'War on drugs' heeft beste tijd gehad

Latijns-Amerika en Verenigde Staten gaan drugsbestrijding anders aanpakken: minder repressie, meer regulering

Latijns-Amerika en de Verenigde Staten staan aan de vooravond van een principiële koerswijziging op het gebied van de internationale drugsbestrijding. Voor Nederlandse begrippen zijn het misschien open deuren, in de Amerikaanse context gaat het om radicale inzichten.

Zo moeten straffen voor drugsdelinquenten in verhouding komen te staan tot de zwaarte van het delict. Mensenrechten dienen te worden gerespecteerd bij de drugsbestrijding. Er moet meer aandacht komen voor armoede als voedingsbodem voor drugshandel. En drugsverslaving moet worden aangemerkt als 'een volksgezondheidsprobleem'. Zo staat het in een ontwerpverklaring voor de driedaagse algemene vergadering van de Organisatie van Amerikaanse Staten OAS), die vandaag in Guatemala begint.

In Nederlandse oren klinkt het standaard. Maar in de Amerika's is het traditionele drugsbeleid - door de Verenigde Staten afgedwongen - van oudsher gebaseerd op criminalisering en repressie. Met het besproeien van drugsgewassen, de militarisering van de strijd tegen smokkel, de heksenjacht op drugsgebruikers en buitensporig zware straffen voor drugsrunners en bolletjesslikkers, is decennia lang geprobeerd een einde te maken aan het drugsprobleem. Het liep uit op een fiasco. De compromisloze 'War on drugs' kostte miljarden - alleen al in 2010 besteedde de VS 15 miljard dollar - en leidde tot een geweldsspiraal met tienduizenden doden, uitpuilende gevangenissen en een totale overbelasting van het justitieel apparaat.

Zwaar getroffen zijn de kleine boeren in Bolivia en Peru. Die worden behandeld als criminelen omdat ze overleven dankzij de coca, de grondstof voor cocaïne. In Colombia is drugs dé motor achter het gewapende conflict met tienduizenden doden en miljoenen ontheemden. Mexico en landen in Midden-Amerika, waar de drugs doorheen gaat op weg naar de Verenigde Staten, dreigen door geweld en corruptie 'mislukte staten' te worden. Alleen al in Mexico vielen sinds 2006 ruim 60.000 doden - meestal burgers - in de strijd tegen en tussen drugskartels, die hun slachtoffers graag op gruwelijke wijze ombrengen en ophangen aan bruggen en viaducten. En het drugsgebruik groeit nog steeds. Brazilië is na de VS de grootste consument van cocaïne ter wereld.

Het nieuwe beleid moet meer gebaseerd zijn op regulering en minder op repressie. "De nadruk komt dan eerder op de positie van mensen die door drugs in de problemen komen", zegt drugsdeskundige Martin Jelsma van het Transnational Institute in Amsterdam. Volgens Jelsma, die meeschreef aan de rapporten voor de OAS-vergadering, is de oude consensus over drugsbestrijding nu al verleden tijd. Zo staat Uruguay op het punt om als eerste in de wereld de verbouw en verkoop van marihuana te legaliseren. De Colombiaanse president Juan Manuel Santos lobbyt internationaal voor een nieuw drugsbeleid. Ook binnen de Verenigde Staten is beweging. Colorado en Washington legaliseerden enkele maanden geleden - onder voorwaarden - de teelt, de handel en het bezit van kleine hoeveelheden marihuana; een zestal andere staten overweegt hetzelfde te doen.

Het bereiken van een nieuwe consensus gaat volgens Jelsma nog jaren duren. Conservatieve landen als Panama en Peru liggen nog dwars, "maar er is geen weg terug meer". Twee weken geleden gaf secretaris-generaal José Miguel Insulza van de OAS de discussie nog een extra duw door er persoonlijk voor te pleiten dat landen hun eigen drugsbeleid moeten kunnen bepalen, dat drugsgebruik uit de criminele sfeer moet komen en dat oude VN-verdragen op drugsgebied moeten kunnen worden opengebroken. Jelsma was blij verrast met de actie van Insulza: "Ineens gaat het allemaal veel sneller dan we hadden verwacht."

De omstreden rol van Washington
Een moeilijk punt bij de komende OAS-vergadering betreft een langlopende kwestie rond de traditioneel dominante rol van de VS bij de regionale drugsbestrijding. Een groot deel van de landen in Latijns-Amerika wil af van de zogenoemde 'certificatie', een rapportcijfer dat Washington jaarlijks aan andere landen uitdeelt voor de loyaliteit aan het Amerikaanse drugsbeleid. Wie niet in de pas loopt, verliest financiële steun en ontwikkelingshulp uit Washington. Met name Bolivia, Venezuela en Ecuador willen deze traditie vervangen door een zogeheten Multilateraal Evaluatie Mechanisme (MEM), een systeem waarbij de landen elkaar beoordelen. In het verleden hebben de VS zich verzet tegen de afschaffing van het eigen systeem, onder meer omdat de MEM geen sancties kent.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden