Was iedereen uitgeput, trok hij nog een sprint

Gerrit van den Berg 1949-2014

Gerrit van den Berg hield erg van pindakaas. Op ontbijtkoek, door de yoghurt of gewoon zo uit de pot, met zijn favoriete zilveren lepeltje, pindakaas maakte een wezenlijk deel uit van zijn eetpatroon. Echtgenote Astrid waarschuwde hem soms voor zijn niet zo gezonde levensstijl, die haaks stond op zijn werkdrift. Wijn en kaas na een drukke dag, die tot laat in de avond kon duren, vaak gevolgd door nachtelijke telefoongesprekken met politieke vrienden. Gerrit had aan vier uur slaap genoeg.

Wrang, dat die tomeloze energie de laatste jaren omsloeg door de slopende ziekte MS, die hem eerst het lopen, daarna het werken en tenslotte het leven onmogelijk maakte. De laatste maanden waren een lijdensweg, waarin hij zich aanvankelijk nog strijdbaar opstelde. Eigenwijs zoals hij kon zijn, wilde hij zelf bepalen wat er zou gebeuren. Thuis wilde hij zijn, niet in het ziekenhuis, waar artsen over zijn hoofd heen met elkaar praatten in plaats van met hem.

Maar toen duidelijk werd dat het echt niet meer ging, legde hij zich bij het onvermijdelijke neer. "Alles heeft zijn tijd", zei hij tegen Astrid en zijn drie kinderen, verwijzend naar Prediker. Wel bracht hij nog de kracht op om te wachten op zijn zesde en zevende kleinkind. Hij stierf twee dagen na de geboorte van tweeling Tirza en Bram.

Eigenlijk leefde hij al in reservetijd. Op zijn 17de was hij frontaal op een vrachtwagen gebotst, die hij niet had gezien. Hij kwam terecht op de stoep van de katholieke kerk in Santpoort, zijn geboortedorp. Zelf behoorde hij tot de gereformeerde kerk, sinds hij door vriendjes was meegenomen naar de gereformeerde jeugdclub. Toch voorzag de katholieke pastoor de zwaar gewonde jongeman van het heilig oliesel, in de veronderstelling dat hij het niet zou redden. Maar Gerrit van den Berg ontwaakte uit zijn coma en bleef leven.

Vreemde vogel

Na zijn herstel deed hij alsnog mulo-examen en begon hij, met achterstand, aan de protestants-christelijke kweekschool Da Costa. In de klas ging hij steeds naast Astrid Engelse zitten. Een vreemde vogel, vond zij die jongen met zijn mond vol poedersuiker, van de puddingbroodjes die hij dikwijls at. Gerrit was een gangmaker met wie veel te lachen viel, maar verliefd werd ze pas toen hij op een dag in pak verscheen. De verkering duurde uiteindelijk 44 jaar, jaren die voorbij zijn gevlogen.

Net afgestudeerd togen ze samen naar Willemstad, in Noord-Brabant, lekker ver van het oude vertrouwde Haarlem van hun jeugd. Op dezelfde school stonden ze voor de klas, maar hoewel hij uit een onderwijsfamilie kwam bleek dit toch niet zijn roeping.

Twee jaar voor zijn ongeluk was Gerrit gaan korfballen en zijn trainer van toen, de latere minister Hans de Boer, strikte hem tijdens zijn kweekschooljaren voor de Arjos, de jongerenorganisatie van de ARP. Hij had al wat bestuurservaring opgedaan bij een toneelvereniging, maar in de partij van de gereformeerden kwam alles samen. Al na anderhalf jaar solliciteerde hij naar een baan op het partijbureau van de ARP. Omwille van de centrale ligging verhuisden ze naar Waddinxveen, waar ze 22 jaar bleven wonen.

Politiek bleek zijn passie. Gerrit beheerste het spel als geen ander. Het begon met het regelen van ledenwerfacties, maar al snel werd hij betrokken bij het opzetten van verkiezingscampagnes en bemiddelde hij in kiesverenigingen waar onenigheid was uitgebroken. Hij begreep hoe macht werkt, zag aankomen wat er ging gebeuren, ook wat er fout kan gaan, en kon daar op inspelen. En hij kon dat ook aan de betrokkenen uitleggen, de onderwijzer zat nog steeds in hem.

Gerrit had het politieke bedrijf in de vingers, hij genoot ervan. Toen de ARP ondanks de nodige twijfel besloot op te gaan in het CDA, was hij een van de drijvende krachten die zorgden dat het organisatiemodel van de oudste politieke partij van Nederland in die nieuwe partij terugkwam. Hij was de regisseur, de man op de achtergrond, die ook juridische haarkloverij doorzag. Als een pietje precies voegde hij woorden toe aan brieven en discussiestukken. Die bevorderden de leesbaarheid meestal niet, maar ze boden wel houvast en zekerheid. Hij verstond de kunst van de kleine lettertjes. Kwam er een kwestie van, dan won hij altijd. Als iedereen op apegapen lag trok hij nog een eindsprint. Als geen ander was hij ook bedreven in het regelen van Eerste Kamerverkiezingen door het verdelen van de stemmen in de twaalf provinciale staten. Hij werd er zelfs voor naar het torentje van de premier gehaald.

Astrid had er wel eens op aangedrongen dat hij nog een studie zou doen, maar hij vond dat hij in de praktijk genoeg leerde, op de hogeschool van het leven. Zoals in het afdelingsbestuur van het CDA in Waddinxveen en vervolgens in de gemeenteraad, vanaf 1985, al snel als fractievoorzitter, wat hij bleef tot 1994, toen hij met zijn gezin 'terugverhuisde' naar Heemstede.

Groot was het verdriet geweest toen hun eerste kindje na zeven maanden zwangerschap in de baarmoeder bleek te zijn overleden door een knoop in de navelstreng. Een jaar later ging gelukkig alles goed en kwam Chantal ter wereld, de latere moeder van de tweeling en nog vier andere kleinkinderen, die in zijn politieke schoenen is gestapt en als nummer vier op de CDA-lijst afgelopen voorjaar net buiten het Europees Parlement bleef.Twee jaar na Chantal werd Rachel geboren en de meiden kregen vijf jaar later nog een broertje, Maurits.

"Ik breng de kinderen naar school", sprak Gerrit af met Astrid. Zijn werk bood hem daarvoor gelukkig de ruimte. Verder kwam het gezinsleven voornamelijk op Astrid neer, omdat zijn werk - eerst op het CDA-partijbureau, later als topambtenaar op het ministerie van WVC en VWS -, de kerk en vooral de politiek veel tijd van hem vroegen. Hij moest vaak het land in, ook 's avonds en in het weekeinde. Soms liet hij zijn kinderen folders rondbrengen, waardoor ze leerden zich in te zetten voor een ander en de maatschappij.

Chantal, Rachel en Maurits herinneren zich de zeldzame keren dat hij hen knuffelde bijna stuk voor stuk. Toch was hij een betrokken vader, die zorgde dat voor zijn kinderen alles piekfijn in orde was. Hij bracht hen naar moeilijk bereikbare plekken en haalde hen 's nachts weer op, waarbij ze meteen zijn stelregel 'afspraak is afspraak' leerden. Hij regelde hun studies en stageplekken en de studentenkamers en zelfs de verhuizing daar naartoe. Net zo zorgzaam was hij trouwens voor werknemers van het ministerie, die als gevolg van reorganisaties moesten omzien naar een andere baan.

Nadat hij Chantal als 14-jarige naar een balletkamp aan het meer van Genève had gebracht, legde hij haar tot in detail uit welke boot, trein en taxi ze moest nemen om weer veilig thuis te komen. Zo stippelde hij ook hun wintersportvakanties uit, zelfs toen hij nauwelijks meer kon lopen, laat staan op skies de berghellingen af.

De klachten waren al in 1999 begonnen. Hij bleek een lekkende hartklep te hebben en problemen met de aorta, misschien nog van het ongeluk op zijn 17de. Nadat hij pijn kreeg in zijn benen werd in 2005 de diagnose MS gesteld. Lopen werd steeds lastiger.

Piepkleine scootmobiel

Als grote man in een piepkleine scootmobiel bezocht hij begin dit jaar nog het Amsterdamse theater Bellevue, waar Maurits in de voorstelling 'Warenhuis' stond, van Beumer en Drost. Het kostte veel moeite, maar hij deed het want hij wilde zijn zoon zien spelen.

Meteen daarna werd hij in Amsterdam geopereerd aan zijn aorta, en die operatie werd hem fataal. Er sloop een gemene bacterie binnen die zijn hart aantastte. Ook verloor hij de sta-functie in zijn benen. Omdat hij 24-uurszorg nodig had verhuisde hij in april naar Nieuw Unicum, de instelling in Zandvoort die in MS is gespecialiseerd. In de laatste maanden, toen de ziekte hem steeds verder sloopte, voerden ze nog goede gesprekken, waarin Gerrit zijn kinderen uiteindelijk vertelde hoe trots hij op hen was. Al moesten ze niet denken dat hij het met al hun keuzes eens was, die aanvulling kwam er wel bij. Troostend was hoe hij vertelde over de dood van zijn eigen vader, die hij had meegemaakt zoals zijn kinderen nu zijn sterven meemaakten. Hij nam afscheid van hen, van oude vrienden en van Astrid, met wie hij zo graag oud had willen worden. Op de uitvaart was er kaas en wijn.

Gerrit van den Berg werd geboren op 4 december 1949 in Santpoort. Hij overleed op 21 augustus 2014 in Zandvoort.

Hij leefde al sinds zijn 17de in reservetijd. Hij botste toen frontaal op een vrachtwagen. Maar hij ontwaakte uit zijn coma en bleef leven.

Gerrit van den Berg was een vader die ervoor zorgde dat voor zijn kinderen alles piekfijn in orde was.

Politiek bleek zijn passie. Gerrit beheerste het spel als geen ander. Hij begreep hoe macht werkt, zag aankomen wat er ging gebeuren en kon daarop inspelen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden