Reportage

Wat gebeurt er met de containers als de noordwesterTerschelling raakt?

Een container vol spullen uit vrachtschip MSC Zoe 270. De storm bemoeilijkt het opruimen. Beeld ANP

Terschelling is klaar voor de troep die de storm kan achterlaten op de kust van het eiland. Boswachter Remi Hougee: ‘Er staan twintig man klaar die direct aan de slag kunnen.’

Woeste witte golven rollen bij het Noordzeestrand van Oosterend tot vlak voor de duinenrij. Het natuurgeweld heeft het strand opgeslokt. Grote en kleine plukken schuim dwarrelen door de lucht. Boswachter Remi Hougee parkeert zijn jeep vlak voor de waterrand. 

Wat de zee na deze noordwesterstorm zal achterlaten, blijft een gok. Scheuren er containers open? Spoelt er een grote massa consumptiegoederen aan? En moet er weer een grote opruimactie komen, of houden de zeecontainers het en blijft het strand schoon? Geen mens die het weet. Pas als het water aan het einde van dinsdagmiddag is gezakt, wordt duidelijk of nieuwe opruimploegen moeten worden gemobiliseerd. Hougee: “Er staan twintig man klaar die direct aan de slag kunnen.” 

Hij weet nog wat hij dacht toen hij vorige week voor het eerst de immense hoeveelheid spullen zag waarmee het Terschellinger Noordzeestrand bezaaid lag. Zo ver zijn oog reikte, zag hij rommel. “Geen vierkanter meter waar niets lag. Kussentjes, slippers en veel verpakkingsmateriaal zoals piepschuim. Een haast surrealistisch beeld. Superconfronterend ook. De plastic soep zie je ineens voor je.” 

Vooral de zandstreepjes op het strand waarachter de korrels piepschuim zich hadden opgehoopt, blijven hem bij. “Je kunt er depressief van worden. Maar een voordeel is dat we ons allemaal bewuster worden welke hoeveelheden afval we produceren.”

Containers voor de kust
Zeker tweehonderd containers liggen nog voor de Noordzeekust van Terschelling. Dinsdagmiddag werden er twee (lege) geborgen boven Terschelling. De storm met windvlagen van kracht tien, in combinatie met springtij, bracht het zeewater vanmorgen rond half elf tot aan het stenen muurtje dat het dorp van de haven scheidt. Houten schotten staken in de sleuven van het muurtje, met wat zandzakken ervoor. De weg is afgesloten. 

Een medewerker van de havendienst zorgt dat er niemand doorgaat. De banden van een enkele achtergelaten auto baden in het zeewater. Badgasten maken foto’s. “Maar het water zakt alweer, het valt mee”, roept een eilander tegen iemand op straat. 

Het water kwam 40 centimeter hoger dan verwacht, vertelt Sytse Schoustra, weerfotograaf en eigenaar van eetcafé ’t Wakend Oog. “Het peil was 2.70 boven NAP. Sprintij in combinatie met noordwesterstorm, dat stuwt het water omhoog.” Hij zag zelfs hoe er drie auto’s in het water stonden. “Tot aan de deuren ja, ik heb er sprakeloos naar staan kijken. Want die waren van mede-eilanders. En die moeten beter weten. Ze gaan dan twee weken op vakantie en laten hun auto bij de haven.”

Schoustra houdt zijn hart vast over wat er met de containers gebeurt. Als hobby-weerman weet hij dat de gemiddelde storm windvlagen oplevert van 100 kilometer per uur. “De golfhoogte was gemiddeld 6,5 meter met uitschieters van 11,5 meter. Dus onder de waterspiegel zit net zoveel kracht als erboven”, legt hij uit. “Als die met zo’n kracht langs die containers rammen, gaan ze zeker kapot. Ik vrees het ergste.”

Nieuwe troep

Milieujutter Guus Schweigmann voorspelt dat als de containers gaan rollen, er weinig meer van overblijft. “En dan komt de rotzooi weer aan land.” Ook op het Groene Strand, het waddenstrand aan de zuidkant van het eiland, verwacht hij dan nieuwe troep. “Ik was maandagmiddag verbijsterd over hoeveel plastic daar al weer was aangespoeld.” Schweigmann ruimt sinds tien jaar met een groepje eilanders het plastic op dat op het strand ligt. “Elke zaterdag gaan we aan de slag en rapen dan tussen de 300 en 500 kilo plastic op van het Noordzeestrand.”

Op zijn Facebookpagina laat hij een kaartje zien, waarop hij de overboord geslagen containers heeft getekend. Hij was 25 jaar loods en voer daarvoor op vrachtschepen. Hij heeft aan de hand van de snelheid van het containerschip MSC Zoe en het tijdstip van de meldingen van de overboord geslagen containers uitgerekend hoe laat de eerste in het zeewater ploften. 

Zijn theorie: “Rond elf uur ’s avonds lagen de eerste containers in het water. Toen had de derde stuurman dienst, de minst ervarene. Hij sloeg geen alarm. De eerste stuurman die om 4.00 uur de wacht overnam van de tweede stuurman, deed dat wel.” 

Waarom de derde niets deed? “Misschien heeft hij niks gemerkt.” Maar dat lijkt hem sterk, want als een schip containers verliest, gaat dat geheid slingeren. “Ik denk dat de kapitein uit zijn nest is geslingerd.” Ook de tweede stuurman deed niks. Pas de eerste meldde de verloren vracht bij de kapitein. “Hij draaide de kop van het schip in de wind zodat het slingeren stopte. Maar dan ben je vijf uur verder.”

Lees ook: 

Terschelling houdt het hoofd koel. ‘Windkracht 9 is voor ons een briesje.’

Op Terschelling schrikken ze niet van een Beaufortje meer of minder. Wel vrezen de eilanders dat de storm van dinsdag opnieuw overboord geslagen spullen het strand opblaast.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden