleges. Het ware geloof, meenden de collegianten, bestond in de liefde voor God en voor je medemens. Daarnaast had ieder het recht te geloven wat hij wilde. Doctrines en andere vormen van geestelijke knevelarij wezen de collegianten af. Veel van dit gedachtengoed treffen we in het latere werk van Spinoza aan. Als de ban over hem wordt uitgesproken, heeft hij allang afscheid genomen van de leer van de rabbijnen.

Na zijn verbanning woonde Spinoza enige tijd in Rijnsburg, destijds een bolwerk van collegianten. Waarschijnlijk heeft hij colleges filosofie in het nabijgelegen Leiden gevolgd. Hij bestudeerde het werk van Descartes en formuleerde de kerngedachten van zijn eigen Ethica. De vorm van dit geschrift is wiskundig: het is opgebouwd uit proposities en bewijzen. Inhoudelijk stelt Spinoza dat de werkelijkheid één enkele substantie is die zich zowel geestelijk alsook materieel manifesteert, dat wil zeggen, als God en zijn eigenschappen. Zo begrepen vallen God en Natuur samen, hetgeen Spinoza kernachtig samenvat: Deus, sive Natura (God, ofwel Natuur). Het is mogelijk om Spinoza zo te lezen dat overal waar hij over God schrijft, dit begrip door Natuur kan worden vervangen. In dat geval begrijpt men alles vanuit de natuur. Dat verklaart waarom latere commentatoren het spinozisme (een verwerpelijk adjectief) vereenzelvigden met materialisme en atheïsme. De Ethica werd echter pas na Spinoza's overlijden uitgegeven. Veel meer problemen heeft Spinoza gehad met zijn Tractatus theologico-politicus. Daarin presenteert hij een radicale bijbelkritiek die uitmondt in de overtuiging dat veel van wat er in de Bijbel staat, onwaar is. Verder pleit hij in dit geschrift voor vrijheid van geweten, vrijheid van meningsuiting en van godsdienst. Spinoza spreekt zich uit vóór een scheiding van kerk en staat. Hij keert zich tegen de monarchie, die makkelijk in tirannie kan ontaarden en hij bepleit de democratie en de republiek. Bij dit alles moeten we de historische omstandigheden begrijpen waaronder Spinoza zijn gedachten vormgeeft: de Tractatus stamt uit in 1670, dus nog uit het Eerste Stadhouderloze Tijdperk. In de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden waren de regenten aan de macht. Maar onderhuids, en soms aan de oppervlakte, woedde de strijd tussen rekkelijken en preciezen, republikeinen en monarchisten, regenten en orangisten. Er wordt wel beweerd dat Spinoza in Jan de Witt een beschermheer had. Het is dus begrijpelijk dat Spinoza nogal wat stof deed opwaaien. Synodes verwierpen zijn boek. Predikanten beschreven hem als Satans handlanger op aarde, en soms zelfs als de Antichrist.

Spinoza had het allemaal al eens meegemaakt. ,,De Heer zal zijn naam uitwissen'', stond er in de banvloek die hem de synagoge uitdreef. Dat is met Spinoza niet echt gelukt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden