Wat de PvdA mankeert is nog steeds onduidelijk

De conclusies van Dijksma over het barre resultaat van 4 juni zijn zeer stellig. Maar een heldere analyse ontbreekt.

‘Wat is er in hemelsnaam mis met de Partij van de Arbeid?’ Zo opent de brief aan de leden van die partij met de analyse van het verkiezingsresultaat van de PvdA bij de Europese verkiezingen. De vraag wat er mis is met de PvdA kan echter ook gesteld worden naar aanleiding van de betreffende brief. Immers, van analyse is geen sprake en een helder, uitvoerbaar perspectief op verandering en verbetering is er niet in te vinden. De brief heeft uitsluitend als effect dat de PvdA weer in het nieuws is als een partij waar kennelijk van alles mis gaat. Daar kan het moeilijk allemaal om te doen zijn geweest.

De werkgroep onder leiding van staatssecretaris Sharon Dijksma had als opdracht gekregen een snelle maar gedegen analyse van het barre resultaat van 4 juni te produceren. Eerlijk is eerlijk: met die snelheid zit het goed. Maar van een gedegen analyse is absoluut geen sprake. Als al een dergelijke analyse heeft plaatsgevonden, dan is daarvan althans in de brief weinig terug te vinden.

Zeker, de brief is stellig in enkele bevindingen. En de centrale conclusie dat in de campagne voorafgaande aan de Europese verkiezingen zo ongeveer alles is misgegaan, is helder. Maar ook merkwaardig, omdat nergens is aangegeven hoe de conclusie tot stand is gekomen. Hoe had de campagne in elkaar moeten zitten, welke onderdelen hadden hoe precies bedacht en uitgevoerd moeten zijn, en waar is het dan op welke wijze misgegaan? Hoe had een andere campagne tot een wezenlijk ander resultaat kunnen leiden, gezien het feit dat al voor de campagne het sociaal-democratische segment van het electoraat in de peilingen bescheiden en bepaald niet groeiend was. Dat is het soort van vragen dat je in een gedegen analyse zou verwachten. En dan lijkt het heel dapper om zo openlijk te stellen dat zo ongeveer alles en iedereen gefaald heeft – waarbij angstvallig wordt gewaakt voor het noemen van man en paard, en het partijbestuur als eindverantwoordelijke voor de campagne opmerkelijk weinig genoemd wordt – maar als iedereen gefaald heeft, alles is mislukt, tja, wie kan daar dan op worden aangesproken?

Een open deur is bijvoorbeeld dat alles wat bij de vorige verkiezingen mis ging de volgende keer toch echt anders, beter moet. Dat zal zo zijn, maar als onduidelijk is waarom er zo veel mis ging, is het werken aan verbetering een onmogelijke opdracht.

Waar de werkgroep concreet is in de aanbevelingen, is het ten zeerste de vraag of een oplossing wordt aangedragen of eerder een nieuw probleem. De opdracht aan het partijbestuur om goed na te denken over het houden van zogeheten primaries is hier het beste voorbeeld van. Niet alleen is onduidelijk voor welk probleem dit een oplossing betekent, maar de werkgroep heeft zich ook niet gerealiseerd dat het houden van voorverkiezingen in een partij als de PvdA, opererend in een bestel waar tal van verwante partijen een plaats hebben, het recept is voor onderlinge verdeeldheid en strijd. Los van de vraag wie mag en kan deelnemen aan die voorverkiezingen, kan het houden ervan de indruk vestigen dat de partij ernstig verdeeld is. Elke zich bij voorverkiezingen manifesterende stroming zal waarschijnlijk sterk lijken op een partij die naast de PvdA bestaat. PvdA’ers die hun factie in de onderlinge strijd zien verliezen, hebben dan ook vervolgens een prima alternatief buiten de PvdA.

Dat is een essentieel verschil met de Verenigde Staten met een bestel met twee dominante partijen. Een Democraat zal de Democratische winnaar van de voorverkiezingen vrijwel altijd steunen, ook al had hij of zij liever een andere winnaar gezien – alles beter dan een Republikein tenslotte! Een PvdA’er kan moeiteloos de kleine stap zetten naar SP, GroenLinks of D66. Voorverkiezingen lijken een garantie voor zelfmoord van de PvdA.

Een groot deel van de aanbevelingen van de werkgroep-Dijksma volgt ten slotte uit een oproep ’om werk te maken van onze uitgangspunten’ en om ’onze vertrouwde idealen te verwezenlijken’. Daar is geen speld tussen te krijgen, al lijkt het niet zonder risico dat dit dient te geschieden vanuit de ’verzengende ambitie om de wereld te verbeteren’. Maar ja, elke verkiezingscampagne van elke partij zal precies dat voor ogen hebben.

Daarmee is deze cluster van aanbevelingen niet zo veel meer dan een omslachtige en niet direct uitvoerbare formulering om in de toekomst toch vooral beter campagne te voeren. De vraag wat er in hemelsnaam mis is met de PvdA blijft kortom voorlopig onbeantwoord.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden