Wapen als uiting van vrijheid

Dat vuurwapens zo'n belangrijke rol spelen in de Amerikaanse samenleving, is in de ogen van de meeste Nederlanders een vreemde zaak. Ook vele miljoenen Amerikanen hebben hier weinig begrip voor en zouden het vuurwapenbezit liever aan banden leggen. Ik kom uit zo'n familie. De weerzin tegen vuurwapens heb ik van mijn Rotterdamse moeder en Amerikaanse vader meegekregen en ik heb geen enkele sympathie voor de wapenlobby van de National Rifle Association, die na de moord op schoolkinderen in Newtown opriep om schietpartijen te bestrijden met gewapende bewakers op scholen.

Maar vuurwapens zijn in Amerika bijna net zo heilig geworden als de Bijbel, door de lessen die zij hebben geleerd uit de Europese geschiedenis. Je zou kunnen zeggen dat het Amerikaanse recht om wapens te dragen, teruggaat naar de kroning van stadhouder Willem III tot koning van Engeland. Het Engelse parlement verwelkomde de nieuwe koning met een aantal nieuwe wetten, vastgelegd in de Bill of Rights (1689). Naast het inperken van koninklijke macht en het vastleggen van de rechten van het volk en het parlement, moest de koning protestanten toestaan om wapens te dragen ter verdediging. De voormalige koning, de katholieke James II, had hun dit namelijk verboden.

Precies een eeuw later zou de nieuwe onafhankelijke Amerikaanse overheid haar eigen Bill of Rights afkondigen, waarin de vrijheden van burgers werden gegarandeerd. Mede door de ervaringen in Engeland en continentaal Europa trokken ze een heldere conclusie: burgers moesten bewapend zijn om tirannen van de macht te weerhouden. Absolutisme in Europa had te veel kans gekregen omdat overheden het wapenbezit onder burgers aan banden had gelegd.

Daarom spreekt het tweede amendement van de Amerikaanse grondwet van het recht op het bezit en het dragen van wapens. Maar dat recht werd toentertijd expliciet gegeven aan staten om een goed geregelde militie te kunnen vormen, bestaande uit bewapende burgers. Niet individuen maar staatslegers hadden het recht om wapens te dragen. En dit moest goed gereguleerd worden, omdat de Amerikaanse overheid al vaker last had gehad van spontane milities, die zich tegen de overheid keerden.

Het tweede amendement kan dus ook positief worden geïnterpreteerd, als het streven naar een waakzame burgerij die gezamenlijk verantwoordelijkheid neemt voor de veiligheid en het welzijn van allen. Een uiting van actief burgerschap. Maar toch leidde dit amendement tot een tragische geschiedenis.

In de praktijk bleek het bezit van vuurwapens in de VS nooit beperkt te blijven tot een goed gereguleerde militie. In de negentiende eeuw vermoordden Amerikanen elkaar op grote schaal, vooral in het zuiden en langs de frontier. In delen van Texas werden jaarlijks honderd van de 100.000 mensen vermoord. Nationaal gezien is dat nu minder dan vijf per 100.000 (in Nederland ongeveer één per 100.000).

Veel Amerikanen dachten dat de overheid individueel wapenbezit weer zou kunnen inperken. Maar de mentaliteit van Amerikanen veranderde. De angst nam toe na de onrust in de jaren zestig en zeventig, de toegenomen criminaliteit en de verstikkende macht van overheden. De vuurwapenlobby zocht meer garanties in de grondwet. En in 2008 bepaalde de conservatieve meerderheid in het Hooggerechtshof dat individuen een grondwettelijk recht hadden op wapenbezit en dat steden als Washington dit niet mochten verbieden.

Zelfs vandaag wijzen voorstanders van onbeperkt wapenbezit naar de geschiedenis. Als Amerikaanse burgers niet tot de tanden bewapend zijn, kan Amerika afglijden naar een staat als Rusland onder Stalin of Syrië onder Assad. Maar in het licht van de moord op vele onschuldige kinderen in Newtown is deze toepassing van de geschiedenis een groteske vertekening van de werkelijkheid.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden