WALL.E / Hoop putten uit het zuchtje van WALL.E

Animatiestudio Pixar was al de coolste en de beste, maar in het eerste half uur van ’WALL.E’ reikt regisseur Andrew Stanton (’Finding Nemo’) naar nieuwe animatiehoogten. Een Manhattan-achtige skyline doemt op: wolkenkrabbers in een roestig maanlandschap. Op het tweede gezicht zijn het geen wolkenkrabbers, maar gestapelde blokken samengeperst afval.

Geen ’mens’ te zien verder in deze postapocalyptische schemering, maar gelukkig is daar wel WALL.E (spreek uit Wallie) ofwel ’Waste Allocation Load Lifter Earth Class’, het type robot waar je direct je hart aan verpandt. WALL.E’s ’romp’ is vierkant als de blokken afval die hij in zijn buik samenperst. Hij heeft twee grijparmen om de boel naar binnen te halen, verrekijkerogen op een korte nek, krakkemikkige scharnieren en een tevreden zuchtje dat in onweerstaanbaarheid dat van de legendarische E.T. gemakkelijk naar de kroon steekt.

Toen de ernstig vervuilde aarde door de mensen werd ontvlucht, zijn ze WALL.E vergeten uit te zetten, en die ruimt dus al zo’n 700 jaar in zijn eentje verder op. Af en toe pikt hij iets op uit de berg voor hij de boel samenperst. Nieuwsgierige WALL.E heeft zo zijn favorite things, zo blijkt ook als we met hem mee hobbelen naar zijn Malle Pietje-huis. Een grote vrachtcontainer waar hij zijn favorieten bewaart in opgestapelde kratten: zippo’s, een beha, batterijen, een Rubic-kubus. Last but not least een oude videoband met ’Hello Dolly’. Hoe postapocalyptisch vereenzaamd moet je zijn om uit die neo-victoriaanse oubolligheid nieuwe hoop te putten, maar zo meekijkend met WALL.E krijgt het zowaar een frisse bekoring, de pasjes en de parasolletjes en de brave Cornelius Hackl die voorzichtig de vingers raakt van mooie Irene Molloy.

WALL.E’s isolement zal worden verlicht door de komst van witte, welgevormde EVE (Extra Terrestrial Vegetation Evaluator) die vanuit de ruimte naar de aarde is gestuurd voor vegetatieonderzoek, maar om die sf-plot, inclusief aanstekelijke robotromance, gaat het niet echt. WALL.E zit vol nostalgische verwijzingen naar sf-klassiekers. Sigourney Weaver (’Alien’) doet de stem van het moederschip, waar tot baby-achtigen gedegenereerde dikke mensen in hun stoel hangen. Als die passieve dikkerds besluiten weer tot leven te komen en naar de aarde terug te keren, klinkt de muziek uit Kubricks ’Space Odyssey: 2001’. Maar in sentiment en sfeer herinnert deze bijna zwijgende futuristische animatiefilm – zeker in die eerste scènes met WALL.E – nog het meest aan de naïeve verwondering van Charlie Chaplin en Mr. Hulot, in ’Modern Times’ en ’Playtime’, inclusief de zorg waar het allemaal met ons naar toegaat.

Toch blijft er wat die milieuboodschap van ’WALL.E’ betreft ondertussen wel wat knagen. Als iets je wanhopig stemt over de groeiende afvalberg, dan zijn het wel de hebbedingetjes uit Hollywood, tenslotte: de Star Wars Lego en de Cars-dinky toys. De bij de persvoorstelling uitgereikte schattige kartonnen (!) WALL.E’s slingeren nu alweer in stukken door de kamer. Pixar is in Amerika om die reden al van modieuze hypocrisie beschuldigd. Daar zit wat in, maar het is ook de kift natuurlijk, en die wint het niet van de bekoring.

]]>

(Regie: Andrew Stanton. Met de stemmen van Ben Burt, Elisa Knight, Sigourney Weaver. Nederlandstalige versie in 11 bioscopen, originele in 77.)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden