Waar zijn de Dominicus- jongeren?

Met politiek engagement, minder regels en liederen van Huub Oosterhuis blijft de kerk vol, dachten verschillende katholieken een halve eeuw geleden. Ze braken met Rome. Wat is de balans na vijftig jaar vernieuwing?

Gefilterd licht valt de Amsterdamse Dominicuskerk binnen. Pastor Mirjam Wolthuis, gekleed in een lichtblauwe spijkerbroek en een makkelijke bloes, neemt het woord. "Goedemorgen, beste vredestichters en zuiveren van hart", zegt ze. Een paar honderd paar ogen kijken haar aan. Deze zondagochtend staat in het teken van mystieke ervaring, een zoektocht naar het zuivere binnenste. In de overweging, luttele ogenblikken later, staan passages uit het dagboek van Etty Hillesum centraal. De in Auschwitz vermoorde Joodse schrijfster is een 'mystieke geest', vertelt een tweede voorganger. Hillesum ervoer God niet als een hoog wezen, maar als een innerlijke werkelijkheid, zo verklaart hij. "Wij willen die werkelijkheid in ons aanspreken."

De kerk in het centrum van Amsterdam ontstond precies een halve eeuw geleden uit een rooms-katholieke beweging die streefde naar vernieuwing. De kerkelijke manier van denken werd gezien als verstard en verkalkt. Kerk zijn moest radicaal anders, zo was de gedachte. Neem het lezen van de Bijbel. Dat ging voortaan hand in hand met hartstochtelijke aandacht voor allerlei noden in de maatschappij en de emancipatie van vrouwen en homo's. Ook was het zaak om de scheidslijnen tussen katholieken en protestanten op te heffen. Uiteindelijk leidde de experimenteerdrift tot een breuk met Rome, zodat de gemeenschap sindsdien onafhankelijk is van welke kerk dan ook. Komende zaterdag wordt het vijftigjarig bestaan gevierd met een feestelijk symposium.

In het kielzog van de Dominicus ontstonden er tientallen gemeenschappen buiten een officieel kerkelijk verband. Hoe staat het er na een halve eeuw voor met deze zelfstandige gemeenschappen? Is er toekomst voor zelfstandigen op de religieuze markt in tijden van kerksluiting? En heeft de vernieuwing na vijftig jaar geleid tot het gewenste resultaat?

"De emancipatie, die in de beginjaren zo belangrijk was, is verregaand voltooid", vertelt Wolthuis op een ander moment in de pastorie van de Dominicus. Vol vuur spreekt ze over de kerk waar ze bijna twintig jaar pastor is. "Veel zaken waar de Dominicus als eerste mee kwam, zijn inmiddels in veel geloofsgemeenschappen gemeengoed." Ze spreekt over vrouwen die voorgaan bij vieringen, het sluiten van homohuwelijken en de vrijere omgang met het geloof. "Dat zijn geen issues meer." In plaats van het woord 'geloof' gebruikt Wolthuis liever de formulering 'de zoektocht naar de zin van het leven'. "Geloof, dat klinkt zo massief." Ideologisch zijn de standpunten minder geharnast geworden. Dat neemt niet weg dat de Bijbel nog steeds gelezen wordt als een maatschappijkritisch boek. "In de Bijbel is er steeds een appèl om om te zien naar je naaste en mensen in een kwetsbare positie."

Basisgroepen

Momenteel zijn er verspreid over Nederland ruim veertig van deze zelfstandige geloofsgemeenschappen, die zichzelf Basisgroepen en, iets langer geleden, Kritische Gemeenten noemden. Een bekend voorbeeld van het eerste uur is de Studenten-Ekklesia (Grieks voor 'kerk') van Huub Oosterhuis. Zijn liederen en gedichten zijn voor veel zelfstandige gemeenten een niet aflatende bron van inspiratie.

Inmiddels raakt de oude kern op leeftijd. Zo werd de Studenten-Ekklesia van Oosterhuis onlangs omgedoopt tot Ekklesia Amsterdam, want studenten zag je er nauwelijks meer. "Het is niet zo dat je met geweldige taal en zang je marktaandeel zomaar binnen hebt", zegt Henk Baars van de Mariënburgvereniging. Deze katholieke organisatie onderhoudt contacten met gemeenschappen buiten een officieel kerkelijk verband. Vooral jongeren laten het afweten. "Lageropgeleiden gaan eerder naar een evangelische gemeente, hogeropgeleiden vinden wekelijkse bijeenkomsten niet ideaal."

Hoe anders hadden de betrokkenen het zich voorgesteld in de jaren zestig van vorige eeuw. Gelovigen zouden zich vanzelf bevrijden van de knellende dogmatische banden als ze eenmaal zouden zien hoe het geloof nieuw elan kreeg door politieke engagement, andere taal en nieuwe liederen. Inmiddels doet deze voorstelling van zaken haast naïef aan. "Het verschijnsel is meer generatiegebonden dan je zou denken", zegt Baars.

Hoewel er hier en daar uitzonderingen zijn. Het publiek in de Dominicuskerk in Amsterdam mag dan overwegend grijs zijn, er lopen ook een aantal gezinnen rond. Op deze zondag gaat er een groep van tien kinderen naar de kinderdienst. Toch is er een afname in het bezoek. Momenteel zitten er bij een doorsnee viering vierhonderd mensen in de zaal. "Tien, twintig jaar geleden waren dat er wel zeshonderd", zegt Wolthuis van de Dominicuskerk.

Henk Baars twijfelt openlijk aan de levensvatbaarheid van veel zelfstandige gemeenschappen, die doorgaans tusen de dertig en honderd bezoekers trekken. Zijn eigen Mariënburgvereniging (die genoemd is naar een klooster bij Den Bosch) telde begin jaren tachtig zesduizend leden. Tegenwoordig is dat aantal gedaald tot minder dan 1500. Het gros heeft, meldt het jaarverslag, een 'hoge tot zeer hoge leeftijd'.

Baars: "Het is een sterke relativering van deze beweging. Je ziet dezelfde achteruitgang als in het hele westerse christendom."

Dat er vergrijzing is, staat vast. Tegelijkertijd lijkt zich een revival af te tekenen. Sinds een jaar of tien groeit het aantal nieuwe basisgroepen en kiezen bestaande parochies voor een onafhankelijke opstelling. Enkele voorbeelden: de Westfriese Ekklesia (Wognum, 2000), de Boskapel (Nijmegen, 2009), de Haagse Dominicus (2010), de San Salvator (Den Bosch, 2011), Ekklesia Twente (Hengelo, 2012) en de Ekklesia Tilburg (2013).

Onvrede over de koers van de katholieke kerk is een belangrijke drijfveer voor deze groepen om zelfstandig verder te gaan. In Den Bosch scheidde een groep gelovigen zich af van de San Salvatorparochie, na een knallende ruzie met het bisdom.

Ook in Twente vond een groep kerkgangers de sfeer in de rooms-katholieke kerk te kil worden. Ze begonnen in Hengelo voor zichzelf een oecumenische beweging, de Ekklesia Twente. "Van de groep van het begin is nog zo'n 20 procent over", zegt Han Paus, die vier jaar geleden een van de initiatiefnemers was. Een eigen gebouw is er niet. Op een doorsnee zondag bezoeken nog zo'n dertig tot vijftig mannen en vrouwen de schoolkantine van Lyceum de Grundel waar de Ekklesia bijeenkomt. "In het begin denken mensen: Hé, iets nieuws. Bij nader inzien lijkt het dan toch minder gezellig dan ze dachten." Paus hoopt dat studieavonden een nieuwe impuls geven.

Anders dan de kale schoolkantine in Hengelo, is de Dominicuskerk een indrukwekkend gebouw. Mirjam Wolthuis wijst op de quasi-middeleeuwse schilderingen uit de negentiende eeuw. Een mooi gebouw helpt bij het aantrekken van bezoekers, denkt ze. "Met al die kerksluitingen die er zijn, denk ik dat je een paar grote plekken zoals deze overhoudt om te vieren."

De kerkdienst in de Dominicuskerk, zondagmorgen.

Van de tachtig Basisgroepen nog veertig over

Van politiek activisme en afzetten tegen de gevestigde kerken is de nadruk komen te liggen op persoonlijke spiritualiteit bij de zelfstandige gemeenten. "Dat oppositionele, daar hebben de meeste bezoekers niets meer mee. Het is allemaal sterk gericht op de eigen geloofsbeleving", zegt Lodewijk Winkeler, hoofd van het Katholiek Documentatiecentrum in Nijmegen. Volgens Peter Nissen, kerkhistoricus aan de Radboud Universiteit Nijmegen, past dit naadloos in bredere maatschappelijke ontwikkeling. Hij legt uit dat de tijd van de grote volkskerken voorbij is in Nederland, net als in de meeste Europese landen. "Mensen gaan bijna niet meer naar een kerk omdat ze in de buurt wonen, maar omdat de liturgie en de verkondiging hen aanspreken. Wat overblijft zijn kleine gemeenschappen, met een diversiteit aan spiritualiteit en liturgische stijlen."

In de hoogtijdagen, de jaren zeventig van de vorige eeuw, waren er ruim tachtig Basisgroepen en Kritische Gemeenten. Tegenwoordig zijn het er iets meer dan veertig. Winkeler: "Van de groepen die nu nog actief zijn, stammen er dertien uit de jaren zeventig. Dat noem ik toch een redelijke overlevingskans. Ik denk al jaren: de zaak is aan het vergrijzen, maar op de een of andere manier blijft dat al heel lang zo. Er is dus vernieuwing, maar geen verjonging."

De Dominicus viert feest

Zaterdag 18 april viert de Amsterdamse Dominicuskerk het vijftigjarig bestaan met een jubileumconferentie. Met onder anderen Trouw-columnisten Marjolijn van Heemstra en Ger Groot. Het adres van de Dominicus is Spuistraat 12.

Toegang conferentie: euro 20. Opgeven via dominicusconferentie@gmail.com.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden