Essay

Waarom ik Theo van Gogh zo mis

null Beeld
Beeld

Een islamist vermoordde tien jaar geleden cineast en 'dorpsgek' Van Gogh. Over het gemis aan een vrijdenker.

Alleen in Nederland kun je een televisieprogramma 'Het zwarte schaap' noemen, en het vervolgens vormgeven als een publieke hoorzitting. Een programma waarvan de makers gefascineerd zijn door spannende vrijdenkers, maar die vrijdenkers moeten dan wél gepiepeld worden door hun vrijzinnigheid aan te klagen. Van twee walletjes eten noem je dat. Welkom in het Land van Foei.

Voor de uitzending van 8 juli 2000 van het Vara-programma was Theo van Gogh uitgenodigd. En hij kwam natuurlijk, zoals hij altijd bereid was om overal op te komen draven, het eeuwige sigaretje tussen de vingers, de wallen onder zijn ogen door de afdeling make-up - op eigen verzoek - wat aangezet om extra sinister over te komen.

Tot de 'jury' behoorden PvdA-raadslid Fatima Elatik, literatuurwetenschapper Solange Leibovici en Privé-reporter Barbara Plugge. Presentatrice Inge Diepman deed haar best om net zo verontwaardigd te kijken als de aanklagers, maar regelmatig zag je pretlichtjes in haar ogen als Van Gogh zijn mond opentrok.

Paarse establishment
Dit was het jaar 2000, de hoogtijdagen van de consensuscultuur van Paars, toen 'politiek correct' nog geen scheldterm was. Een van de bewijsstukken die in 'Het zwarte schaap' aan het volk werden gepresenteerd, was een fragment uit Van Goghs eigen programma ''t Is hier verschrikkelijk gezellig'. Hierin is te zien hoe Van Gogh een receptie in politiek Den Haag bezoekt, met in zijn kielzog 'mevrouw Van Gogh', een in boerka geklede actrice die een dienblad vol hapjes met zich meetorst.

Van Gogh spreekt enkele gasten aan, allemaal kopstukken van het paarse establishment, en bedeelt hun een rol toe in een door hem geregisseerd toneelstukje.

"Ik heb mevrouw Van Gogh laten besnijden," vertrouwt hij VVD-minister Frank de Grave toe, "daar worden de vrouwtjes rustig van." De bewindsman reageert met een liberale standaardbabbel: "Wat jij met je leven wil doen moet je zelf weten, joh."

Vooral het ongemak dat spreekt uit De Grave's net iets te vlotte 'joh' is goud waard. Politicus in verlegenheid. Beet!

De Grave's partijgenoot vicepremier Annemarie Jorritsma trakteert Van Gogh juist op een moederlijke berisping: "Nu moet je ophouden."

Zonder eten naar je kamer!

Ook zo kan het gaan in het Land van Foei.

Een graffiti-kunstenaar heeft een portret van Theo van Gogh gemaakt in de Warmoesstraat in Amsterdam. Beeld anp
Een graffiti-kunstenaar heeft een portret van Theo van Gogh gemaakt in de Warmoesstraat in Amsterdam.Beeld anp

Aan het einde van het fragment toont Van Gogh, satanisch grijnzend, een van ketchupspatjes voorzien mes aan de camera: "En daarom, in het kader van de culturele integratie: clitorisbesnijding in het ziekenfonds. Een zegen voor ons allemaal."

Terug in de studio van 'Het zwarte schaap' verdedigt Van Gogh het fragment door zich te beroepen op zijn recht om satire over de multiculturele samenleving te maken.

Goed, de scène getuigt dan misschien niet van een voorbeeldige smaak, maar het onderwerp is wel degelijk relevant. Op hoge toon stelt Van Gogh tot tweemaal toe de vraag: "Waarom mag ik het christendom belachelijk maken, maar niet de islam?"

Een antwoord krijgt hij niet.

Overdaad
Van Gogh duidt de besnijdenisscène als satire, zonder daarmee de angel eruit te halen. Het fragment illustreert zijn stelling: de fundamentalistische islam bedreigt de in het Westen verworven libertijnse vrijheden - en de paarse regenten kijken liever de andere kant op.

Misschien had Theodor Holman wel gelijk toen hij - als kritiek op een boek van Ian Buruma - opmerkte dat je Van Gogh eerder van 'te weinig ironie' kon betichten dan van een overdaad daaraan. Bij het besnijdenisfragment ligt de ironie er zo dik op (een kind begrijpt dat Van Gogh vrouwenbesnijdenis niet in het ziekenfondspakket wilde) dat er eerder sprake is van anti-ironie. Van Gogh is hier meer satiricus dan ironicus. En zijn noodzaak om satire te bedrijven komt voort uit iets waar het paarse establishment patent op dacht te hebben: engagement.

Soms maakte Van Gogh in zijn woede en onmacht rare sprongen. Op zijn allereerste opiniestuk, gepubliceerd in het filmtijdschrift Moviola, volgde de ene rechtszaak na de andere. Van Gogh beschuldigde schrijver Leon de Winter van het exploiteren van de Shoah, en hij maakte provocerende grappen over de karamellucht van 'suikerzieke Joden' in de verbrandingsovens. Die stijlbloempjes schoten bij velen in het verkeerde keelgat.

"In dat stuk heb ik op een verkeerde manier gebruikgemaakt van de sick joke", geeft Van Gogh toe in de uitzending van 'Het zwarte schaap'. Hij had de 'kitsch' van Leon de Winter beter niet af kunnen zetten tegen het reële leed in de concentratiekampen.

null Beeld anp
Beeld anp

Maar toegeven dat hij het niet zo had mogen opschrijven? Dat nooit.

Toen vier jaar na ''t Is hier verschrikkelijk gezellig' opnieuw een actrice zich voor Van Gogh in een boerka hees, was er van grapjes of ironische kwinkslagen geen sprake meer. Het betrof nu de door VVD-politica Ayaan Hirsi Ali geschreven korte film 'Submission'.

Opnieuw confronterende beelden, dit keer van koranteksten geprojecteerd op gegeselde vrouwenlichamen.

De boodschap was hetzelfde als die in ''t Is hier verschrikkelijk gezellig': de fundamentalistische islam bedreigt de vrijheid, vooral die van vrouwen.

Geen vette knipoog
'Submission' was geen satire maar een pamflet, en daar werd Van Gogh opvallend genoeg op afgerekend door dezelfde critici die hem eerder altijd verweten zijn boodschap met omlijstende flauwekul te ondergraven. Nu er een Theo van Gogh was opgestaan zonder vette knipoog, een Van Gogh die nota bene met een invloedrijk Kamerlid samenwerkte, klopte het voorheen zo overzichtelijke rollenspel ineens niet meer. Je kon Theo van Gogh verfoeien, of zijn werk met de mantel der liefde bedekken door hem als een puber af te schilderen, maar hem volledig serieus nemen, daar had hij zelf toch nooit enige aanleiding toe gegeven?

Nu Van Gogh ineens een film had gemaakt die van elke grap of knipoog was ontdaan, moesten de fatsoensrakkers van het Land van Foei de plooien op een andere manier gladstrijken. Hun oplossing? De moord op Van Gogh herschrijven als een ironische parabel. Sla de necrologieën uit november 2004 er maar op na: belhamel doet één keer in zijn leven iets ernstigs, en uitgerekend die daad moet hij met zijn leven betalen. Het 'boontje komt om zijn loontje' staat er nog net niet bij. Zo werd Theo van Gogh postuum alsnog in een benepen moraalverhaal ingepast.

De Belgische auteur Tom Lanoye, over het algemeen bepaald geen fan van 'gezonde roker' Van Gogh, sloeg de spijker op zijn kop toen hij schreef dat de Nederlandse intelligentsia Van Gogh stelselmatig heeft proberen weg te relativeren (Theo als onze Pietje Bell): "Zou ook maar iemand na de moord op Pasolini vertederd hebben gesproken over het wegvallen van 'onze Pinocchio'?"

Volkse cultuur
Ook al kan geen enkele Van Gogh-film zich meten met het beste werk van Pasolini, de associatie met de Italiaan is zo gek nog niet. Ze deelden een met de jaren toenemend moreel pessimisme. En ze werden allebei - triviaal detail - op Allerzielen vermoord. Maar waar Van Gogh zichzelf presenteerde als 'dorpsgek', stond Pasolini bekend als intellectuele scomodo, provocateur.

Pasolini - lid van de generatie van Van Goghs ouders - was niet bang om een grootse visie op Italië te formuleren, een visioen dat aan elkaar hing van het soort maakbaarheidspretenties waarvan Van Gogh gruwde. Zo zag Pasolini Italië als een land dat zich weer moest oriënteren op de waarden van de oude 'volkse' cultuur, maar wel met het vizier gericht op een 'oprecht' marxisme. Kom er nog maar eens om.

Ochtendkranten na de moord op Theo van Gogh. Beeld anp
Ochtendkranten na de moord op Theo van Gogh.Beeld anp

We hebben Theo van Gogh nooit horen orakelen over de natuurlijke staat van de oude Germanen, of over de noodzaak om het land aan een ideologie te onderwerpen. Hij noemde zichzelf een lid van de 'nihilistische gemeente'. Maar als hem gevraagd werd uit te drukken welke waarden hij nu eigenlijk wél verdedigde, refereerde hij - wederom zonder ironie - aan het Nederland van Spinoza, het Amsterdam waar de boeken van Voltaire het eerst werden gedrukt, en voegde hij eraan toe "(...) dat Wim T. Schippers nergens ter wereld op televisie zo tegen de schenen van God en de gelovigen zou mogen aanschoppen als uitgerekend hier. (...) Dat Provo er eerder was dan de beweging van mei '68. (...) Is dat veel? Voor mij is 't genoeg."

Ik mis Theo van Gogh, omdat hij - met inbegrip van al zijn gescheld - op deze traditie van dwarse vrijdenkers voortborduurde. Die traditie was voor Van Gogh genoeg, maar volgens de Amerikaanse politicoloog Mark Lilla is de rek eruit. In De Groene zei hij: "Als vrijheid onze enige waarde is, dan gaat dat onvermijdelijk clashen met de islamitische cultuur van migranten."

IS-sympathisanten
Als Theo van Gogh nog geleefd had, zou hij dan de uitkomst van zijn cassandravoorspellingen er bij televisiekijkers en krantelezers hebben ingewreven? De realiteit van de jihad van eigen bodem staat immers niet ver af van Van Goghs grove schimpscheuten over een radicaal-islamitische 'vijfde colonne' in Nederland.

Het ligt extra gevoelig om Theo van Gogh te herdenken nu er IS-sympathisanten met zwarte vlaggen door Den Haag lopen. Ongetwijfeld zou hij die demonstraties hartgrondig hebben verafschuwd.

Maar zou hij hebben ingestemd met het ingrijpen door burgemeester Van Aartsen, handhaver van law & order? Of had hij liever een Gauloise aangestoken met het demonstratieverbod in de Schilderswijk, moord en brand schreeuwend dat zo'n verbod ongrondwettelijk is? Met zekerheid kan ik het niet zeggen. Dat is de pest met echte dwarsdenkers, ze zijn niet voorspelbaar. En ook daarom mis ik Theo.

Alle films van Theo van Gogh zijn nog tot 2 november te zien in EYE Amsterdam.

In het Stadsarchief Amsterdam (en op de site) is een selectie te zien van de rouwbetuigingen die op de moordplaats van Theo van Gogh zijn achtergelaten. Het briefje boven dit artikel is genomineerd als archiefstuk van het jaar, stemmen kan op deze site.

Maurice van Turnhout (1979) schrijft in Trouw over filosofie, is filmhistoricus en regisseur ('Fopsnor'). Hij werkt aan 'Kameraden', een speelfilm over links-radicalen in de jaren zeventig.

Koranteksten

In 'Submission' (Van Gogh/Hirsi Ali, 2004) stonden de volgende koran-teksten - in gekalligrafeerd Arabisch - op een naakte vrouw:

* Geselt iedere echtbreekster en echtbreker met honderd slagen. Laat een groep gelovigen getuige zijn van hun bestraffing.

* Zeg tot de gelovige vrouwen dat zij ook haar ogen neergeslagen houden en hun passies beheersen, en dat zij haar schoonheid niet tonen, en dat zij haar hoofddoeken over haar boezem laten hangen.

* Mannen zijn voogden over de vrouwen. Deugdzame vrouwen zijn dus zij, die gehoorzaam zijn. En degenen, van wie gij ongehoorzaamheid vreest, wijst haar terecht en laat haar in haar bedden alleen en tuchtigt haar.

Op 2 november 2004 schoot Mohammed B. Theo van Gogh neer en sneed hem de keel door. De moord op deze 'vijand van de islam' was zijn 'religieuze plicht'. B. plantte met een mes een open brief aan Ayaan Hirsi Ali in Van Goghs borst. Hirsi Ali was voor zo'n aanslag te goed beveiligd. B. wilde Nederlanders bang maken en hun politieke stelsel ontwrichten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden