Wat een schoolkrant allemaal niet mag

Geen schoolkrant in Nederland is helemaal vrij. Soms bepaalt de rector zelf wat wel en niet 'kan', soms een leraar of lerares. Vloeken, seks en kritiek op docenten komen de censuur niet door.

De scholierenbond het Laks is groot voorstander van zoveel mogelijk openheid in de schoolkrant. Voorzitter Paik van den Hoek Ostende (17): “Wat ons betreft moet een redactie onafhankelijk zijn. Het moet geen scheldpartij worden, maar je ziet dat sommige scholen wel heel krampachtig zijn in het weren van 'schadelijke' uitspraken. Een schoolkrant moet een open communicatiemiddel zijn, tussen leerlingen onderling en tussen leerlingen en docenten.”

Bij het Laks komen regelmatig klachten binnen over al te strenge censuur. Paik: “Ik raad schoolkranten aan om in overleg met de medezeggenschapsraad een redactiestatuut op te stellen, waarin de grenzen van wat wel en niet geoorloofd is worden vastgelegd. Het allerlaatste, maar meest effectieve middel is natuurlijk om ondergronds te gaan. Het krantje buiten de school drukken en verspreiden dus. Moet je eens zien hoe snel de leiding bereid is te overleggen.”

Groenvoer

van de Christelijke Scholengemeenschap Groen van Prinsterer in Vlaardingen, zorgde voor een rel met de uitspraak van een leraar dat 'Jezus nauwelijks kleren aan zijn reet had', gevolgd door een opmerking over het geslachtsdeel op de afbeelding van Jezus. Een leerling had de opmerking genoteerd en in de kopijbus van Groenvoer gestopt. Ouders van brugklassers kwamen op hoge poten naar de directie en de schoolkrant kreeg de schuld. Hoofdredactrice Sylvia 't Hart (16) is van plan dit soort incidenten in het vervolg te voorkomen. “We zijn net van de censuur af en dat willen we graag zo houden. Vorig jaar las de conrector namelijk alles door.” Die censuur was streng, een verhaal over 'Hasje en Wietje' vond de conrector te schokkend om te publiceren. Groenvoer is officieel onafhankelijk, dat staat in de statuten van de leerlingenraad. Maar in de praktijk wordt de inhoud gecontroleerd. Nu zit Simone Boeter in de redactie, lerares Nederlands.

Sylvia: “De schoolleiding is heel bang voor het imago van de school. Wij moeten een schoolkrant zijn die uitstraalt hoe leuk deze school is.” Groenvoer probeert kritisch te zijn, maar schrijft lang niet alle misstanden op. “Als we alles wat we weten op zouden schrijven, kost mij dat beslist mijn baan”, zegt Simone Boeter, zelf nog maar net docent.

De inhoud van De Ketter van het Johannes Calvijn in Rotterdam wordt gecontroleerd door de rector zelf. “Een leraar had in de les gezegd dat hij vond dat bruggers apart moesten worden ondergebracht in de school. Met een hek eromheen waarop 20 000 volt op staat. Dat moesten we van de rector schrappen”, vertelt hoofdredacteur Pim Dumans (16).

De in schookranten zeer populaire rubrieken met uitspraken van docenten, zorgt voor veel conflicten. Ondanks het 'eindredacteurschap' van de rector wil Pim ervoor zorgen dat er in de toekomst kritischer geschreven wordt want De Ketter heeft een saai imago. “Leerlingen denken bij voorbaat al dat-ie niet leuk is.”

Climax, van het Montessori Lyceum in Amsterdam, is grote voorstander van zoveel mogelijk openheid. “De schoolkrant moet uitspreken wat er onderhuids sluimert. Als er geruchten gaan dat de school failliet gaat, is er meestal wel een financieel probleem, maar veel minder erg. Wij schrijven dat dan op.” Kritiek leveren op docenten kan in Climax ook. Tamira: “Niet als scheldstukje, maar met argumenten. Het is toch belangrijk om aan te kaarten dat iemand het in een bepaalde functie niet goed doet.”

Climax heeft een bestuur van twee leraren die alles lezen. Zo is de redactie onafhankelijk van de schoolleiding. Toch is het wel voorgekomen dat de leiding achteraf opdracht gaf om een pagina met seksistische gedichtjes uit de hele oplage te scheuren. Ook een enquête, waarin de schoolkrant vroeg aan leerlingen om in te vullen welke docenten er wel eens leerlingen uitschelden, mocht niet worden gepubliceerd.

't Krantje

van het Erasmus College in Zoetermeer, mag kritiek leveren op leraren en leraressen, maar dan worden alleen initialen gebruikt. “Je hoeft niet altijd grof te zijn, je kunt kritiek ook normaal verwoorden.”, vindt hoofdredactrice Tjitske Boland (17), 't Krantje heeft met zijn eerste nummer een fikse discussie op gang gekregen. De redactie liet gabbers en alto's aan het woord, twee groepen die een grote hekel aan elkaar hebben. Redacteur Maarten Herpt (17): “De ruzie liep zo hoog op dat er een vechtpartij bij de kapstok uitbrak.”

De veertienkoppige redactie vindt het haar rol om dat soort sluimerende conflicten bespreekbaar te maken. Een ander voorbeeld was een rondetafelgesprek over het eventueel ophangen van condoom-automaten. Uit het stuk bleek dat de meeste mensen vóór waren. Maar de rector verbood het plan. Naast de schoolkrant bestaat er een tweewekelijks A4-tje, het Groene Blaadje genoemd. Dat is populairder dan de schoolkrant omdat het zo actueel is. Dit pamflet staat vol opmerkingen van leerlingen en docenten, eventueel anoniem, en wordt in elkaar gezet door een leraar.

De Onderwijsbond CNV, een belangenclub voor leerkrachten, heeft nog nooit meegemaakt dat een docent is weggepest door een stuk in een schoolkrant. Woordvoerder Frank van de Weegen: “Een leraar met een slechte reputatie, kan daar wel erg onder lijden. Maar meestal merkt hij dat snel genoeg aan de leerlingen, daar is de schoolkrant niet voor nodig.”

Van de Weegen vindt niet dat docenten in alle gevallen beschermd moeten worden. “Als een docent een rare of grove uitspraak doet voor een klas, vind ik wel dat dat in een schoolkrant mag komen”, zegt Van de Weegen. “Dat is zo'n blunder, daar mag hij of zij op worden aangesproken.”

Voor Van Weegen ligt de grens bij het opschrijven van geruchten en het belachelijk maken van leerkrachten. “Een schoolkrant-redactie realiseert zich niet altijd wat voor schadelijke gevolgen uitspraken kunnen hebben.

Het is een deel van het opvoedingsproces om een redactie daarop te wijzen. Daarom is het goed dat er leerkrachten zijn die de inhoud in de gaten houden.''

Aan de 'apatiese' leerlingen

“Vorig jaar lagen de schoolkranten met tientallen tegelijk in de prullenbak, ongelezen”, zegt Gerard Drost (14), redacteur van de Kriebel van het Minkema College in Woerden. Het valt niet mee om een goede schoolkrant te maken die zowel door brugklassers als door eindexamenkandidaten wordt gewaardeerd.

Climax had wel een heel radicale manier om de schoolkrant onder de aandacht te brengen: de redactie deelde naakt en gebodypaint het eerste exemplaar van dit jaar uit in de klassen. “Iedereen is nu wel goed van ons bestaan op de hoogte”, zegt Sacha van Geffen (17), hoofdredacteur. Die actie leverde nogal wat kritiek op, samen met de voorkant van Climax waarop een foto staat van Barbie die Ken pijpt. De schoolleiding heeft brieven naar alle ouders gestuurd om zich te verontschuldigen.

Lege kopijbussen, na herhaaldelijke oproepen om toch vooral veel en goede stukken te schrijven, te weinig redactieleden, te weinig tijd en niet genoeg uitgaven per jaar om een beetje actueel te zijn. Dat zijn de problemen die de meeste schoolkranten hebben. En dat zijn problemen van alle tijden. Hoe woelig de jaren zeventig volgens de verhalen ook zijn, ook in 't Krantje van 1973 staat een desperate oproep van de schoolkrantredactie om meer kopij, onder de kop: 'Aan de apatiese leerlingen.' “Waarom is elke aksie bij voorbaat gedoemd om te mislukken?”, vraagt deze redactie zich moedeloos af. De enige manier om tegen deze desinteresse op te boksen, is zelf keihard werken en een goede schoolkrant maken, vindt Tamira Combrink (17): “Een goede schoolkrant trekt mensen. We hebben zo'n veertig los-vaste medewerkers en zo'n tien coördinatoren.”

De twee hoofdredacteuren werken zo'n tien uur per week aan de schoolkrant en lopen groot risico om te blijven zitten. Climax ziet er dan ook professioneel uit.

Bij alle schoolkranten woedt een continue discussie over 'de doelgroep'. Puzzels, horoscopen, probleemrubrieken, 'lerarenpraat' of 'lerariteiten' met uitspraken van docenten, of 'gehoord op het schoolplein' scoren goed bij alle scholieren. Een uitleg over de leerlingenraad of een beschouwing van het beleid van de school, of een verslag van een schoolreis een stuk minder. “Ze willen meligheid, dat vind ik zelf wel eens jammer”, zegt Annemiek Recourt (17) van De Doedel van het Develstein College in Zwijndrecht. Groenvoer van de scholengemeenschap Groen van Prinsterer in Vlaardingen werd de afgelopen jaren gemaakt door eindexamenkandidaten. Brugklassers begrepen niets van de lange, moeilijke verhalen. Dit jaar wil de redactie korte stukken en veel rubriekjes. Richard Heijdra (17), die zich bij Groenvoer heeft aangesloten voor meer diepgang in de schoolkrant, is het daar niet mee eens: “Je hoeft niet voor je publiek te schrijven, je schrijft voor jezelf.” “Dat wordt het grote meningsverschil op de volgende vergadering, zegt hoofdredacteur Sylvia 't Hart (16) met een diepe zucht.

Op school onbegrepen, later beroemd

Toen horrorschrijver Stephen King een schoolkrant uitgaf die 'The Village Vomit' (het dorpsbraaksel) heette, en vervolgens een verhaal schreef met de titel 'I was a teenage gravedigger', had niemand het idee dat deze jonge weirdo zou uitgroeien tot een van de meest gelezen schrijvers ter wereld.

Zo gaat dat vaker met jong talent. Onbegrepen, ongeremd en vol aspiraties drukken zij hun teksten af in de schoolkrant. Bijvoorbeeld Kees van Kooten en Wim de Bie, die in de jaren zestig ook mochten publiceren in het blad 'Tien voor de Tieners', een literair tijdschrift voor schoolkrantredacteuren, dat in 1968 is opgeheven. Maarten 't Hart begon bij 't Krantje in Vlaardingen, Paul Haenen schreef voor Climax van het Amsterdams Montessori Lyceum, dat toen tijdelijk Klimaks heette. Ronald Giphart richtte een eigen schoolkrant op, 'de Uitlaat', omdat hij de bestaande niet links genoeg vond. Ook schrijfster Karin Spaink en reclameman Harry Kramp (Heineken), begonnen ooit bij een schoolkrant. Schrijver Adriaan van Dis en onze eigen striptekenaar Berend Vonk vertellen over hun ervaringen.

'De enige censuur die ik heb meegemaakt'

Op de Kweekschool, de lerarenopleiding, werd Adriaan van Dis op zestienjarige leeftijd gekozen tot hoofdredacteur van 'De Ruif'. “Die krant lag op apegapen. Ik was er goed in om op mijn fietsje de plaatselijke middenstand over te halen om advertenties te plaatsen, voor twaalf gulden vijftig per stuk. Het liep heel goed. We stencilden zelfs in kleur, met ecoline. Helaas was na drie nummers het geld op.”

Van Dis, die nu door het leven gaat als 'wijs man', deed het niet goed op school. Hij zat op vijf middelbare scholen en in drie schoolkrantredacties. “Ik was geen gelukkige scholier. De schoolkrant was afleiding, ik was vooral aan het organiseren. Achteraf was het ook heel leerzaam. In de redactie leer je formuleren en je ideeën verdedigen, je leert dingen die niet in schoolboeken staan.”

Van Dis vond dat hij discipline nodig had. Hij meldde zich vrijwillig aan voor een zomeropleiding bij de Outward Bound-school, een soort survival-kamp in de duinen. “Het was lichamelijk zwaar en dat kon ik helemaal niet. Dus toen heb ik een schoolkrant opgericht. Met succes, ik kreeg net als iedereen 'de koperen speld' omdat ik was geslaagd.”

Op de Gemeente HBS in Hilversum, nu het Roland Holst College, zat Van Dis in de redactie van 'De Schutter'. “Alleen bij schoolkranten heb ik te maken gehad met censuur, later nooit meer. De HBS was een strenge school. We mochten geen spijkerbroeken dragen en meisjes moesten lang haar hebben. Voor ons was de schoolkrant een broeinest van opstand. We hadden een supervisor die alle stukken nakeek en ons waarschuwde dat ook de streng christelijke burgemeester van Hilversum de schoolkrant kreeg. Mijn verslag van een bezoek aan de Wallen werd niet geplaatst, bijvoorbeeld. Maar het bleef een uitlaatklep, alleen moesten we onze mening verkapt opschrijven, in gedichten of moppen bijvoorbeeld. In 1967 haalde ik mijn diploma. Een jaar later barstte de bom. Leerlingen gingen hasj roken, leraren kwamen openlijk uit voor hun seksualiteit. Voor mij is het goed dat de flower power-tijd pas toen losbrak, want zonder tucht en twintig knuppels had ik mijn middelbare school nooit gehaald.”

'Ik was een klein ettertje'

Berend Vonk was zestien toen hij bij de schoolkrant begon te tekenen op een katholieke school in Heerlen, het Sintermeertencollege. De redactie vond dat hij te ver ging met zijn vervolgverhaal over een godsdienstleraar, die tevens decaan was, dus Vonk ging ondergronds. “Ik drukte mijn eigen krantje, een strip over het leven van die decaan. Hij zal nu wel al lang met pensioen zijn. Ik hoop maar dat hij dit niet leest, dan krijgt hij alsnog een hartverzakking.”

De godsdienstleraar heette in Vonks vervolgverhaal 'de Buldog', een dikke, machtswellustige man, die leerlingen treiterde, maar 's nachts wel met een teddybeer sliep. “Iedereen kwam het krantje vragen, zelfs leraren. Ik was beroemd, maar eenzaam.” Vonk moest vaak bij de rector komen, die hem tevergeefs probeerde te overtuigen 'dat het toch allemaal niet zo erg was'. Als hij les had van 'de buldog', zat Vonk stuurs met zijn armen over elkaar voor zich uit te staren, terwijl de leraar hem negeerde. “Een keer is hij tegen mij uitgevallen. Nu snap ik het wel, het was best grof. Ik was een klein ettertje”, zegt Berend Vonk (35) nu.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden