Review

Warmte in de poolnacht

Een jaar lang verbleef de 19-jarige Heleen van der Laan op Spitsbergen, waar ze overwinterde met een pelsjager. Aanvankelijk walgde ze van hem, maar na vier maanden poolnacht kregen ze een relatie. 'Waar blijft het licht' is het verhaal van dat avontuur. De verfilming gaat volgende week in première.

Heen en weer geslingerd tussen emoties en herinneringen, zo keek Heleen van der Laan, inmiddels 28, de eerste keer naar de film. “Ik ben sowieso een erg betrokken filmkijker. Wat de personages beleven, maak ik ook mee. Dat was bij deze film natuurlijk nog sterker, het gaat over mijn herinneringen.”

Vlak na haar eindexamen besluit Van der Laan het avontuur te zoeken. Ze monstert op het schip de Plancius aan als koksmaatje. Dat ze daarna bij een pelsjager belandt, is puur toeval. “De Plancius voer de ene helft van het jaar op Spitsbergen, de andere op Venezuela. Voor hetzelfde geld was ik een jaar tussen de Indianen gaan wonen.”

Op Spitsbergen raakt ze gefascineerd door het bestaan van pelsjager Nils. Ze besluit bij hem te overwinteren. Vier maanden lang woont ze in een houten hut in de duisternis van de poolnacht, honderden kilometers van de bewoonde wereld, bij temperaturen van 40 graden onder nul. Samen met een pelsjager die stinkt, nauwelijks praat en ontzettend onhandig is.

Bovendien blijkt al snel dat hij haar vooral in huis heeft genomen voor maar één ding: seks. Keer op keer wijst Van der Laan hem af als hij 's avonds, na een stevige borrel, vraagt: “Will you sleep with me tonight?”

Langzamerhand verandert haar beeld van 'de pelsjager'. “Ik had een idealistisch beeld van het bestaan bij een pelsjager: de stoere man die mij vertrouwd zou maken met de kunst van het overleven. Daarnaast koesterde ik de herinnering aan mijn vriendje, die ik leerde kennen aan boord van de Plancius. Pas toen ik die romantische beelden losliet, kon ik zien wat ik echt had. En toen ging ik Nils ook met andere ogen bekijken. Ik zag dat hij niet alleen maar dom en naïef was, maar onschuldig. Hij was vrij van pretenties, en dat waardeerde ik in hem.”

In haar boek beschrijft ze hun gedeelde bestaan. Ze helpt Nils bij de zeehondenjacht en het klaarmaken van de wintervoorraad. De aanvankelijke aarzelingen die ze voelt bij het jagen, heeft ze snel overwonnen. De jacht is noodzakelijk om in leven te blijven, het is onderdeel van het leven op Spitsbergen. 'Nu ik een dier heb geschoten, hebben ijsberen ook het 'recht' om mij op te eten. Zo gaat het spel, zo gaat het leven', schrijft ze. Het prepareren van de buit is een werkje dat minder snel went: 'Het villen is een bloederig karwei. Als het vlees boven op de stelling ligt, mag ik de 'spekdress' aan om heel voorzichtig de vacht van de blubberige laag vet te ontdoen. Het voelt aan als drilpudding en stinkt verschrikkelijk.' Als op 11 november de volledige duisternis invalt, slaat ook de verveling toe. Nils houdt zich bezig met het controleren van de vossevallen, Van der Laan leest, doet karweitjes en schrijft brieven.

De eerste versie van het script las ze met gemengde gevoelens. “Ik wilde niet dat ze de herinnering geweld aan zouden doen, maar ik begreep ook wel dat bepaalde aanpassingen nodig waren. Film is een heel ander medium dan een boek.” Dat ze zwanger raakte, hielp, zegt ze, om de film naar de achtergrond te duwen. “Alles was ondergeschikt aan die mooie dikke buik.”

“De karakters zijn in de film scherper, extremer aangezet. In de eerste helft van mijn boek is de pelsjager Nils helemaal niks, hij is N., een lege figuur. Stijn, de regisseur, vond dat dat niet kon in een film. De figuur Lars is nu veel gevatter dan Nils in het echt was.”

Ook haar personage, Ellen, is anders dan in werkelijkheid. “Ellen is een soort Superwoman. Tegelijkertijd is ze een enorme bitch tegenover Lars. Ik ben ook lang niet altijd aardig geweest, maar in mijn boek was duidelijker dat mijn gedrag voortkwam uit eenzaamheid en vertwijfeling. Daar beschrijf ik hoe ik op een gegeven moment zo kwaad wordt op Nils, dat ik een theekopje naar hem wil smijten. Maar ik hou me in en ga naar buiten. In de film krijgt Lars tijdens een woede-aanval van Ellen een hele stapel boeken over zich heen.”

Een scène waar Van der Laan aanvankelijk moeite mee had, is het moment waarop Lars aan Ellen vertelt dat hij verliefd is geweest op de popzangeres Madonna. Een onmogelijke liefde, die hem tot een komisch-mislukte zelfmoordpoging dreef. “Dat was te zot, om het op z'n Vlaams te zeggen. De scène is er in geschreven om het personage Lars meer te verdiepen. Het is op zich best een grappig moment, maar bij het zien dacht ik: 'Ja maar, die goeie man hééft helemaal geen zelfmoord willen plegen!'.”

Uiteindelijk is ze tevreden over het resultaat. “Hij heeft zwakke en sterke punten, maar over het algemeen is 't een goede film. Vooral het afscheid van Lars en Ellen vond ik ontzettend mooi. Dat was heel belangrijk voor me. Als die scène was mislukt, had de film wat mij betreft in de kast gekund.”

Sinds haar overwintering is Van der Laan nog enkele malen teruggeweest naar Spitsbergen, aan boord van de Plancius en één keer als lid van Greenpeace om te protesteren tegen de overbevissing van de Barentszee. Eén avond heeft ze Nils bezocht, in zijn hut aan de Wijde fjord. “We hebben niet echt gepraat. Er waren andere mensen bij en Nils voelde zich niet zo op zijn gemak. Ik zag toen weer wat mij destijds intrigeerde aan dat bestaan. Het was heel vertrouwd: de geur, de planken langs de muur. Maar ik realiseerde me ook waarom ik toen ben weggegaan. Het is een beperkte wereld, te afgezonderd voor een meisje dat nog zoveel moest ontdekken.”

Van der Laan geeft nog regelmatig lezingen over Spitsbergen, naast haar werk aan het Instituut voor Fysische Geografie in Amsterdam. Met haar vriend exploiteert ze de tweemaster de Welvaart, die gecharterd kan worden voor tochten op het Ijsselmeer, de Waddenzee en de Friese meren. Het jaar op Spitsbergen en de ervaringen die ze daar heeft opgedaan, hebben haar leren relativeren. “Het geeft ook een goed gevoel dat ik toen een droom werkelijkheid heb gemaakt. Bij de meeste mensen blijven dromen eeuwig in het hoofd bestaan. Dat zijn vaak niet de gelukkigste mensen.”

“Het gevaar van de film is dat hij mijn beeld van toen zal beïnvloeden. Dat ik, als ik nu ga terugdenken, het hutje uit de film voor me zie. Zo werkt het ook bij vakanties: de foto's vervangen na verloop van tijd de herinneringen. Ik wil niet dat de film de beelden in mijn hoofd laat vervagen. Ik wil aan Nils terugdenken zoals hij werkelijk was. Dat ben ik aan hem verplicht.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden