Wanneer mag ik achter de geraniums? Zes vragen over de pensioendeal

Beeld Getty Images/iStockphoto

Het kabinet hoopt met de vakbonden en werkgevers een einde te maken aan alle onzekerheid over de AOW-leeftijd en pensioenuitkeringen. Lukt dat met het deze week overeengekomen voorlopige pensioenakkoord? Zes vragen.

1. Een minder snelle stijging van de AOW-leeftijd helpt vooral werknemers. Wat is het belang van de werkgevers?

Hans de Boer, voorzitter van werkgeversorganisatie VNO-NCW was gisteren opgetogen bij de presen­tatie van het voorlopige pensioen­akkoord: “Dit is geen kattepis. De overheid steekt miljarden in een nieuwe opzet van de oudedagsvoorzieningen. Dat is belangrijk voor vele generaties en heeft dus een ongelooflijke dimensie.” Alle partijen hebben concessies gedaan, meent hij, en dus ook op onderdelen hun zin gekregen. Het was voor hem belangrijk om zaken te doen met vakbonden en kabinet om ‘onrust in de samenleving weg te nemen’. De Boer: “Er is onzekerheid bij jong en bij oud. Dat is vervelend voor bedrijven. Die hebben belang bij rust. Dat is de maatschappelijke en economische winst van dit ­pensioenakkoord.”

2. Er was haast bij een akkoord, want volgend jaar dreigen kortingen op pensioenuitkeringen. Zijn die nu van de baan?

Die garantie is er niet, maar met een nieuw pensioenstelsel in zicht is de kans op kortingen afgenomen en is er zelfs een grotere kans dat pensioenuitkeringen kunnen worden verhoogd, stellen vakbonden, werkgevers en kabinet. FNV-voorzitter Han Busker zei gisteren: “We gaan het zo regelen dat we deze waarmaken.”
De regels over het aanhouden van buffers door pensioenfondsen worden milder. Daardoor hoeven fondsen de rendementen die zij nu halen niet meer op te potten en kunnen zij die eerder uitkeren aan gepensioneerden. Aan deze versoepeling zit een grens. Een pensioenfonds dat echt onder de norm zit, ontkomt niet aan een bezuiniging op de pensioenuitkering.

3. Zijn er nog andere onzekerheden?

Een probleem is ook nog de afschaffing van het zogeheten ‘doorsneesysteem’. Nu betalen jongeren en ouderen dezelfde premie maar de opbrengst van de inleg van jongeren wordt ten dele gebruikt om ouderen te betalen. Dat gaat veranderen. Maar er zijn groepen werknemers, vooral tussen veertig en vijftig jaar, die zelf wel al jaren ouderen hebben ‘gesubsidieerd’ en straks niet meer worden geholpen door jongeren. Die moeten worden gecompenseerd. Dat kost in totaal 60 miljard euro. Het ene pensioenfonds zijn deel daarvan beter dragen dan het andere. Door de onzekerheid op dit punt aarzelden vakbonden heel lang om in te stemmen met de afschaffing van het ‘doorsneesysteem’. Vakbonden, werkgevers en het kabinet maken samen met de pensioenfondsen ‘een plan om de compensatie te regelen’. Dat moet nog gebeuren.

4. Is er straks voldoende solidariteit tussen de generaties, tussen jong en oud?

Over het antwoord op die vraag is veel discussie onder pensioendeskundigen. Een objectief antwoord is er niet. De AOW-leeftijd wordt twee jaar bevroren op 66 jaar en 4 maanden. Te soepel voor de ouderen, zegt de een. Logisch om pas op de plaats te maken na de te snelle stijging van afgelopen tijd, zal de ander daar tegenin brengen. Na de pauze van twee jaar stijgt de AOW-leeftijd in stapjes naar 67 jaar in 2024. Met de bestaande regels zou de AOW-leeftijd al in 2021 op 67 jaar uitkomen. Dit is dus een aanzienlijke versoepeling.
Jongeren hebben baat bij een andere maatregel uit het akkoord. Na 2024 stijgt de AOW-leeftijd in kleinere stapjes dan tot nu toe het voornemen was. Als de levensverwachting met een jaar toeneemt, stijgt de AOW-leeftijd 8 maanden in plaats van 12 maanden. FNV-voorzitter Han Busker zei gisteren: “Ook werknemers die nu nog jong zijn, moeten kunnen stoppen voor zij 70 jaar worden”.
Stoppen met werken op je 69ste is nog altijd veel later dan oudere werknemers van nu, die op hun 66ste met pensioen gaan. Dat jongere ­generaties langer leven is het belangrijkste argument om dat te rechtvaardigen.

5. Wat is de volgorde? Hoe snel is er een nieuw pensioenstelsel?

Minister Koolmees dient binnenkort bij de Tweede Kamer een voorstel in om de AOW-leeftijd de komende twee jaar te bevriezen en daarna minder snel te laten stijgen. Hij gaat ook voorstellen dat pensioenfondsen met een dekkingsgraad die meer dan 100 procent is, niet hoeven te korten op uitkeringen. Nu moeten pen­sioenfondsen korten als zij vijf jaar op rij onder 105 procent zitten. Er is haast, want deze regels moeten uiterlijk 1 januari ingaan om kortingen volgend jaar zoveel mogelijk te vermijden.
Ondertussen werken kabinet, vakbonden en werkgevers de afspraken van het pensioenakkoord uit. Het nieuwe stelsel is er dan in 2022.

webgraphic aow leeftijd Beeld Sander Soewargana

6. Wat kost het nieuwe pensioenstelsel?

De eenmalige kosten bedragen 8 miljard euro. Het grootste deel hiervan (5 miljard) is nodig voor bevriezing en langzamere stijging van de AOW-leeftijd tot en met 2025. Onderdeel van die 8 miljard is ook het fonds (800 miljoen euro) voor onder meer omscholing van mensen met zware beroepen. Dit geld hoeft niet in één keer op de begroting te worden gevonden, maar worden uitgesmeerd over vijftien jaar.
De duurste maatregel is de soepelere koppeling van de AOW-leeftijd aan de levensverwachting. Dit kost 4 miljard euro structureel. Deze kosten komen ieder jaar terug. Voor het grootste deel wordt dit betaald door een minder snelle aflossing van de staatsschuld.

Vakbond FNV illustreert met deze grafiek de winst van het pensioen­akkoord. Iemand die in 1957 is geboren, krijgt volgens dat akkoord in 2024 AOW, terwijl hij of zij in de huidige regeling dan nog drie maanden moet werken. Een klein verschil, maar het loopt op: wie in 1992 is geboren krijgt in 2051 AOW, terwijl hij daar in het huidige systeem dan nog een jaar en drie maanden op moet wachten. Het gaat hier alleen om het verschil; het verloop van beide grafieken is sterk afhankelijk van de ontwikkeling van de levensverwachting.

Lees ook:

FNV-leden die voor een pensioenakkoord gaan liggen, zou het?

Een pensioendeal is nog geen voldongen feit tot de leden van vakbond FNV er hun fiat aan geven. Het wachten is op het referendum van de vakbond.

Na flink wat kopjes koffie ligt er een compromis voor een pensioenakkoord

Er ligt een voorlopig pensioenakkoord. Het plan voor een nieuwe pensioenstelsel wordt woensdag officieel gepresenteerd. Dat maakte de Sociaal-Economische Raad bekend. Het voorlopige resultaat is een toonbeeld van een tussenoplossing.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden