Column

Waarom Cormac McCarthy naar de nobelprijs kan fluiten

Cormac McCarthy.Beeld anp

Van Cormac McCarthy had ik nog nauwelijks gehoord toen zijn naam vijf jaar geleden opdook als mogelijke Nobelprijswinnaar voor de literatuur. Amerikaan in hart en nieren, vooral bekend door zijn lijvige Grenstrilogie over het plattelandsleven op het snijvlak van Texas en Mexico - zo begreep ik.

Tot het grote publiek drong hij door dankzij de verfilming van No country for old men en later de apocalyptische toekomstroman The Road. Dat bleek uiteindelijk niet voldoende voor een bekroning. In 2010 ging de hoogste literaire prijs ter wereld naar de Peruaanse schrijver Mario Vargas Llosa en ook daarna viste McCarthy achter het net.

Maar wat niet is kan nog komen - en vlak voor de zomer kreeg ik de roman Suttree cadeau, die wel als McCarthy's meesterwerk beschouwd wordt. Twintig jaar geleden verscheen hij al eens in een Nederlandse vertaling. Nu mag hij het opnieuw proberen, eindelijk onder de originele titel, want 'Suttree' is de eigennaam van de hoofdpersoon. Bud Suttree is een mislukte veertiger die zichzelf als visser in leven houdt aan de rivier van Knoxville, naamgever van de staat Tennessee. Het is heartland America; ik moest even opzoeken waar het allemaal precies lag.

Onopgesmukt
McCarthy is geen schrijver die koketteert met diepzinnigheid. Hij beschrijft wat je kunt zien, horen en eventueel ruiken of proeven. Positivistischer literatuur is nauwelijks denkbaar. Verwacht geen beschrijvingen van het innerlijk van McCarthy's personages. 'Is alles goed? - D'r waren lui hier - Wat? - D'r waren lui hier. - Je hebt zeker spoken gezien': dat is een typische McCarthy-dialoog. In de beschrijving van de handelingen gaat het er net zo onopgesmukt aan toe.

Eerlijk gezegd heeft zo'n stijl meestal mijn voorkeur niet. Maar twee dingen kluisterden mij onweerstaanbaar aan Suttree. Ten eerste het overweldigend rijke woordgebruik - vaak puttend uit vakbargoens en visserslatijn of (zoals in de trilogie) de cowboytaal van de paardenfokkerij. Soms waan je je bijna in de taalsensualiteit van de Welshe dichter Dylan Thomas. De bewonderenswaardige vertaling brengt het even beeldend in het Nederlands over.

Zintuiglijkheid
Misschien is die zintuiglijkheid de keerzijde van McCarthy's positivisme. Waar alleen buitenkant ertoe doet, krijgt de fysieke presentie van de dingen vanzelf het volle pond. En dan komt er in het proza van McCarthy iets vreemds op gang. Zo kaal als de vertelling is, zo meeslepend wordt ze door... tja, door wat? Het poëtische vocabulaire alléén is daarvoor ontoereikend. Er moet een ander, tweede geheim in Suttree schuilen: iets verslavends in wat stuk voor stuk banale voorvallen zijn in de niet eens bijzonder aantrekkelijke, avontuurlijke of boeiende geschiedenis van Bud Suttree.

Dat is misschien het wonder van wat literatuur vermag en waaraan McCarthy zijn kansen op de Nobelprijs te danken had. Maar tegelijk is er één reden waarom hij die waarschijnlijk niet krijgen zal. Op driekwart van het verhaal sluit Suttree zich aan bij een haveloos gezin en met de oudste, maar nog altijd zéér minderjarige dochter gaat hij een kortstondige relatie aan. 'Haar zachte dijen, haar kinderlijke schaamteloosheid, haar handjes op zijn billen. Haar gekerm als een jong hondje.' Geen gelegenheid laat McCarthy voorbijgaan om te benadrukken hoe pril zij wel niet is.

Geen vonnis
Suttree verscheen in 1979 en dat waren andere tijden. Vandaag de dag behoort seks met minderjarigen opnieuw tot de krachtigste morele taboes - maar McCarthy spreekt er geen oordeel over uit. Wat gebeurt gebeurt; en na enige tijd komt er een eind aan en ís het gebeurd. Dat is alles. Geen vonnis, geen straf, geen poëtische gerechtigheid.

Ik weet niet of het Nobelprijscomité zoiets vandaag de dag nog door de vingers ziet. Wie de laureaten van het afgelopen decennium bekijkt, ziet bijna zonder uitzondering schrijvers wier boodschap ethisch en politiek vlekkeloos in orde is. Modiano, Munro, Vargas Llosa, Herta Müller, Doris Lessing, Orhan Pamuk: wat zij schrijven is góed en opbouwend voor de mensheid - zoals Alfred Nobel het indertijd bedoeld had.

Het leven is wispelturig en de geschiedenis van de Nobelprijzen nog veel meer. De winnaars zijn elk jaar weer een verrassing. Maar zou ik niet snel gokken op Cormac McCarthy. Er zijn veiliger keuzen in de literatuur. De tijdgeest neemt liever geen risico's.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden