Wat gebeurt er na het Turkse referendum?

referendum - De Turken kunnen morgen kiezen of ze president Erdogan meer macht geven of niet. Bij ja zal het nog even duren voordat alle veranderingen van kracht worden. Bij nee heeft Erdogan nog veel middelen om het de oppositie moeilijk te maken. Twee scenario's.

JA


Als het ja-kamp wint gaat de huidige grondwet op de schop, maar niet per direct. De meeste hervormingen die het referendum voorstelt kunnen pas worden doorgevoerd na nieuwe presidentsverkiezingen. Die staan gepland voor november 2019. De echte vraag is dus: kan Erdogan zo lang wachten? Waarschijnlijk niet.


Nieuwe verkiezingen?


Na de mislukte staatsgreep van afgelopen zomer is Erdogan populairder dan ooit. Hij kan dit momentum benutten, maar de inzet is hoog: als Erdogan die presidentsverkiezingen níét wint, valt de buit van het presidentieel systeem waar hij zoveel moeite in heeft gestoken in handen van een ander. Dat scenario is zeer onwaarschijnlijk, maar zou een nachtmerrie zijn voor de AKP en een enorme politieke crisis veroorzaken. Erdogan zal dus alleen vervroegde verkiezingen afkondigen als hij echt zeker is van winst.


Die inschatting hangt samen met de precieze uitslag van dit referendum. Als het ja-kampt ruimschoots wint (met meer dan 55 procent), zal Erdogan zo snel mogelijk doorstoten. Is de overwinning schamel, dan kan het nodig zijn de oppositie eerst verder te verzwakken voor hij nieuwe verkiezingen uitschrijft.


Dat scenario heeft zich eerder voorgedaan, na de parlementsverkiezingen van juni 2015. De AKP liep toen haar absolute meerderheid mis doordat de Koerdische HDP de kiesdrempel haalde en in het Turkse parlement kwam, naast AKP en twee grotere oppositiepartijen. Liever dan voor een coalitie, opteerde AKP voor nieuwe verkiezingen, in de aanloop waarnaar leden van de HDP werden geïntimideerd of opgepakt. Ook laaide het bloedige conflict tussen de regering en de gewelddadige Koerdische PKK opnieuw op. Angst voor aanslagen van de PKK en een golf van nationalisme droegen er aan bij dat de AKP in november 2015 alsnog de gewenste absolute meerderheid behaalde.


Islamisering of efficiënt bestuur?


En als het presidentieel systeem er uiteindelijk is, wat zijn dan de gevolgen? De president kan dan onder meer zijn eigen vice-president, ministers en diplomaten benoemen en ontslaan, zelf de noodtoestand afkondigen en per decreet regeren zonder tussenkomst van het parlement. Afgezien van het feit dat het moeilijk oppositie voeren is tegen zo'n almachtige president, is de vraag hoe Erdogan deze macht zal gebruiken. Een harde kern van de seculiere oppositie vreest dat de vrome Erdogan Turkije op den duur wil 'islamiseren'. Deze angst strookt echter niet met de pragmatische instelling van de AKP.


Die pragmatische instelling maakt een ander scenario denkbaar. Met het presidentieel systeem op zak en de oppositie aan banden gelegd, kan Erdogan zich richten op datgene wat de AKP populair heeft gemaakt: efficiënt bestuur. Dat is ook in Erdogans eigen belang, want er zijn structurele hervormingen nodig om de Turkse economie uit de gevarenzone te halen. Wel is het gevaar dat Erdogan zich kan laten leiden door de steeds grotere financiële belangen van een steeds kleinere cirkel van vertrouwelingen. In dat opzicht kan Turkije's politieke cultuur op die van Rusland gaan lijken.


Internationale gevolgen...........


Economische belangen zullen doorslaggevend zijn voor de verhouding met Europa. Het Europa dat Erdogan tijdens zijn campagne fascistisch noemde is namelijk ook de handelspartner waar de Turkse economie van afhankelijk is. Alternatieven zijn niet zomaar voorhanden, en potentiële andere partners hebben hun eigen nadelen. Het naburige Iran en Rusland hebben bijvoorbeeld een heel andere lijn in het Syrische conflict dan de Turken. Ook een plotseling einde aan de vluchtelingendeal ligt niet meteen voor de hand: Turkije zit er zelf namelijk helemaal niet op te wachten om opnieuw een transitland te worden.


Uiteindelijk zal een ja ook gevolgen hebben voor het Turkije na Erdogan. Na twee termijnen van 5 jaar kan de nieuwe president immers niet meer worden herkozen. Erdogans prioriteit is om aan te blijven tot 2023, het jaar dat de Turkse republiek honderd jaar bestaat.


Of Erdogan dan 'het nieuwe Turkije' achterlaat, zoals hij graag claimt, of het einde van Atatürks droom, zoals de oppositie jammert, is nog maar de vraag. Want als er iets is dat de stichter van het moderne Turkije en de huidige sterke man Erdogan verbindt, is het wel de vastberadenheid om hun wil door te drukken, zonodig tegen de wil van grote delen van de samenleving.


Een Turks 'ja' is in die zin geen breuk, maar juist een echo van die autoritaire geschiedenis.

NEE

Als het nee-kamp wint, betekent dat in de eerste plaats grote onzekerheid voor Turkije. Erdogan en het winnen van verkiezingen gaan al vijftien jaar samen. Die wetmatigheid heeft gezorgd voor enige moedeloosheid bij de Turkse oppositie, zeker nadat ook massale straatprotesten faalden, zoals de protesten rond Gezi-park in 2013. Nee-stemmers zullen bij een overwinning dus niet alleen een onwerkelijke opluchting voelen. Ze zullen ook opnieuw moeten leren omgaan met succes.


Gaat de oppositie de strijd aan?


De directe reactie van de oppositie is daarmee moeilijk voorspelbaar. Het is goed mogelijk dat tegenstanders van Erdogan de straat op gaan, zowel uit vreugde als uit protest. De Turkse regering staat dan voor een dilemma: zowel een mild als een hard optreden kan die protesten alleen maar versterken. In ieder geval spreken Turkse media nu al over chaos in het geval van een nee - sommige gebruiken zelfs de term 'burgeroorlog'.


Bij een nee is het eveneens de vraag óf en wanneer er vervroegde verkiezingen komen. Kemal Kilicdaroglu, de leider van de grootste oppositiepartij (CHP), heeft aangegeven daartoe niet te zullen oproepen. Dat kan echter ook een loze belofte zijn geweest, bedoeld om zwevende kiezers die normaal op de AKP stemmen toch naar het nee-kamp te trekken. Waarschijnlijker is dat een nee voor zoveel politieke onzekerheid zorgt dat vervroegde parlementsverkiezingen op den duur onvermijdelijk worden.


De CHP zal gesterkt zijn, maar de kleinere HDP (Koerdisch) en MHP (nationalistisch-rechts) zijn zodanig verzwakt of intern verdeeld dat ze de hoge Turkse kiesdrempel van 10 procent misschien niet eens halen. In dat geval wint AKP hoogstwaarschijnlijk opnieuw de absolute meerderheid.


Noodtoestand en Gülenisten


Bovendien kan Erdogan de oppositie ook zonder het presidentiële systeem klein houden. Turkije verkeert in een noodtoestand sinds de mislukte staatsgreep van vorig jaar, die aan minstens 240 mensen het leven kostte. Komende week, op 20 april, bepaalt de regering of deze voor een vierde keer verlengd wordt. Als het nee-kamp het referendum wint, is verlenging van de noodtoestand bijna een zekerheid. Dat betekent dat critici zonder normale rechtsgang kunnen worden vastgezet.


Een gekrenkte Erdogan zal nóg meer geneigd zijn om met de vinger naar 'externe krachten' te wijzen. In de eerste plaats naar de in Amerika woonachtige zakenman en geestelijke Fethullah Gülen. Het presidentieel systeem moest er volgens Erdogan juist komen om definitief te kunnen afrekenen met de Gülenbeweging. Die controleerde lange tijd hoge functies in het Turkse staatsapparaat en wordt door de meeste Turken verantwoordelijk wordt gehouden voor de mislukte couppoging van afgelopen zomer . Een nee zal dan ook worden neergezet als het resultaat van een Gülenistische samenzwering.


Europa als schuldige


Ook Europa zal het dan mogelijk moeten ontgelden. De Duitse en Nederlandse tegenzin om de Turkse regering in Europa campagne te laten voeren is in Turkije immers breed uitgelegd als een moedwillige obstructie van het democratisch proces. Europa zou samen met terroristische krachten als de Gülenbeweging en de Koerdische PKK het nee-kamp gesteund hebben om zo te voorkomen dat Turkije te machtig wordt. Uiteraard is Turkije economisch afhankelijk van Europa, maar in het geval van een nee heeft Erdogan op de korte termijn misschien meer behoefte aan een zondebok dan aan een handelspartner. Als hij dit spel te hard of te lang speelt, raakt hij daarmee echter vooral zichzelf.


Onrust in eigen achterban?


Zo'n scenario kan immers tot onvrede leiden binnen Erdogans eigen achterban. De AKP is een grote coalitie die slechts deels bestaat uit onvoorwaardelijke Erdogan-aanhangers. Andere Turken stemmen vooral op de AKP omdat er geen centrum-rechts alternatief is, of omdat ze belang hebben bij economische stabiliteit. Wanneer Erdogan die stabiliteit niet levert, kan ook hij steun binnen zijn eigen partij verliezen.


De echte vraag na een nee is dan ook of er binnen de AKP alternatieve leiders opstaan om dit soort onvrede te kanaliseren. Dan vallen al snel de namen van oud premier Ahmet Davutoglu en oud president Abdullah Gül, die beiden niet kwamen opdagen bij een belangrijke bespreking over de strategie van het ja-kamp.


Maar een dergelijke revolte vereist onwaarschijnlijk veel moed. Veel parlementsleden van de AKP kunnen indien nodig op de één of andere manier in verband worden gebracht met de Gülen-beweging, met wie de partij in het verleden samenwerkte. In het huidige klimaat kan dat tot zware gevangenisstraffen leiden.


In die zin had Erdogan dubbel gelijk toen hij de mislukte staatsgreep beschreef als een 'gift van God'. Deze bood niet alleen de ideale timing voor een referendum, maar ook een bliksemafleider indien het presidentiëel systeem er (voorlopig) niet komt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden