Waar zijn de korenbloemen gebleven?

Vroeger hoorden korenbloemen en klaprozen bij de graanakkers. In vaak niet eens oude flora's worden korenvelden nog steeds als hun voornaamste groeiplaats aangegeven. Daaruit zijn nu vrijwel alle onkruiden verdwenen. Vervangen door maïsakkers zijn ook graanvelden schaars geworden.

De akkeronkruiden zijn meegelift met het zaaigraan van de eerste landbouwers, die zich hier vanaf 5300 v.Chr. vestigden. Voor een deel zijn ze afkomstig uit de steppen van Zuidoost-Europa. Korenbloem, klaproos en bolderik komen oorspronkelijk uit Klein-Azië.

De echte akkerplanten hebben zich aangepast aan de cyclus van het graan. Zij ontkiemen tegelijk met het koren, bloeien als het graan bloeit en hebben rijp zaad als het graan wordt gemaaid en gedorst. Zo kwam hun zaad tussen het zaaigraan en werd het duizenden jaren lang steeds weer opnieuw uitgezaaid.

Een hele reeks vroegere akkerplanten, waar meer over te vertellen valt dan ik hier kwijt kan, is in de vorige eeuw door onder meer rigoureuze zaaizaadselectie uitgestorven of op zijn minst zeldzaam geworden. Sommige weken uit naar andere groeiplaatsen en deden daar hun voordeel mee. Zoals de klaprozen, die tegenwoordig in wegbermen groeien. Klaprooszaad behoudt jarenlang zijn kiemkracht. Daarom zien pas omgewerkte wegbermen al binnen een jaar rood van de klaprozen.

Vroeger algemeen

Korenbloemen, in een adem genoemd met klaprozen, waren vooral op de hoge zandgronden algemeen in korenvelden. Korenbloemen vind je nog maar zelden op de akker.

De wilde ridderspoor was met zijn paarsblauwe langgespoorde bloemen een opvallende verschijning in wintergraanakkers in het oostelijke deel van het rivierengebied. Als je hem tegenwoordig tegenkomt, is hij ontsnapt uit heemtuinen, want in het wild werd de ridderspoor voor het laatst gevonden in 1981. In de negentiende eeuw ging de plant al achteruit. Buiten onze landsgrens is hij in Midden- en Zuid-Europa nog wel aan wegkanten te vinden. Als oorzaken voor zijn verdwijning worden onkruidverdelgingsmiddelen en zaadschoning genoemd.

Dat geldt ook voor de akkerboterbloem, die veel voorkwam in wintergraanakkers op kalkhoudende, wat lemige grond. Sinds 1950 is de soort met meer dan tachtig procent afgenomen. In Zuid-Limburg ligt het zwaartepunt van zijn tegenwoordige verspreiding, maar ook daar neemt de soort in snel tempo af.

Verdwenen winterroggeakkers

De bleekgele hennepnetel kwam voor op winterroggeakkers. Tegenwoordig groeit hij nog wel in open weg- en spoorbermen op de kalkarme pleistocene zandgronden, het meest nog in Noord-Brabant. De sterke achteruitgang heeft, net als van andere rogge akkerplanten, vooral ook als oorzaak dat er vrijwel geen rogge meer wordt verbouwd. De bleekgele onderscheidt zich van andere hennepnetels door de geelwitte lipbloemen met een grote citroengele vlek op de onderlip. Hennepnetels lijken op dovenetels.

Eironde leeuwenbek en spiesleeuwenbek beleefden hun glorietijd als het graan gemaaid was, in de stoppelvelden. Daarom heten ze tegenwoordig stoppelleeuwenbekken, al groeien ze ook op aardappel- en bietenakkers. Omdat ze pas laat in bloei komen, is zaaizaadschoning niet de oorzaak van hun achteruitgang. Eerder lijken chemische onkruidbestrijding en omzetting van akkers in grasland de reden waarom ze allebei inmiddels zo zeldzaam zijn geworden dat ze op de rode lijst van bedreigde plantensoorten staan. Het zijn allebei kruipende planten met kleine leeuwenbekbloemen, met paarsbruine bovenlip en gele onderlip. De spiesleeuwenbek, van de eironde te onderscheiden door zijn spiesvormige bladeren, kom je nog wel eens tegen langs spoorwegen in het rivierengebied.

Akkerleeuwenbek

Dat kan je ook gebeuren met de helder rozerode akkerleeuwenbek. Vroeger kwam deze rodelijstsoort voor op lemig zandige hakvruchtakkers. Dit fraaie plantje is nog wel te vinden in Zuid-Nederland. Dat spies-, eironde en akkerleeuwenbek zo zeldzaam zijn, ligt niet alleen aan moderne akkerbouwmethoden. In ons land zitten zij aan de rand van hun verspreidingsgebied. Daar zijn planten- en diersoorten altijd kwetsbaar en verdwijnen ze al bij een geringe aanleiding.

De gele ganzebloem valt op door zijn grote composietbloemen en blauwgroene blad. In Noord-Brabant en Limburg en merkwaardig genoeg ook op Terschelling vind je nog ganzebloemen op kalk arme, maar voedselrijke zandige akkers.

Het akkerviooltje is veel forser dan het verwante driekleurige viooltje, maar het heeft kleinere roomwitte, vaak wat violet aangelopen bloemen met een gele keel en een honingmerk van zwarte streepjes. Het is een van de weinige nog gewone akkerplanten, maar uit de velden verbannen naar de wegkant.

Giftig zaad

De bolderik is vrijwel uit graanakkers verdwenen door zaaizaadzuivering en het gebruik van onkruidbestrijdingsmiddelen. De zwarte bittere zaden werden nogal eens met de rogge meegemalen en in het brood meegebakken. Als je dat brood at, kreeg je een acute vergiftiging. Een paar gram van het zaad verwekt al irritaties van de maag- en darmslijmvliezen. Hogere doses kunnen inwendige organen ernstig beschadigen.

Van dit akkeronkruid is bewezen dat het al in de Romeinse tijd in graanvelden voorkwam: zaden werden in de Romeinse nederzetting in Valkenburg (Zuid-Holland) tussen resten van graan aangetroffen.

De lichtrode bloemen met ver buiten de kroon uitstekende smalle spitse kelkbladeren zijn nog steeds te zien in wegbermen in de randstad, waar bolderik opzettelijk wordt uitgezaaid.

Ingezaaide wegbermen

Veel voormalige akkerplanten kom je tegenwoordig weer tegen in door gemeentelijke plantsoenendiensten ingezaaide wegbermen. Natuurlijk hebben vondsten in zulke wegbermen geen floristische betekenis. Soms is het zaad niet eens uit ons land afkomstig.

Gelukkig zijn er ook een paar reservaten, waar akkeronkruiden in stand worden gehouden. Het beroemdst zijn de akkeronkruidreservaten bij Valkenburg (het Gerendal) en Wahlwiller, beide in Zuid-Limburg, en de Anser es bij Ruinen (Drenthe).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden