Walvis weer prooi in indianenritueel

Een Indianenstam op de Amerikaanse westkust wil haar traditionele walvisjacht hervatten. Een oud verdrag met Washington geeft hun dat recht. Maar activisten, politici en natuurbeschermingswetten zitten hen in de weg.

De eerste zaal in het museum van de Makah-Indianen wordt volledig gedomineerd door een tien meter lang skelet van een grijze walvis, dat aan het plafond hangt. Eronder staan twee bewerkte zwartrode kano’s, waarmee traditioneel op die dieren gejaagd werd. Aan een wand hangen historische foto’s van jachten op de Stille Oceaan.

Anders dan de foto’s is het skelet recent. Het zijn de resten van de walvis die de Makah in 1999 doodden, de eerste in zeventig jaar. Het skelet hangt op de ereplaats, omdat het een keerpunt heet in de moderne geschiedenis van de natie. Toen hervonden wij ons, zo vertelt stamoudste en kunstenaar Micah McCarty. „De walvisjacht heeft onze identiteit gevormd. Het is wat wij zijn. De jacht is het hoogtepunt van onze spiritualiteit.”

In het verleden hebben Makah grotere gevangenen, weet hij. Grijze walvissen kunnen wel vijftien meter lang worden en 35 ton wegen. Deze was ’nog maar middelgroot’ en een vrouwtje. Maar de stam is evengoed trots. Leerlingen van de middelbare school op het reservaat werkten jaren mee om alle botten schoon te maken en een skelet samen te stellen. Eind 2005 werd het plechtig onthuld.

Archeologische vondsten, die elders in het museum te zien zijn, bewijzen dat de stam al eeuwenlang op walvissen (en op zeehonden) heeft gejaagd, In de jaren twintig staakten de Makah de jacht omdat er haast geen grijze walvissen meer waren. Maar in 1994 werd die van de lijst met bedreigde dieren afgehaald, omdat er nu weer 20.000 zijn. Daarna pakte de stam de jacht weer op.

Ze kreeg toestemming van de regering-Clinton om voor ’culturele redenen’ jaarlijks een paar dieren te doden. De regering vond dat ze dat de stam niet kon weigeren. Die had in 1855 bij verdrag veel grondgebied afgestaan, op voorwaarde dat ze het recht behield om op walvissen te jagen.

In Neah Bay, de hoofdplaats van het reservaat, dat in het meest noordwestelijke puntje van de continentale Verenigde Staten (de staat Washington) ligt, is de walvis, ook buiten het museum, present. Bij meerdere huizen, vaak geprefabriceerde bouw of trailers, wappert de vlag met het stamwapen: een adelaar met een walvis in zijn klauwen. Her en der liggen oude walvisbotten.

Iedereen heeft herinneringen aan de meidagen van 1999, toen een achttal stamleden de oceaan oppeddelden in de elf meter lange kano ’Kolibrie’ (een symbool van snelheid), die uit één rode cederboom gesneden was. Precies zoals de voorvaders dat deden, alleen werd de kano nu voor de veiligheid gevolgd door een motorboot. Op 10 mei wierp een stamlid voor het eerst zijn lange harpoen. Hij miste.

Voor Keith Johnson, huidig voorzitter van de walvisvaartcommissie van de stam en de tweede harpoenist in de eerste meidagen, kwam een oude droom uit. „De walvisvaart zit in mijn DNA. Mijn overgrootvader stond tot in Siberië bekend als jager. Als kind ben ik al ingewijd in alle geheimen van de jacht van onze familie. Die waren in leven gehouden voor deze dagen.”

Maar van stil genieten was geen sprake. De pers was uitgerukt om te zien hoe voor het eerst in lange tijd in Amerikaanse kustwateren op walvis gejaagd werd. Dierenactivisten protesteerden heftig en raakten slaags met stamleden, waarvan er 1750 op of direct naast het reservaat wonen. Actievoerders in boten hinderden de Kolibrie en slingerden de kanoërs verwensingen naar het hoofd.

Na een week en meer missers gooide een stamlid op de 17de mei vroeg wel raak. Toen de protestboten net even weg waren. „Iedereen was uitgelaten. We waren de betogers te slim af. Bovenal was het een hele diepe spirituele ervaring”, zegt Keith Johnson. „Het ging zo soepel, alsof iedereen het vaak had gedaan. We stonden in directe verbinding met eerdere generaties”, aldus McCarty.

Een stamlid dook in het water om de kaken van het dier dicht te naaien, zodat hij niet vol water zou lopen en zinken. De walvis werd naar het strand gesleept, waar hij ritueel werd geslacht. Het vlees werd gegeten in een ceremonie, die duizenden Indianen uit Amerika en Canada bijwoonden. Dierenactivisten legden een rouwkrans neer voor de ’vermoorde baby walvis’.

In 2000 probeerde een groep Makah het weer, onder luid protest, maar wist geen walvis te doden. Een federale rechtbank schortte de walvisjacht in 2002 voor onbepaalde tijd op. De stam had een ontheffing van de wet op bescherming van zeezoogdieren nodig en die mocht de regering pas geven, nadat ze eerst een uitvoerig onderzoek had laten doen naar de gevolgen van de jacht. De Makah gingen in beroep.

Vier jaar, tumultueuze openbare hoorzittingen en rechtszaken verder hebben de Makah nog altijd geen ontheffing. Maar ze houden vol, verzekert stamoudste McCarty. „Het is ons geboorterecht en onze plicht tegenover de nog ongeboren generatie om onze cultuur in leven te houden.” De Makah blijven exercities houden om het kanoën en de techniek van het doden en slachten niet te verleren, verzekert hij.

Maar hun tegenstanders zijn ook nog even vastbesloten. Organisaties zoals de Alliantie voor de Verdediging van de Zee (SDA) en de Progressieve Dierenbescherming (PAWS) vinden ’cultuur’ geen reden voor het ’barbaars vermoorden’ van walvissen. Eskimo’s in de Amerikaanse staat Alaska hebben al jaren wel een ontheffing, zo weten zij. Maar die naties hebben walvisvlees nodig om poolwinters te overleven. De Makah niet.

PAWS tekent aan dat de Makah eeuwenlang ook slavernij en polygamie kenden. „Dat zijn praktijken die de samenleving veroordeelt, of ze nu tot traditionele cultuur behoren of niet.” De Makah hebben die delen van hun cultuur aangepast op vraag van de wereld om hen heen. Nu moet hetzelfde gebeuren met de walvisvaart. De samenleving wil niet meer dat ’die intelligente, sociale wezens’ voor de traditie gedood worden.

Als ’culturele walvisvaart’ eenmaal goedgekeurd wordt, dan zal Japan direct binnen de Internationale Walvis Commissie ook traditionele rechten claimen voor een paar van zijn kustdorpen, vrezen activisten. Tot nu toe is dat niet gebeurd. De IWC heeft de Makah geaccepteerd. De stam is bijgeschreven in het jaarlijkse quotum walvissen van een Russisch eskimovolk.

Johnson tekent aan dat de Makah concessies aan de moderne tijd hebben gedaan. Nadat het vrouwtjesdier in 1999 eerst met twee traditionele harpoenen was getroffen, werd het met een zwaar geweer beschoten. De walvis stierf binnen acht minuten, terwijl vroeger een dier soms pas na een uur en veel harpoenen doodbloedde.

Het idee dat de vier walvissen per jaar die de Makah aan de regering gevraagd hebben negatieve invloed op de stand zouden hebben, noemt hij onzin. Voor hem zitten er racistische ondertonen in de protesten. „We heten wilden die zich aan moeten passen aan een hoge cultuur of schietgrage macho’s. We doen het niet voor de sport. Je bidt continuetijdens een jacht. Je neemt niet zomaar een leven.”

Ook binnen het reservaat is er verzet. Museumgids en stamlid Kirk Wachendorf: „We kunnen ons dit gevecht niet veroorloven. Al ons geld gaat op aan de advocaten. Terwijl het beter besteed zou zijn aan bestrijding van alcohol- en drugsverslaving, huisvesting of scholing. De werkloosheid en armoede zijn behoorlijk hoog in Neah Bay.”

Maar volgens McCarty is de balans positief. „De jacht heeft een culturele renaissance op gang gebracht. Oude liederen en dansen worden weer vertolkt en onze eigen taal herleeft voorzichtig. Juist voor jongeren die aan de verleidingen van drugs blootstaan, is het belangrijk dat we weer jagers hebben om tegen op te kijken.”

Johnson zit niet in over het interne verzet. Een groter probleem is, zegt hij, dat sommige families het wachten grondig beu zijn. „Die zeggen: ’we gaan gewoon de zee op en doden er honderd. We hebben toch het verdrag?’ Gelukkig hebben nuchtere stemmen hen tot nog toe tot bedaren weten te brengen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden