Waarom zullen we gelovigen hun 'barbaarse' regels ontzeggen?

Voor de deur van de Tweede Kamer in Den Haag betogen twee als koe verklede dames voor het voorstel van de Partij voor de Dieren (PvdD) om een einde te maken aan het onverdoofd ritueel slachten. (Archief, 2011) Beeld ANP
Voor de deur van de Tweede Kamer in Den Haag betogen twee als koe verklede dames voor het voorstel van de Partij voor de Dieren (PvdD) om een einde te maken aan het onverdoofd ritueel slachten. (Archief, 2011)Beeld ANP

Of ze nu vrouwen discrimineren of dieren onverdoofd slachten, het is goed als gelovigen alle ruimte krijgen, vindt theoloog Pieter Dronkers. 'Wat zijn veertig seconden lijden voor een beest, als dat voor gelovigen belangrijk is?'

Rabbi's die jongetjes besnijden, moslimslagers die onverdoofd slachten, christenonderwijzers die weigeren lessen te wijden aan homofilie. Gelovigen zorgen regelmatig voor een hoop beroering. Zo noemde een verbolgen Sylvain Ephimenco, columnist van deze krant, ritueel slachten onlangs nog 'barbaars' en een gebruik dat 'niet past in onze samenleving'. Hij is niet de enige. Het zou goed zijn, zo is de teneur van dit soort opinies, om religieuze gebruiken en opvattingen zo snel mogelijk op de vuilnisbelt van de geschiedenis te storten.

Maar waarom zou je gelovigen eigenlijk hun regels ontzeggen? Die vraag speelt al jaren door het hoofd van Pieter Dronkers (1979). De theoloog schreef een proefschrift waarin hij het onderwerp aan de orde stelt. Hij onderzocht wat uiteenlopende politieke theologen over burgerschap beweren. Aan de ene kant van het spectrum staan theologen zoals Harry Kuitert, voor wie religie iets is voor strikt achter de voordeur. Aan de andere kant bevinden zich godgeleerden als Erik Borgman, die benadrukken dat religie juist een belangrijke bijdrage levert aan het publieke debat over wat een goede manier van samenleven is.

Wat vindt u zelf?
"Ik zie mezelf als gelovig. Voor gelovigen is loyaliteit aan God altijd het hoogste. Maar dat betekent niet dat je niet aan de samenleving kunt deelnemen. Ik vind dat er ruimte moet zijn voor inbreng van religieuze tradities in de maatschappij en de politiek."

Loyaliteit aan God als hoogste goed, dat klinkt best behoudend.
"Als je gelovig bent, dan is het vrij logisch dat wat jou ten diepste motiveert ook het belangrijkste is in je leven. Maar loyaliteit aan God kan op verschillende manieren worden ingevuld. Het betekent niet dat ik orthodox ben en elke zondag in de kerk zit. Het is voor mij een theologisch vertrekpunt van waaruit ik nadenk over hoe het goede leven gestalte kan krijgen. In de protestantse theologie is een centraal thema dat er uiteindelijk altijd iets of iemand anders belangrijker is dan jijzelf in deze wereld. Dat standpunt helpt mij om kritisch te zijn, om geëngageerd te zijn voor een rechtvaardige wereld."

Maakt dit gelovigen tot betere burgers?
"Helemaal niet. Ik zou willen zeggen: christenen hebben tweeduizend jaar aan ervaring, daar kun je van leren. Ook omdat er in die tijd zo verschrikkelijk veel fouten zijn gemaakt waarvan je kunt leren. Ik vind dat er in het debat ruimte moet zijn om de inzichten uit de traditie van gelovigen naar voren te brengen. Ik ben dan ook een enorm voorstander van op religie gebaseerde politiek."

Waarom?
"Politiek is conflict, is mijn overtuiging. Je moet alle belangen en alle overtuigingen op tafel hebben. Ook die van gelovigen, hoe afwijkend ze ook klinken."

Maar de scheiding van kerk en staat dan?
"Kijk, sommigen zien het politieke debat als het zoeken naar consensus, als een plaats waar burgers bij elkaar komen die bepaalde waarden met elkaar delen en dan op basis van die waarden besluiten nemen. Ik vind wat anders. Ik herhaal daarom: politiek is conflict. Laat de meningen maar horen die er klinken in de samenleving. Probeer vooral niets uit te sluiten."

Met welk doel?
"Wat in de politiek geen plek krijgt, komt op een andere manier wel bovenborrelen in de samenleving. Zo is het ook lang geprobeerd om het populisme buiten de politiek te houden. Dat heeft zich, hebben we kunnen zien, tégen de politiek gekeerd."

U vertegenwoordigt een slinkend standpunt. Je ziet in het publieke debat steeds minder ruimte en begrip waarom religieuze voorschriften voor mensen belangrijk kunnen zijn.
"In het debat over het ritueel slachten zie je dat bij uitstek. Er is steeds minder begrip voor het argument dat ritueel slachten voor mensen iets waardevols betekent. Bijvoorbeeld omdat ze denken dat ze zo het dierenwelzijn het beste combineren met trouw zijn aan wat God van hen vraagt. Dat is problematisch. Ik heb niet het idee dat er geluisterd wordt naar die religieuze opvattingen. Neem de PvdA. In die partij werd er pas in tweede instantie geluisterd naar gelovige argumenten. Pas toen mensen dreigden uit de partij te stappen."

Maar waarom zou je dierenleed boven geloofsregels stellen?
"Ik vind het geen ideale slachtmethode. Maar wat zijn veertig seconden extra leed voor de beesten, als dat voor veel mensen heel belangrijk is? Ik maak uiteindelijk de afweging in het voordeel van de gelovigen. Want alleen als ze hun eigen regels mogen uitvoeren, maken ze deel uit van de gemeenschap."

Wat is er precies veranderd in de houding jegens gelovigen?
"Na de ontzuiling in de jaren zestig en zeventig werd de vraag gesteld: we verlaten de zuil, maar wat bindt ons nog aan Nederland? Het antwoord was dat we elkaar vinden in de opvatting waarbij Nederland als tolerant en vrij land uit de bus komt, waar alles kan en alles mag.

In de jaren negentig, maar zeker ook de laatste tien jaar, zie je bij partijen als de PVV en D66 dat vrijheid een waarde is die beschermd moet worden. Wat vaak vergeten wordt, is dat de liberale traditie óók een traditie is. Dat je je leven in eigen hand hebt, is een idee dat een eeuw of vier, vijf oud is. Dat staat tegenover een traditie van drieduizend jaar. Die tradities botsen in toenemende mate in Nederland.

Ik denk dat binnen die constellatie steeds minder ruimte zal zijn voor de arrangementen van de verzuiling, zoals bijzonder onderwijs gefinancierd door de staat, onverdoofd ritueel slachten, jongensbesnijdenis, aparte begraafplaatsen.

Nieuwkomers, maar ook orthodoxe christenen, wordt steeds meer gevraagd om met de cultuur van gelijkheid en vrijheid mee te gaan."

Wat is daar erg aan?
"Ik denk dat je als liberale democratie ervoor moet waken dat de dominante witte cultuur zodanig gaat overheersen dat er geen ruimte meer is voor andere levensstijlen.

Multiculturalisme is een beladen term geworden, maar ik denk dat je als democratie juíst multicultureel moet zijn. In die zin dat er volop ruimte moet zijn voor verschillende levenswijzen. Gelijkwaardigheid betekent niet dat iedereen gelijk behandeld wordt, maar juist dat er gelijk respect is voor mensen met verschillende achtergronden."

De titel van Dronkers' proefschrift luidt: 'Faithful Citizens: Civic Allegiance and Religious Loyalty in a Globalised Society; A Dutch Case Study'. Een handelseditie is in voorbereiding.

Wie is Pieter Dronkers?
Sinds dit voorjaar woont Pieter Dronkers in Israël. Hij is daar manager van Nes Ammim, een christelijke werk- en leefgemeenschap in Israël. Daarnaast is hij verbonden aan Nieuwwij, een project van het Dominicaans Studiecentrum in Amsterdam van de theologe Manuela Kalsky. Ook was Dronkers bestuurslid van de Landelijke studentenvakbond en beleidsmedewerker onderwijs van de Commissie gelijke behandeling. Dronkers studeerde theologie in Kampen (Protestantse Theologische Universiteit), Parijs en Istanbul.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden