Waar zijn al die duizenden lijken van Srebrenica?

Mensen vermeld op de dodenlijst van Srebrenica hebben nochtans later meegedaan aan de verkiezingen. De moslimstrijders trokken zich daags voor verovering van de enclave terug. Doorgestoken kaart? De commissie-Bakker ging aan zulke cruciale vragen voorbij.

Goran Trkulja

Het onderzoek van de commissie-Bakker over Srebrenica doet me terugdenken aan het toneelstuk 'Srebrenica' dat ik in de zomer van 1996 in een Amsterdams theater zag. ,,Dat gaat over hen,'' zei een landgenoot na de première.

Daarmee bedoelde hij dat wij, Bosniaken en Bosnische Serviërs, ons eigen stuk over Srebrenica nog moesten schrijven. Want Srebrenica is een tragedie over de Bosnische Serviërs en Bosnische moslims en over de genocide die daar vermoedelijk is gepleegd. Terwijl 'Srebrenica' in dat Amsterdamse theater ging over het schuldgevoel van Nederlanders.

De Commissie-Bakker onderzocht de politieke houding van de Kamer en het kabinet met betrokken politici en ambtenaren voor, tijdens en na de val van Srebrenica in juli 1995. Heeft Den Haag politieke fouten gemaakt en zo ja waren die fouten te voorkomen? Doel van dat onderzoek is soortgelijke fouten te vermijden bij een volgende vredesmissie waaraan Nederlandse soldaten deelnemen. Wat er in Srebrenica in die paar dagen van juli 1995 echt gebeurde en waarom, daar gaat het onderzoek-Bakker niet over. Hoeveel mensen zijn omgekomen, hoeveel van hen zijn geëxecuteerd, waar de lijken zijn, wie er schuldig was, hoe de rollen bij die tragedie verdeeld waren. Juist de antwoorden op die vragen zijn voor de Bosniërs van cruciaal belang. Zowel Bosniërs en Bosniaken (moslims) als de Serviërs en Kroaten moeten de waarheid over de oorlog weten om elkaar vervolgens excuses te kunnen aanbieden en vergiffenis te verlenen.

Voor Nederlanders is de waarheid over Srebrenica belangrijk omdat het duidelijk kan maken wat de rol van Dutchbat daar echt was. Wat konden de Dutchbatters daar wel en wat konden ze niet doen of wat had er beter gedaan kunnen worden en wat hadden ze moeten laten. Het zou heel interessant zijn om een kijkje te nemen in de berichten die de Dutchbatters aan het VN-hoofdkwartier in Bosnië hebben gestuurd over de situatie ter plaatse en hoe het VN-bestuur daarop reageerde.

Tot vandaag is er niet definitief bekend hoeveel mensen in juli 1995 in Srebrenica zijn omgekomen. Het aantal van zo'n achtduizend namen op de lijst die het Rode Kruis na de val van de enclave samenstelde, is inmiddels gezakt naar zevenduizend en de forensische experts van het Joegoslavië-tribunaal hebben bij Srebrenica tot nu toe iets meer dan tweeduizend doden gevonden. Waar zijn de andere vijf of zesduizend lijken? Enkele Servische media hebben gemeld dat meer dan tweeduizend mannen, die als vermist in Srebrenica worden beschouwd, hun stem hadden uitgebracht bij de verkiezingen in Bosnië. Die geruchten zijn niet bevestigd, maar de twijfel is gezaaid. Het gebruik van aantallen slachtoffers voor politieke doelen is een praktijk die ook uit voormalig Joegoslavië bekend is. Zo zouden de Kroatische ustasja's, de Kroaten die in de Tweede Oorlog samenwerkten met de Duitsers, in het concentratiekamp Jasenovac tijdens de Tweede Wereldoorlog meer dan 700000 Serviërs, zigeuners en Joden hebben gedood. Dat was het officiële Joegoslavische cijfer.

De vorig jaar overleden Kroatische president Tudjman heeft dat getal teruggebracht naar 'slechts' 25 á 30 duizend. De waarheid ligt waarschijnlijk ergens in het midden. Dat voorbeeld noemde Senad Pecanin, de hoofdredacteur van het Bosnische tijdschrift Dani, tijdens een discussie over Srebrenica in verband met het aantal slachtoffers dat daar is gevallen. Dani, dat in Sarajevo verschijnt, sprak ook grote twijfel uit over de rol van Bosnische moslimleiders bij de val van Srebrenica: de strijders van Naser Oric, de bevelhebber van de moslimeenheden in Srebrenica, hadden de enclave ruim op tijd verlaten en zo kon Mladic er bijna wandelend binnenkomen. Het dilemma dat erdoor ontstond is: was de val van Srebrenica misschien gepland door de moslim SDA-partij met als doel de interventie van de Navo tegen de Bosnische Serviërs af te roepen? Of was er, misschien, een geheime deal gesloten tussen de Bosnische Serviërs en Bosniaken over de ruil van Srebrenica-gebied voor enkele gemeentes in Sarajevo? Was Naser Oric door zijn bevelhebbers opgeroepen de enclave te verlaten zodat Mladic daar alleen de ouderen, vrouwen en kinderen aantrof? Dat de moslimpartijtop niet had gerekend met de wraakzuchtige Servische militairen was slechts een onjuiste politieke voorspelling, maar de schuld daarvoor gaat toch naar de andere kant: naar de VN, en dus Dutchbat?

Dat zijn de vragen die Bosniërs beantwoord moeten krijgen. Zolang daar twijfel over bestaat en de waarheid buiten bereik blijft, kunnen de Serviërs en moslims geen begin maken met de normalisatie van hun betrekkingen. Nederlandse militairen zijn daar lang geweest. Als waarnemers hebben ze ook heel wat gezien. Met het openbaar maken van hun kennis, kunnen ze een belangrijke bijlage leveren aan het schrijven van moderne geschiedenis in en van Bosnië. Een veel belangrijker kwestie dan de commissie-Bakker kan oplossen.

De Nederlanders zijn er evenwel niet alleen als waarnemer geweest. Zij waren ook handelend en dus verantwoordelijk. Daarom is het niet alleen voor ons Bosniërs, maar ook voor de Nederlanders belangrijk de feiten van de gebeurtenissen in Bosnië te kennen. Dat verliezen de Nederlanders uit het oog.

Goran Trkulja is journalist afkomstig uit Bosnië

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden