Waarom houdt Europa toch zo vast aan die 3 procent?

Protesten tegen de werkloosheid in het centrum van Napels. Beeld epa

De meeste Nederlandse economen zijn tegen, zo bleek maandag uit een enquête. Nobelprijswinnaar Paul Krugman is tegen, al jaren, voor wie het ontgaan mocht zijn. De meeste grote industrielanden buiten Europa zijn tegen. Net als het IMF en eigenlijk ook steeds meer landen binnen Europa tegen zijn.

Waar het over gaat? Het vasthouden aan de norm dat landen die deel uitmaken van de euro, zich zouden moeten houden aan een maximumgrens voor het begrotingstekort van 3 procent van het bruto binnenlands product. En in het verlengde daarvan de eis dat de staatsschuld lager moet liggen dan 60 procent van wat een land jaarlijks verdient. Als zo veel mensen tegen zijn, en die groep bovendien de laatste tijd alleen maar groter lijkt te worden, waarom houdt Europa dan zo stevig aan die norm vast?

Begrotingsbeleid Griekenland
Voor het antwoord moeten we terug naar 1991, als het Verdrag van Maastricht wordt getekend. Dat schrijven vormt de basis van de toekomstige muntunie, en bepaalt de spelregels waaraan alle landen met de euro zich zouden moeten houden. De angst van veel landen - vooral Duitsland destijds, maar ook Nederland - is dat in de toekomst het lakse begrotingsbeleid van enkelen voor alle eurolanden problemen gaat opleveren.

In de eerste tien jaar van de euro lijkt daar nog weinig sprake van. Hoewel het eerder regel dan uitzondering is dat landen zich niet aan de genoemde normen houden, lukt het alle landen hun tekorten en staatsschuld tegen doorgaans lage rentes te financieren.

Pas in 2009 gaat het voor het eerst mis. Beleggers ontdekken plots de penibele positie van Griekenland: een hoog begrotingstekort, een hoge staatsschuld, en een weinig concurrerende economie. De rente voor het land schiet omhoog, waarmee de problemen alleen maar erger worden. Het land is steeds meer kwijt aan rente op en aflossing van schuld, waardoor de tekorten verder oplopen. Er valt nauwelijks tegen die trend op te bezuinigen om zo de tekorten te verkleinen.

Andere landen moeten te hulp schieten om ook voor zichzelf erger te voorkomen. Want kan een euroland wel failliet gaan? En wat zijn dan de gevolgen voor de andere landen?

Lage rente
Vrijwel alle eurolanden schieten in 2009 over het maximumtekort dat eerder in Maastricht is afgesproken. De Europese Commissie begint daarom voortvarend met de zogeheten 'buitensporig tekortprocedure' tegen verschillende landen. Gesterkt door de ontsporing van Griekenland wil de Commissie dat landen zo snel mogelijk weer sluitende overheidsboeken laten zien. Dat moet ervoor zorgen dat de rente in alle eurolanden laag blijft, en de schuld betaalbaar.

Maar vier jaar van voornamelijk economische krimp en nauwelijks verbeterde begrotingstekorten later, willen steeds meer mensen af van de strikte begrotingsnorm. De rente voor veel landen ís immers laag, en uitzonderlijke actie van de Europese Centrale Bank heeft ervoor gezorgd dat ook probleemlanden als Spanje en Italië tegen normale tarieven geld kunnen lenen. De 3-procentsnorm staat steeds meer ter discussie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden