Waarom provincies inzetten op zware screening van nieuwe bestuurders

Illustratie Beeld Nanne Meulendijks

Trouw onderzocht hoe de provincies hun aankomende bestuurders screenen. Denk niet dat deze externe screening van provinciale politici werkt als een wasstraat waaruit alleen maar ‘schone’ bestuurders tevoorschijn komen. Want ongewenst gedrag is niet te voorspellen. 

Veruit de meeste provincies hebben hulp van buiten gezocht. Speciale ‘integriteitsbureaus’ staan klaar om straks, als er na de formaties twaalf nieuwe coalities ontstaan, de nieuwe bestuurders tegen het licht te houden. 

Deugt hun cv? Hebben ze in het verleden rare uitspraken gedaan? Zijn ze verbonden aan bedrijven waarmee ook de provincie zaken doet? Een rondgang van Trouw langs de provincies laat zien dat provincies deze keer veel zwaarder inzetten op een goede screening van toekomstige bestuurders in de colleges van Gedeputeerde Staten. 

Om politieke ongelukken te voorkomen. Inmiddels elf provincies handelen dit onderzoek niet zelf af, maar besteden dit uit aan een extern bureau. Zeven provincies deden dat vier jaar geleden ook al.

Er is één provincie die de professionaliseringsslag nog niet heeft gemaakt, en dat is Utrecht. Vier jaar geleden nam de commissaris van de koning deze taak in zijn eentje op zich, deze keer opnieuw.

Over het algemeen hebben de provincies hun screening dus behoorlijk opgeschaald, vooral na een brief van minister Ollongren van binnenlandse zaken van maart dit jaar, en een ‘handleiding basisscan integriteit’ die zij meestuurde. Volgens haar zijn politici ‘meer dan voorheen’ kwetsbaar als gevolg van de snelheid van sociale media en wat zij noemt de ‘maatschappelijke acceptatiegrenzen’.

Daarom moet er wat Ollongren betreft meer werk gemaakt worden van het signaleren van integriteitsrisico’s, hoewel dat weer niet mag doorslaan in ‘integritis’ of ‘integritisme’: het te angstig opereren door bestuurders onder druk van de publieke opinie. Het is vooral de kandidaat zelf die op de risico’s moet letten, maar ook zijn of haar politieke partij én het bestuur dragen verantwoordelijkheid.

Momentopname

Volgens Ollongren heeft de inschakeling van een extern bureau de voorkeur, al sluit zij intern onderzoek niet uit. “Een scan door experts van buiten is aan te bevelen”, zegt Hans Groot. Hij is de drijvende kracht achter het Steunpunt integriteitsonderzoek politieke ambtsdragers en adviseert in deze functie lokale en provinciale bestuurders. “De externe screening is heel veel beter dan de sigaar bij de haard, maar ze moet ook niet overschat worden. Een screening is een momentopname, en doet geen voorspelling over ongewenst gedrag dat in de toekomst kan plaatsvinden. Het is dus geen wasstraat waaruit alleen maar ‘schone’ bestuurders tevoorschijn komen.”

Veel beter is het als de organisatie bewust is van kwetsbaar gedrag. Bestuurders en politici zouden regelmatig met elkaar moeten bespreken welk gedrag acceptabel is, en welk niet.

Nevenfuncties

De ene partij is gevoeliger voor normoverschrijdend gedrag dan de andere, blijkt uit de Politieke Integriteitsindex van Leo Huberts, hoogleraar bestuurskunde aan de VU en Muel Kaptein, hoogleraar ethiek aan de Rotterdam School of Management. De VVD is sinds het begin van de index al zes jaar koploper. Ook in 2018 voeren de liberalen met 12 schandalen de ranglijst aan, de PVV volgt met 6 affaires, D66 en PvdA delen de derde plaats met 5 akkefietjes.

Veruit de meeste integriteitsincidenten ontstaan volgens de index in de vrije tijd (dronken in de auto), daarna komen de verbale uitglijders (vooral op Twitter) en de verstrengelde belangen (bijvoorbeeld door nevenfuncties). Dat laatste kan ook verklaren waarom de VVD zo goed scoort. Als ondernemerspartij heeft ze sterke banden met het bedrijfsleven, waar een wat vrijere cultuur heerst dan in de politiek. Daarnaast komen VVD-bestuurders vaker op de ‘harde’ portefeuilles waar het geld te besteden is, en maken ze vaak onderdeel uit van een netwerk dat van de overheid de opdrachten krijgt. Belangenverstrengeling ligt dan op de loer.

Haastklus

Zodra de formaties zijn afgerond, wordt het spitsuur, waarschuwt Hans Groot. “Dat staat zorgvuldig onderzoek in de weg. Op stel en sprong moet een groot aantal bestuurders op hetzelfde moment onderzocht worden. Maar er is óók grote zorgvuldigheid nodig.”

Niet alleen om een betrouwbare rapportage te kunnen maken. Maar bestuurders in spe die níet door de screening komen, moeten ook op een nette manier terug kunnen keren naar hun oorspronkelijke functie. Ze zijn met een afwijzing immers nog niet ongeschikt voor hun oude functie in het bedrijfsleven.

Groot: “Het kan nooit de bedoeling zijn mensen die nog niet in publieke dienst zijn, in het openbaar af te fakkelen. Dan wordt de drempel naar de politiek wel erg hoog.”

Lees ook: 

Verkrampte bestuurder wacht op Van Rey-effect

Een duidelijk vonnis in de Van Rey-zaak (de corrupte wethouder van Roermond) biedt een soort handleiding hoe bestuurders in de gemeenten en provincies hun politieke handelen moeten scheiden van zakelijke activiteiten. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden