Column

Wat Balkenende niet lukte, lukt Rutte wel

"De VVD (Mark Rutte) en de PvdA (Diederik Samsom) lieten in de jaren negentig zien tezamen een nieuw midden te kunnen vormen." Beeld anp

De drie grote politieke stromingen die de staat al meer dan een eeuw dragen, behaalden vijftig jaar terug samen nog 123 zetels. Bij de laatste verkiezingen was dat aantal gekrompen tot 92. Volgens Ipsos zouden VVD, PvdA en CDA nu kunnen rekenen op 56 zetels. Voltrekt zich dan toch, vijftig jaar later dan D66 veronderstelde, de implosie van het midden?

Willem Breedveld, een van mijn leermeesters in de politieke journalistiek, voorspelde een kleine tien jaar terug met de Ierse dichter Yeats in de hand dat het midden geen stand houdt. Hij zag nog wel een uitweg om dat lot af te wenden, maar betwijfelde sterk of het vierde kabinet-Balkenende die uitweg zou bieden.

Om het drama van het instortende midden te beschrijven gebruikte Yeats het beeld van de valk die, in steeds wijdere cirkels opstijgend, uiteindelijk het contact met de valkenier verliest. Dan is er geen houden meer aan: "Alles valt uiteen, het midden houdt geen stand". Breedveld voelde zich een beetje beschroomd dit gedicht aan te halen, omdat Yeats het lot van de mensheid verbeeldde die haar oorsprong en bestemming niet meer kent.

De dichter deed dat in de turbulente periode na de Eerste Wereldoorlog, toen opkomende politieke bewegingen als communisme en fascisme de weg wilden banen voor de 'nieuwe mens'. Yeats zag allerlei onheil in het verschiet, anarchie, bloedvergieten, verlies van onschuld overal.

Apocalyptisch beeld
Begrijpelijk dat Breedveld terugdeinsde dit apocalyptische beeld te betrekken op een klein land waar de dingen zo'n vaart niet lopen en dat nooit zo bevattelijk is geweest voor politiek extremisme. Wat hem aantrok, was de bedreiging van het midden, het verlies van een politieke kracht die de democratie bij haar oorsprong houdt en bij haar taak als hoeder van de vrijheid.

Hij doelde dus niet op het midden in enge of strategische zin, al stond zijn bezorgdheid niet los van de ineenstorting van het CDA. In 1967 haalden de christen-democraten, nog verdeeld over drie partijen, 69 zetels; in 2012 waren dat er nog maar 13.

De christen-democratie was vanuit haar spilpositie lang een verbindende kracht in de Nederlandse politiek, maar VVD en PvdA lieten in de jaren negentig zien dat zij tezamen een nieuw midden konden vormen. Hun samenwerking betekende een breuk in de geschiedenis, maar die breuk ging niet ten koste van de continuïteit in het landsbestuur en de kwaliteit van onze democratie.

De samenwerking ging wel ten koste van de politieke herkenbaarheid, zeker voor degenen die gewend waren aan de oude verhoudingen in het driestromenland. Daar zit ook nu nog de zwakte van de coalitie tussen beide partijen. Toch is er sprake van een verandering ten opzichte van tien jaar geleden die cruciaal kan zijn. CDA en PvdA vormden na de verkiezingen van 2006 hun kabinet zonder overtuiging, tegen heug en meug. Het kwam dan ook voortijdig ten val door gebrek aan coherentie en ernst.

Tekst loopt door onder afbeelding.

Jan Peter Balkenende Beeld anp

Inzet
Het beeld was dat het kabinet er wel zat, maar er niet stond. Dat is het verschil met het kabinet Rutte-Asscher. Wat je ook van het beleid vindt, van de uitglijders en de incidenten, het kabinet staat er en het vertoont nog altijd de inzet eendrachtig de rit vol te maken. In dat geval lukt Rutte wel, wat Balkenende als premier tot drie keer toe niet lukte.

Met zijn inzet heeft dit kabinet een politieke kracht ontwikkeld die tegenwicht biedt aan de middelpuntvliedende bewegingen en het midden nieuw zelfvertrouwen geeft. Dat is de essentie. Het is een antwoord vanuit de politiek op de polarisatie, die onze democratie van haar oorsprong dreigt te verwijderen. Noem het leiderschap.

Breedveld verweet de politieke leiders tien jaar terug dat zij in paniek achter de kiezers aanholden en daardoor niet in staat waren vanuit eigen kracht leiderschap te ontwikkelen. Hij vond ook hier inzicht bij Yeats, die het midden zag bezwijken, doordat 'de besten alle overtuiging missen en de slechtsten zijn vervuld van hartstochtelijke intensiteit'.

Tot Nederlandse proporties teruggebracht zie je hier de radeloze middenpartijen in het turbulente eerste decennium van deze eeuw tegenover populistische uitdagers als Fortuyn en Wilders. Die uitdagers zijn niet intrinsiek slecht, ze zijn wel slecht voor een democratie die onverbrekelijk is gekoppeld aan de bescherming van recht en vrijheid voor iedereen. Ze zijn ook slecht in die zin dat ze hard tegen het bestel aanschoppen, maar niet eens de wil tonen hun politieke kracht om te zetten in regeerkracht.

Bij de verkiezingen moet blijken in hoeverre het antwoord van VVD en PvdA op de polarisatie samenbindend is. De peilingen zeggen niets over de uitslag. Wordt de moed van Rutte en Samsom herkend het landsbelang voor het partijbelang te plaatsen en daarmee de natie en de democratie een dienst te bewijzen?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden