Review

Waarheid is land zonder wegen

Voor dit artikel is gebruik gemaakt van het het gedenkboek 'Waarheid zonder weg; 100 jaar Krishnamurti', Mirananda, ¿ 37,50.

Krishnamurti, inmiddels 89 jaar oud maar in kracht ongebroken, kwam de grote tent binnen, ging op een stoeltje zitten en keek om zich heen. Hij nam het woord en zei: “Ik kom hier nu al jaren en ik zie hier gezichten om mij heen die ik ook al jaren zie. Waarom komen jullie toch steeds terug? Om naar mij te kijken? Om een goeroe te verheerlijken? Luisteren jullie eigenlijk wel naar wat ik te zeggen heb?”

Marcel liet deze woorden tot zich doordringen en kwam tot de conclusie dat de oude man gelijk had. “Hij zei steeds weer dat we niet naar anderen moesten luisteren, óók niet naar hem. Dat we geen goeroes moesten volgen en dat we altijd moesten twijfelen aan wat anderen zeggen. Hij bedoelde dat niet egoïstisch, maar zag dat als de enige manier voor een mens om in vrijheid te leven. Niet andere mensen volgen of opvattingen of dogma's, maar de waarheid zoeken in jezelf.”

De toen 22-jarige Marcel realiseerde zich met een schok dat hij niet aan Krishnamurti's lippen moest blijven hangen, maar in zijn eigen leven aan de slag moest met de vragen waarmee de indrukwekkende oude man hem geconfronteerd had. Vragen die hem - voor het eerst in zijn leven - echt aan het denken hadden gezet: 'waar zijn we allemaal toch zo bang voor?', 'wat is religie?', 'waarom is er zoveel geweld?', 'is het echt wat wij doen of rennen we maar wat achter dingen aan?'

“Mijn vriendin en ik zijn toen onmiddellijk uit Saanen vertrokken en hebben de rest van de vakantie aan het strand van de Middellandse zee doorgebracht. Het jaar daarop was er van gaan of niet gaan geen sprake meer, want in februari 1986 stierf Krishnamurti. Maar zijn invloed op mijn leven is blijvend. Ik heb van hem geleerd wezenlijke vragen te stellen, steeds opnieuw vragen te stellen en daarin steeds dieper af te dalen. Ook ben ik door hem meer gaan relativeren, zowel op materieel vlak als in mijn werk. Ik geloof dat ik niet zo'n Streber ben.”

Marcel Ouddeken behoort tot de laat-twintigste-eeuwse toehoorders van Krishnamurti die hem, anders dan zijn kritiekloze aanbidders uit de jaren twintig, níet op een voetstuk zetten maar daadwerkelijk bereid waren met hem mee te denken over wezenlijke levensvragen. Hij moest er 90 voor worden, maar het genoegen dat er uiteindelijk jonge mensen waren die echt begrepen waar het hem om te doen was, heeft de Indiase prediker van de geestelijke vrijheid dan toch nog mogen smaken.

Wonderlijk

Krishnamurti's levensverhaal blijft een wonderlijke geschiedenis. Hij kwam ter wereld als het achtste kind van Jiddu Sanjeevamma en Jiddu Narianiah. Wanneer het achtste kind een zoon is, is het bij hindoes gebruikelijk hem Krishnamurti te noemen - belichaming van Krishna -, naar de god Krishna, die zelf ooit als achtste kind werd geboren. Zijn moeder had al voor zijn geboorte het gevoel dat zij een bijzonder kind ging baren. Geheel tegen de tradities in stond zij erop in de puja-kamer te bevallen, die orthodoxe hindoes alleen gebruiken om erin te bidden.

Krishnamurti's vader was, hoewel orthodox brahmaan, lid van de Theosofische vereniging. Na zijn pensionering bood hij zijn diensten aan de vereniging aan en verhuisde daarom in 1909 met zijn kinderen - zijn vrouw was in 1905 overleden - naar Adyar, waar het theosofische hoofdkwartier was

gevestigd.

Toen Krishnamurti veertien jaar was - een dromerig kind dat vaak ziek was en niet bijzonder opviel op school - werd hij slenterend over het strand van Adyar 'ontdekt' door Charles Webster Leadbeater, voormalig anglicaans geestelijke en rechterhand van dr. Annie Besant, sinds 1907 de leading lady van de Theosofische vereniging. Besant en Leadbeater zagen in de jongen de nieuwe 'Wereldleraar', de nieuwe 'messias'.

Voor het goede begrip: de theosofen geloven in 'Meesters', volmaakte wezens die een rol spelen in het geestelijke bestuur van de wereld. Op een nog hoger plan dan de Meesters staat de figuur van de Maitreya Boeddha, de Wereldleraar, die volgens de theosofische leer tweemaal eerder in de geschiedenis van de mensheid was afgedaald in een menselijk lichaam, eenmaal in dat van Krishna en de tweede maal in dat van Jezus van Nazareth. De theosofische leiders achtten de tijd rijp voor een derde incarnatie van de Wereldleraar en geloofden de opdracht te hebben daarvoor een 'waardig lichaam' te zoeken. In Krishnamurti meenden Besant en Leadbeater dat gevonden te hebben. Volgens Leadbeater had hij de prachtigste 'aura' (uitstraling) die hij ooit had gezien.

Vader Jiddu Narianiah stemde erin toe dat Annie Besant Krishnamurti en diens broertje Nityananda, van wie hij onafscheidelijk was, meenam naar Europa om hem daar verder op te leiden en voor te bereiden op zijn wereldtaak. In 1911 richtte Besant de Orde van de Ster van het Oosten op, een puur theosofisch produkt met de toen nog piepjonge Krishnamurti aan het hoofd.

Ommen

Een cruciale periode uit Krishnamurti's leven is zijn verblijf in Nederland, in het bijzonder Ommen. Daar kwam hij terecht omdat Philip baron van Pallandt hem diens achttiende-eeuwse kasteel Eerde aanbood. Aanvankelijk weigerde hij, omdat hij geen persoonlijke bezittingen wilde, maar op aandrang van mevrouw Besant stemde hij er tenslotte in 1923 mee in dat het kasteel met de bijbehorende 1700 hectare bos, heide en akkers, werd overgedragen aan een stichting onder zijn voorzitterschap.

Zo werd kasteel Eerde het Europese hoofdkwartier van de Orde van de Ster van het Oosten, die geheel en al om de persoon van Krishnamurti draaide. De Sterkampen in Ommen werden een begrip. Tussen 1924 en 1938 zijn ongeveer 20 000 mensen uit een veertigtal landen in Ommen geweest om naar Krishnamurti te luisteren. De kampen vormden mede door de deelname van kunstenaars - acteurs en musici - een impuls voor het cultureel en geestelijk klimaat in Nederland. Enkele bekende namen van bezoekers: acteur en toneelschrijver Herman Roelvink, danseres Corrie Hartong, pianist Hans Schouwman, de Amerikaanse dirigent Leopold Stokowski, beeldhouwer/verzetsstrijder Gerrit Jan van der Veen en vlieger-schrijver A. Viruly.

Keurslijf

De kampen bleven tot 1938 bestaan maar de Orde van de Ster was een veel korter leven beschoren. Het keurslijf van de Orde begon Krishnamurti zozeer te knellen, dat hij haar in 1929 op 33-jarige leeftijd ontbond. Duizenden luisteraars, zowel in Ommen als aan de radio luisterden op de ochtend van 3 augustus 1929 naar de toespraak waarmee hij de Orde ophief.

Hij sprak daar de beroemd geworden woorden: “Waarheid, zeg ik u, is een land zonder wegen erheen, dat langs geen enkel pad, door geen enkele godsdienst, door geen enkele sekte, is te bereiken. Dat is mijn standpunt, daar houd ik absoluut en onvoorwaardelijk aan vast. Omdat waarheid onbegrensd, absoluut en onbenaderbaar is, langs welke weg ook, is ze niet te organiseren en er moeten dan ook geen organisaties worden gevormd om mensen, vrijwillig of onder dwang, in een bepaalde richting te leiden. Als je dat doet, wordt het een geloofsovertuiging, een sekte, een godsdienst, die aan anderen wordt opgelegd. Niemand van buitenaf kan ons vrijmaken. Daarom, het is mij er niet om begonnen een nieuwe godsdienst of een nieuwe sekte te stichten, of nieuwe theorieën of nieuwe filosofieën in te voeren. Integendeel, het gaat mij om het enige dat wezenlijk belangrijk is, dat de mens echt vrij zal zijn”.

Op dat moment rekende Krishnamurti definitief af met de theosofische claim dat hij de Wereldleraar, de nieuwe messias zou zijn. “Het staat u vrij”, zei hij, “andere organisaties op te zetten en iemand anders te verwachten. Dat interesseert mij niet. Het enige waar het mij om gaat is de mens absoluut en onvoorwaardelijk vrij te maken”. Vele jaren later, in 1969 vroeg een verslaggever van het Algemeen Handelsblad hem nog eens naar zijn Ster-verleden. Hij lachte fijntjes en zei toen: “Dat was een vergissing. Toen ik nog jong was, hadden ze uitgemaakt dat ik de grote leraar van de wereld zou zijn en hebben ze voor mij die hele organisatie opgericht. Dat is voorbij”.

Imago

Was voor Krishnamurti zelf dat hele theosofische circus met die huizenhoge verwachtingen al in 1929 definitief voorbij, de tragiek van de man is misschien wel dat hij de rest van zijn leven heeft moeten vechten tegen het imago van de goeroe die hij niet wilde zijn, maar in de ogen van velen tòch was.

Ook van de theosofen kwam hij, ondanks zijn breuk met de Theosofische vereniging maar moeilijk af. Ze bleven hem overal achtervolgen met hun vragen. Over het bestaan van de Meesters bij voorbeeld. “Waarom willen jullie weten of de Meesters al of niet bestaan? 'Omdat', zeggen jullie tegen jezelf, 'Meesters ons door de onstuimige woelingen kunnen loodsen, zoals het licht van de vuurtoren de zeeman leidt'. Maar dat je dat zegt, toont aan dat je enkel maar een veilige haven zoekt en bang bent voor de open levenszee.”

Steeds opnieuw hield hij zijn toehoorders voor dat zij de waarheid in zichzelf moesten zoeken en dat de enige weg was om waarlijk vrij te worden. “Om inzicht te kunnen hebben in de waarheid moet je alleen staan, volstrekt alleen. Geen Meester, geen leraar, geen goeroe, geen systeem, geen zelfdiscipline zal ooit de sluier oplichten, waarachter de wijsheid verborgen ligt. Wijsheid is inzicht hebben in blijvende waarden en die in je leven tot uitdrukking brengen. Niemand kan je bij de wijsheid brengen. Dat ligt toch voor de hand?”

In de tweede wereldoorlog hield Krishnamurti zich op in Californië, waar hij bevriend raakte met Aldous Huxley. Dat was niet de enige bekendheid met wie hij omging. In de jaren zestig en zeventig heeft hij zijn ideeën uitgewisseld met wetenschappers als David Bohm - leerling en medewerker van Alfred Einstein - en Rupert Sheldrake en met politici zoals Indira Gandhi.

Terug

Vanaf 1961 sprak Krishnamurti voortaan elk jaar in het Zwitserse bergdorpje Saanen. In 1955 was hij voor het eerst terug in Nederland. Hij kreeg opnieuw veel publiciteit. In de jaren zestig en zeventig nam de belangstelling van de pers echter af. Hoeveel betekenis Krishnamurti nu nog heeft in Nederland is moeilijk vast te stellen. De tastbare feiten zijn dat zijn boeken nog steeds worden verkocht en dat er Krishnamurti-informatiecentra zijn die op diverse plaatsen in het land videovertoningen organiseren. Verder is er de Stichting Krishnamurti Nederland, die in de Deventer bibliotheek een documentatie- en studiecentrum heeft en twee maal per jaar een nieuwsbrief uitgeeft, die naar ongeveer 1700 adressen gaat. Maar de invloed waar het Krishnamurti om ging, de revolutie in het innerlijk van mensen, laat zich moeilijk meten.

De Stichting Krishnamurti Nederland opent vandaag in de bibliotheek van Deventer een tentoonstelling over het leven van Jiddu Krishnamurti. Later gaat de expositie naar Amsterdam en Rotterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden