Waartoe liggen wij op de yogamat?

Om hun betere ik op te porren, gaan Nederlanders net zo makkelijk naar de kerk als naar yoga. We rommelen spiritueel gezien eigenlijk maar wat aan, al is het met de beste bedoelingen. Jonge denkers Coen Simon en Maarten Meester in debat over nieuwe spiritualiteit.

Op straat is er weinig van te merken, maar toch werken vier van de vijf Nederlanders aan een betere ik. De een gaat hardlopen, de ander op een yogamatje liggen of een tijd in stilte naar een boeddhabeeld turen. Dat heet dan nieuwe spiritualiteit. Dan is er ook nog altijd oude spiritualiteit, zoals bidden, bijbellezen, in de kerkbank zitten. Maar de meeste mensen doen niet echt iets speciaals om de mooiste kanten van hun diepe zelf naar boven te takelen. Ze kopen een boek met tips voor geluk of harmonie, ze wandelen in het bos of zitten gewoon thuis op de bank, zich goed te voelen. En dat is dan genoeg.

Van kerkbank tot yogamat, de Nederlander is onverbeterlijk spiritueel, maar de meeste mensen doen er niets aan. Trouw, medeorganisator van de Maand van de spiritualiteit, liet uit nieuwsgierigheid de inspanningen van Nederlanders onderzoeken om hun betere ik op te peppen met wat ’nieuwe spiritualiteit’ heet.

Is nieuwe spiritualiteit de grootste religie van Nederland? Cijfers kunnen alleen een richting van een antwoord. Volgens de opgave van Kaski, onderzoeksbureau naar religie en samenleving, gaan elk weekend 800.000 mensen naar de kerk. Ter vergelijking: van het grote spiri-boek ’The Secret’ (denk uw droom en het fortuin komt naar u toe) zijn in Nederland 300.000 exemplaren verkocht. Dus oude vormen van levensovertuiging zijn groter dan nieuwe?

Hier beginnen al meteen de mistflarden die de nieuwsgierige onderzoeker een helder zicht benemen. Het is niet of/of, het is en/en. Ook kerkgangers kopen ’The Secret’. Om hun betere ik op te porren, gaan mensen net zo makkelijk op zondag naar de kerk als op woensdag naar yoga. En hebben ze in hun huis een boeddhabeeldje staan, en ligt op tafel een boek van de Vietnamese boeddhistische monnik Thich Nat Han zomaar op een werkje van de benedictijner monnik Anselm Grün, terwijl de tv aanstaat voor channeling met Char. We rommelen maar wat aan, spiritueel gezien, al is het met de beste bedoelingen.

Om wat houvast te krijgen, is er de term ’nieuwe spiritualiteit’ in het leven geroepen. Wat dat precies is, blijft toch een beetje vaag. Zijn er grenzen aan nieuwe spiritualiteit? Is het kopen van een boek over nieuwe spiritualiteit ook zelf al nieuwe spiritualiteit? Het is onbegonnen werk om harde definities te stellen en een onwrikbare indeling te maken als het gaat om het omgaan met het onzichtbare. Want dat is wat spiritualiteit doet, of in ieder geval probeert, zegt jonge denker Coen Simon. „Spiritualiteit is het zichtbaar maken van het onzichtbare.”

Simon, filosoof met rationele inslag en auteur van ’Waarom we onszelf zoeken maar niet vinden’, ging deze week in debat met een andere jonge denker, Maarten Meester, de filosoof die bekendstaat als gevoelsmens en die het boek ’Nieuwe spiritualiteit’ schreef in de serie Jonge Denkers. Met verstand en gevoel gingen beide denkers de nieuwe spiritualiteit te lijf, in cultureel centrum Felix Meritis in Amsterdam.

Simon is de man van de concrete benadering. Spiritueel zijn is als ademen, de mens is nu eenmaal spiritueel. We willen voortdurend het niet zichtbare steeds zichtbaar maken om er, van een afstand, naar te kunnen kijken.

Neem de dood. Iemand is er, het volgende moment niet meer. Coen Simon: „We begrijpen niet wat er dan gebeurt. Rituelen helpen om dit te objectiveren.” En dan geen zelfbedachte knutselrituelen die alleen begrijpelijk en toegankelijk zijn voor degenen die ze bedacht hebben. Want dat is een bezwaar van Coen Simon tegen de nieuwe manieren die de moderne spiritueel bedenkt om met verlies, verdriet en andere ellende om te gaan. „Het zijn vaak rituelen die andere buitensluiten. Ze spreken een eigen taal die voor buitenstaanders niet te verstaan is.”

Welnee, vindt Maarten Meester. Coen Simon moet niet zo bang zijn dat rituelen mensen buitensluiten. Je buiten laten sluiten doe je zelf, bijvoorbeeld door te veel te denken.

’Waartoe zijn wij op aarde?’ luidde de oude catechismusvraag. Tegenwoordig is het ’Waartoe liggen wij op de yogamat?’ Om ons beter te voelen, blijkt uit de eerlijke antwoorden in het Trouw-onderzoek. Als we ons goed voelen, is het doel bereikt. Is dat egoïstisch, narcistisch? Zijn die nieuwe spirituelen alleen maar bezig om het gedram in zichzelf te smoren, door lekker in een spiri-boek te lezen en daarmee klaar? Dan is van het streven naar een betere ik geen spoor te ontdekken.

Maarten Meester heeft een zonniger kijk op nieuwe spiritualiteit. Mensen zijn geneigd om toe te passen wat ze geleerd hebben en waar ze zelf iets aan hebben. „In de gezondheidszorg zie je dat er ook met andere behandelingen wordt gewerkt, met aura-reading bijvoorbeeld. Het is echt niet zo dat nieuwe spirituelen alles voor zichzelf houden.”

Misschien is het wel zo simpel dat alleen al een beter gevoel ervoor zorgt dat mensen zich prettiger gedragen. Dat zou je het placebo-effect van de nieuwe spiritualiteit kunnen noemen. Het doet er niet toe hoe het precies werkt, het auralezen, het lijntje met gene zijde of de zenmeditatie. Als het effect is dat driftbuien bedwongen worden, en geduld en vriendelijkheid meer ruimte krijgen, dan is het goed. Ook al komt dat alleen al doordat we ons verbeelden dat er iets gebeurt.

Het doet er zelfs niet toe met welk middel dat effect verkregen wordt. Volgens Meester helpt sporten net zo goed als nieuwe spiritualiteit. Wat maakt het uit. „Om het effect te meten, moet je kijken naar het gedrag van mensen.” Hij is er laconiek over: „Nieuwe spiritualiteit is hersenspoeling, een retorische truc. Je voelt je beter en dan gedraag je je beter.”

De hersens van Coen Simon draaien alweer op volle toren. Want als je al wilt meten waar de wereld vooral beter van wordt, van nieuwe of van oude spiritualiteit, dan zul je ook moeten meten hoe zoiets als de leer van de christelijke kerken heeft bijgedragen tot meer gezondheid, geluk en wijsheid.

En dat is niet te meten. Er zijn in de tijd dat de oude spiritualiteit van het christendom heer en meester was, talloze goede daden verricht. Was dat omdat de kerkelijke leer het goede in mensen naar boven haalde? Of was het omdat de kerk de enige was die ziekenhuizen, weeshuizen en scholen aan de gang hield?

Het grote voordeel van dingen niet precies weten is dat er geen reden is om te stoppen en alles gewoon door kan gaan. En als er al iets gemeten kan worden, dan zijn dit nu gouden maanden. In deze tijd van kelderende koersen en financiële verliezen zouden de 300.000 bezitters van een exemplaar van ’The Secret’ hun voordeel moeten kunnen meten.

Een eitje voor de onderzoeker naar nieuwe spiritualiteit, zou je zeggen. En minister Zalm, heeft die ook ’The Secret’ in huis? Of kon hij op eigen kracht deze baan krijgen waarmee hij een vergoeding krijgt die gelijkstaat aan wel 40.000 exemplaren van het boek dat bekendstaat als de bijbel van de nieuwe spiritualiteit?

Misschien worden we over honderd jaar enorm uitgelachen, om ons rotsvaste geloof in verbetering. Misschien is dat dan wel ouderwets, geloven dat we ons betere ik harder kunnen laten lopen dan ons slechtere ik. Opvallend is wel dat in het Trouw-onderzoek vooral jongeren werken aan zichzelf en geloven dat dit effect heeft. Jongeren, onder de 35, zeggen enthousiast ’ja’ op de vraag of ze werken aan zichzelf en gelovigen dat dit effect heeft. Ouderen, boven de vijftig, zijn daar bescheidener en terughoudender in. Wijsgeworden, wellicht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden